Ter redactie Uitreiswet

Of het veel uitmaakt, reizen met ministeriële toestemming? ‘Als dat uitlekt, kunnen ze je zien als spion’

Even toestemming vragen voordat je naar een conflictgebied reist, dat leek de Tweede Kamer geen probleem. Vandaar dat de ‘uitreiswet’ zonder morren werd goedgekeurd. Zeer onterecht én gevaarlijk, vindt Ana van Es. 

Toen Ann van Es hoorde dat het voorstel voor de ‘uitreiswet’ door de Tweede Kamer was, moest ze iets doen. Dinsdag toog ze naar de Eerste Kamer. Beeld Arie Kievit

Een ‘toestemmingkje’ noemt senator Hugo Doornhof het. ‘Wat ik wil vragen aan mevrouw Van Es: maakt het echt zo’n groot verschil?’ De CDA’er zegt het alsof hij niet helemaal snapt wat er vandaag op het spel staat.

Ana van Es, Midden-Oostencorrespondent van de Volkskrant, heeft dan net een betoog van vijf minuten gehouden voor de leden van de Eerste Kamer. Ze legt het geduldig maar gedecideerd nog een keer uit. ‘Ik heb de afgelopen jaren gewerkt in landen als Syrië, Libië, Jemen en Irak. Als deze wet wordt ingevoerd, zou ik me daar nog onveiliger voelen dan nu.’

Van Es is op het Binnenhof om te praten over een nieuwe wet waar zij groot bezwaar tegen heeft. De wet werd in  september aangenomen in de Tweede Kamer en verplicht iedere Nederlander vooraf toestemming te vragen aan de minister van Justitie om uit te reizen naar een gebied dat onder terroristisch bewind valt. Wie dat nalaat riskeert een celstraf van maximaal twee jaar.

Het doel van de wet is om jihadisten makkelijker te kunnen berechten voor deelname aan terroristische activiteiten. Daarnaast wil de overheid voorkomen dat potentiële jihadisten naar die gebieden uitreizen.

‘Normale mensen gaan niet naar plekken waar dood en verderf de normale gang van zaken zijn’, zei Antoinette Laan (VVD) bij de stemming over de wet in de Tweede Kamer. Maar journalisten en hulpverleners doen dat wel. Moeten die nu opeens toestemming vragen aan de overheid om hun werk te doen?

Uitzondering

‘Ik heb begrip voor het idee van het wetsvoorstel’, zegt Van Es maandagavond voor de hoorzitting aan de telefoon. ‘Het is nu soms heel moeilijk te bewijzen wat jihadisten in Syrië hebben gedaan.’ Maar de wet zou volgens haar op zijn minst een categorische uitzondering moeten maken voor hulpverleners en journalisten, die onafhankelijk van de overheid opereren. Het kan: in Australië en het Verenigd Koninkrijk bestaat die uitzondering.

‘Journalisten die toestemming moeten vragen aan de overheid om hun beroep uit te oefenen, is volstrekt in strijd met het Europese verdrag van de rechten van de mens’, zegt Van Es. ‘En het is ook nog heel gevaarlijk, want je wilt niet in Syrië rondreizen met speciale permissie van de minister.’ Toestemming krijgen van de overheid wordt in probleemgebieden gezien als praktisch hetzelfde als werken voor de overheid. Van Es: ‘Als dat uitlekt, kunnen ze je zien als spion.’ Dus als CDA-kamerlid Doornhof vraagt hoeveel dat uitmaakt, zo’n toestemmingkje vooraf, is het antwoord: veel. 

Toen ze hoorde dat het wetsvoorstel door de Tweede Kamer was, moest Van Es iets doen. Ze schreef een opiniestuk over de negatieve gevolgen voor correspondenten en stuurde het naar collega-correspondent in Oost-Europa Jenne Jan Holtland. ‘Die zei, Ana, dit is groter dan een opiniestuk.’ Holtland maakte er een petitie van om de wet tegen te houden en stuurde die door naar collega’s.

Van Es zocht contact met Thomas Bruning van de NVJ om het draagvlak te vergroten. De petitie werd ondertekend door ruim 100 journalisten en 25 hoofdredacties. Toen bleek dat ook de hulporganisaties zich ernstige zorgen maakten, was er genoeg reden voor GroenLinks om een hoorzitting aan te vragen, voordat de Eerste Kamer over het wetsvoorstel zou oordelen.

De hoorzitting vond dinsdagochtend plaats op het Binnenhof, in de plenaire zaal van de Eerste Kamer. Beeld Arie Kievit

Er zijn dinsdagochtend meer journalisten aanwezig, maar Van Es kan zelf het best uitleggen welk gevaar zij loopt door deze wet. ‘In de gebieden waar ik werk zijn journalisten ontvoerd omdat zij banden met hun overheid zouden hebben’, vertelt Van Es de Eerste Kamerleden. ‘Soms is onafhankelijkheid de enige bescherming die wij hebben, en dat mensen die kwaad willen niet weten waar we zullen zijn. Als mensen mij vragen: waar gaat je volgende reis naartoe? Zeg ik vaak: dat gaat je niets aan.’

Bij de hoorzitting wordt het wetsvoorstel behoorlijk gefileerd. Elsevier-hoofdredacteur Arendo Joustra noemde de wet absurd. ‘Overheid en journalisten vragen elkaar geen toestemming. Je moet dat als overheid ook niet willen. Stel dat je weigert, wat zeg je daarmee? Je wekt de verdenking van censuur.’

De onafhankelijke juridische deskundige, hoogleraar Straf- en Strafprocesrecht Masha Fedorova van de Radboud Universiteit, is zeer kritisch over de juridische gronden van de wet. ‘Het meest principieel problematisch is strafbaarheid van gedrag zonder dat het schade heeft veroorzaakt.’ Ze adviseert de Eerste Kamer dan ook om de wet niet aan te nemen. Er is op zijn minst categorische uitsluiting voor journalisten en hulpverleners nodig.

Midden-Oostencorrespondent Ana van Es bij de hoorzitting in de Eerste Kamer. Beeld Arie Kievit

‘Geen mening’

Opvallend genoeg noemde zelfs de officier van justitie, die de minister vertegenwoordigt tijdens de zitting, een categorische uitzondering voor pers en hulpverlening ‘de beste oplossing’. Al nuanceerde hij dit later, enigszins haastig: ‘Ik sprak hier als persoon. Als vertegenwoordiger van het OM heb ik hier geen mening over.’

Na afloop worden er handen geschud. Een onderzoeker van de universiteit Leiden, die als deskundige op het gebied van terrorisme aanwezig was, zegt tegen Van Es dat hij zijn werk niet zou kunnen doen zonder de informatie die hij krijgt van journalisten zoals zij. Heel lang kan Van Es niet blijven, want ze zit twintig minuten later bij Radio 1 om na te praten over de hoorzitting.

‘Eigenlijk had ik hier geen tijd voor’, zegt Van Es als ze na de radio-uitzending even snel een kop koffie drinkt. Ze moet door naar de redactie in Amsterdam voor overleg en is een nieuwe reis aan het plannen in haar werkgebied. Maar ze maakt zich zorgen over freelancers en mensen met een andere culturele achtergrond. Ze denkt dat zij potentieel meer risico lopen geweigerd te worden, of achteraf te worden vervolgd. ‘Als correspondent voor de Volkskrant zal het met mij wel los lopen, maar zij worden benadeeld.’

Nu is het afwachten, want er volgen waarschijnlijk nog een aantal schriftelijke vragenrondes in de Eerste Kamer op basis van deze zitting. Woensdag gaat de correspondent dus gewoon weer terug naar haar werkgebied. Misschien naar Beiroet, waar ze woont, misschien ergens anders – dat zegt ze natuurlijk niet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden