Oever waar je snelweg wilt

Het kabinet-Rutte investeert weinig in achterstandswijken, maar maakt voor Rotterdam-Zuid een uitzondering. De buurt is snel aan het afglijden. 40 procent van de bewoners wil er snel weg. 'Wijffie, wij gaan hier onze eigen gang.'

In de Griekse mythologie is de Styx de rivier die de bovenwereld scheidt van de onderwereld. In Rotterdam-Noord kunnen ze je vertellen dat de Styx tegenwoordig de Maas heet. Een najaarszon weerspiegelt bleek in het groengrijs van de rivier, aan beide kanten door forse hijskranen omringd. Rugzakkers en studenten, joints tussen de vingers, bekijken gebiologeerd de langs varende vrachtschepen. Via de Erasmusbrug verlaat je de Rotterdamse noordoever, de wolkenkrabbers, Tulip Inn en Ernst & Young.


De Rotterdamse zuidoever was tot het midden van de 20ste eeuw alleen per veerpont bereikbaar. Lang vóór de gelederen daar aanzwollen met mensen van niet-westerse afkomst, was Zuid voor Noord al een andere wereld. De klassieke bijnaam luidde de Boerenzij. Die 'boeren van zuid', dat waren Zeeuwen en Brabanders die van het platteland kwamen om een nieuw leven te beginnen als havenarbeider. Ze werden gevestigd in snel opgetrokken portiekwoningen. De meeste daarvan staan nog steeds overeind.


'Laat varen alle hoop gij die hier binnentreedt', uit De goddelijke komedie staat bij de ingang van de hel. De Kop van Zuid kondigt zich aan door rode betonnen pilaren die wat lelijke nieuwbouw uit de jaren tachtig ondersteunen. Erachter ligt het Hillekopplein, waar moeders met groene en roze hijabs hun kinderen opwachten voor school en peuterspeelzaal de Globbetrotter Toermalijn. Er is één moeder met onbedekt haar, ze heet Annemarie. Zij herkent het beeld dat de media van Zuid schetsen niet.


'In de klas van mijn zoon hebben de kinderen geen taalachterstand, dieper in Zuid komt dat wel voor. Een paar jaar terug hadden we hier 's avonds overlast van verslaafden, nu is dat minder.' Aan de gevel naast de Globetrotter hangt een bord: 'Bewoners van de Hillestraat, Hilledwarsstraat en Krommehillestraat! Wij groeten elkaar. Wij zorgen dat het na 21 uur rustig is.' Was getekend: het comité Mensen maken de stad.


On-Nederlandse toestanden

Op de website van PowNed babbelen kerels over de plannen van het Rijk om Rotterdam-Zuid, officieel bestempeld tot rampgebied vol 'on-Nederlandse toestanden', vóór 2030 terug te brengen naar de Hollandse beschaving. Een van hen schrijft: 'Ik heb jaren geleden al geroepen dat we Zuid gewoon moeten laten afzinken, zodat je vanaf de boulevard een mooier uitzicht hebt.' Iemand anders schrijft: 'Bodemloze put, vul de Kuip maar met water en maak van de rest een park.' Een derde kerel doet dingen efficiënter: 'Afsteken en afduwen dat pauperdorp.'


Het kabinet heeft - geheel tegen zijn aard in - nog goede hoop dat forse overheidsinvesteringen het tij kunnen keren. Vorige week presenteerden het Rijk en de gemeente Rotterdam het Nationaal Programma Kwaliteitssprong Zuid. Dat behelst 'on-Nederlandse ingrepen' in een gebied met 'on-Nederlandse problemen'. In Rotterdam-Zuid voelt bijna 30 procent van de inwoners zich niet veilig en wil bijna 40 procent snel weg. De Nederlands gemiddelden liggen op 7 procent.


Kees is de aardige man van de bibliotheek aan het Afrikaanderplein, een ruimte vol autochtone boeken maar zonder autochtone leden. Kees stelt het helder: 'Hier in de Afrikaanderwijk heb je bijna geen Nederlanders meer.' Ze waren er nog wel in augustus 1972, toen ze precies op deze plek brand stichtten in huizen waar gastarbeiders in de jaren daarvoor waren ondergebracht, vaak met zijn tienen in een kamer. Toen in augustus 2011 Noord-Londen in brand vloog, vreesde Rotterdam soortgelijke problemen, maar in de Afrikaanderwijk bleef het, anders dan in de zomer van 1972, rustig.


Bijna veertig jaar na Nederlands eerste rassenrellen later helpt Kees van het Afrikaanderplein jongetjes met namen als Hasan en Fares hun weg te vinden in de oeuvres van Annie M.G. Smidt en Paul Biegel. Het ledenbestand van de bibliotheek bestaat 'goeddeels uit allochtone kinderen'. Turkse kinderen die Floddertje en Pluk van de Petteflet komen lenen, mooi toch? 'Er zijn ook dingen die goed gaan', zegt Kees.


Aan de overkant ligt restaurant Meram, waar in eerste instantie alleen de noordelijke lichtval door de ramen verraadt dat je niet in een eethuis aan een Atatürkplein in een Turkse provinciestad zit. Bij nader inzien is er nog meer verschil. Aan het Afrikaanderplein heb je vrouwelijke serveersters en vrouwelijke klandizie, aan provinciale Atatürkpleinen meestal niet. De drie meisjes aan de tafel naast mij, één met strakke, één met losse hoofddoek en één zonder, praten met elkaar accentloos Nederlands. Ze bestellen in het Turks. Jamal is de vriendelijke bebrilde bedrijfsleider. Hij toont mij een plek waar niet-Turkse klanten nooit komen, een overdekt terras waar de hele dag thee wordt gedronken en spelletjes worden gespeeld. 'Nederlanders, Surinamers, Marokkanen... die komen hier alleen om te eten.'


Er zijn veel problemen in Zuid, maar Zuid is gezelliger dan Noord, zegt Jamal. Veel problemen rond het Afrikaanderplein zitten achter de voordeur. De journaliste Jutta Chorus won in een langlopend project het vertrouwen van mensen rond dit plein. In haar twee jaar geleden verschenen boek Afri maken we kennis met Osman, Özhan, Gökhan en nog tientallen andere jongens zonder diploma's en werk, maar met veroordelingen voor diefstal, geweldpleging en drugshandel, jongens die 's avonds machtig zijn op straat.


Overdag zie je hier Turkse vrouwen. In de Bothastraat hebben ze de voordeuren open en de stoelen op straat staan. Hier mag ik even plaatsnemen bij de jonge Turkse moeder Melek en haar oudere buurvrouw. Een kloof tussen Zuid en Noord? 'Ik woon híér', zegt Meleks buurvrouw. 'Hoe het daar is, dat weet ik niet.'


Via de lange Dordtselaan beland je dieper in Zuid. Hier staan vooroorlogse woningen en platanen die geel blad sneeuwen. De Zeeuwen en Brabanders die hier woonden, begonnen vijftig jaar geleden te vertrekken, toen hun werk in de haven werd overgenomen door machines, en toen hun buren steeds vaker van niet-Nederlandse origine waren. De Dordtselaan anno 2011: Ata Bakkerij, Ba¿kent restaurant, Sultan Complete Home Decoration, Ramsis Restaurant, Afzal Cosmetics, Surinaamse islamitische slagerij Zabieha, African Food Vente, Amal Telecomcenter, Afro-cosmetica synthetic & human hair, African Sea Food, Tera Mera Indian Design, Schoonheidssalon Seema, Kapsalon Santi - daar is allemaal niet veel Dordts aan. Maar is middenstand van niet-Nederlandse origine een 'on-Nederlandse' toestand?


Voor de ruit van MoneyGram International Money Transfer kijk ik naar Somalische mannen. Een oudere Somalische man loopt langs en legt de hand op mijn schouder, en ik weet niet of ik daar een teken van vriendschap of een aanmaning om verder te lopen in moet lezen. Op de groenstrook in de Mijns- herenslaan staan mannen te praten en te roken bij auto's met geopende deuren waaruit boem-boem-muziek komt. Mannen van werkzame leeftijd die op werkdagen langdurig op straat vertoeven, vind je in Europa doorgaans alleen ten zuiden van de Rhône en ten oosten van de Elbe.


Kringloopwinkel

In de kringloopwinkel aan de Mijnsherenlaan staan ijskasten, fornuizen, oude draaitafels, leren jacks, vogelkooien, fietsen en tapijten - spullen die allemaal de geur meebrengen van de huizen waarin ze ooit hebben gestaan. Mevrouw Corrie van de kringloopwinkel is een welbespraakte dame van in de vijftig met een rode kleurspoeling in het haar en een gebit in renovatie. Ze heeft fijne en minder fijne klanten. Het meeste last heeft ze van 'onbeschofte Marokkaanse mannen die bijna geen Nederlands spreken'. Veel van die mannen moet ze tegenhouden als ze de etalage in willen stappen om de spullen er zelf uit te pakken. Ze hebben iets intimiderends: 'Wijffie, wij gaan hier onze eigen gang.' 'Ze weten ook waar ik woon en als ze iets zien wat ze willen hebben, tikken ze 's avonds tegen mijn raam. Die Wilders heeft natuurlijk in een hoop dingen gelijk. Maar de manier waarop-ie het brengt is niet oké.'


Wie aan de Mijnsherenlaan een kring-loopwinkel heeft, maakt veel mee. Pas schreeuwde de politie door grote luidsprekers alle wapens neer te leggen. Had iemand een Pool met een pistool zien lopen. Kort daarvoor was er in de straat een gewelddadige afrekening tussen twee Antillianen. Mevrouw Corrie steekt een sigaret op en wimpelt een mank lopende man af die in staccato Nederlands twee fietsen 'met alles erop en eraan' aanbiedt voor een paar tientjes. Dat is vracht die niet te vertrouwen is, weet mevrouw Corrie. De manke man bekijkt een tapijt met paarden in een gifgroen landschap, maar krijgt het niet mee voor een laag prijsje. 'Weet je', zegt mevrouw Corrie. 'Je hebt goeie en minder goeie. Hierboven woont een schattig Surinaams meisje dat uit eigen beweging een boerka draagt. Ze nodigde me een keer bij haar thuis uit. Ze had speciaal voor mij een Hollands jurkje aangedaan en het haar los. Die meid had me toch een kop haar!' Een goede klant van de kring-loopwinkel is Paolo, geboren in Angola, eerst gevlucht naar Congo, daarna gevlucht naar Frankrijk en later via de liefde in Nederland terechtgekomen. Hij is polyglot en elke dag een uurtje in de kringloopwinkel te vinden. Mevrouw Corrie legt een arm om zijn schouder. 'Met hem kun je praten.'


Paolo: 'Ik heb vroeger in Rotterdam-Noord gewoond. In die tijd was ik ook bang om Zuid in te gaan. Maar Zuid is niet gevaarlijk. Het probleem is het verloop. Er staan steeds meer huizen te koop. De huizen zijn goedkoop, dus dat is makkelijk voor nieuwkomers. Nu zie je dat de rijkere Turken weggaan en de Polen komen.'


De Bonaventurastraat is in een paar jaar tijd 'bijna een Poolse straat' geworden, vertelt Viola, kort bruin haar, piercing. Aan de gevel van de Poolse supermarkt, de Polski Sklep, op de hoek met de Bas Jungeriusstraat, wappert het Poolse wit-rood. Op haar rechterarm heeft Viola het woord Szobiszowice getatoeëerd, het historische stadsdeel van Gliwice in Silezië. 'Elke keer als ik de vakken vul en mijn arm omdraai, denk ik even aan thuis.' Een half jaar is ze nu in Rotterdam-Zuid.


Waarom hier? In Viola's ogen verschijnt die blik die communiceert: 'Geen stomme vragen stellen meneer'. 'Hier zijn veel mensen uit Gliwice.' En jazeker, allemaal willen we weer een keer terug.


Paolo uit Angola weet van de plannen die de overheid heeft met Rotterdam-Zuid. Ze willen oude straten tegen de grond gooien en er dure nieuwbouw neerzetten. Hij is sceptisch. Er is hier al veel tegen de grond gegaan, veel nieuwbouw is lelijk. En je kunt wel renoveren, maar je kunt dit stuk stad niet geven wat het nooit had, wortels en sociaal cement. De continuïteit in Zuid is het gebrek aan continuïteit. Hier was het altijd komen en gaan.


Zuidplein: Zuluplein, in het vocabulaire van de internetmannen van PowNed. Onderaan de roltrappen van het lelijke winkelcentrum uit de vroege jaren zeventig collecteren Hollandse kerels bij een draaiorgel. In de hal van de Stadswinkel van de deelgemeente Charlois staat een bord: 'De voertaal is Nederlands. Bent u niet voldoende in staat Nederlands te spreken, neemt u iemand mee die dat wel kan.' De kinderen die op de grond spelen, spreken de taal moeiteloos, ouders met wisselend succes. De aardige receptiemevrouw van de Stadswinkel woont al haar leven lang in Zuid. 'Ik hou van Zuid. Natuurlijk is het slechter geworden. Maar het is overal slechter geworden. Er is overal verruwing.'


Op de site van PowNed mengt zich één man in de discussie die in Zuid woont: 'Het is weer tekenend dat het gescheld komt van lui die 400 jaar geleden wel eens in Zuid zijn geweest. Zuid is lang zo slecht niet, dat wil zeggen, niet slechter dan bepaalde straten in West.' Deze man wil er niet weg - in tegenstelling tot bijna 40 procent van de andere inwoners.


Buiten de Stadswinkel van Charlois hangt een kunstwerk ter herinnering aan de proloog van de Tour de France die hier op 3 juli 2010 van start ging. Wie wil, kan daar symboliek in zien. Op deze plek willen mensen wel beginnen, maar hier wil echt niemand de finish halen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden