Oekraïner Bogdan is voor zijn stage naar het front

De nieuwe gouverneur van de regio Donetsk laat langs de grens met Rusland een 180 kilometer lange sleuf aanleggen van 4 meter breed en 2 meter diep.

ALEKSEJEVSKI - 'Daar ligt Rusland, zeshonderd meter verderop.' Kolonel Igor Momoet van de Oekraïense grenstroepen wijst naar het wijde veld dat zich naar het oosten uitstrekt. 'Je moet oppassen dat je niet te ver het veld inloopt. Dan kom je in de problemen. Voor je het weet nemen ze je gevangen.'


Van de vijand - maar zo wil Momoet zijn Slavische broeders aan de andere kant van de grens niet noemen - is niets te zien, evenmin als van de grens. Het veld loopt vriendelijk glooiend door naar de horizon. Rusland, Oekraïne, hier zie je het verschil niet.


De eenheid waarover de kolonel het bevel voert, is de voorhoede van de versterkingen die de nieuwe regering in Kiev naar de grens met Rusland heeft gestuurd, uit vrees voor een Russische inval. Aan de andere kant van de grens heeft Rusland volgens premier Arseni Jatsenjoek een geduchte troepenmacht klaarstaan.


Toch vallen er langs de weg naar de grens - dat wil zeggen de 'snelweg' van Donetsk naar het Russische Rostov - geen Oekraïense militaire eenheden te zien. Als altijd laveert het verkeer voorzichtig tussen de gaten in het wegdek. 'Dit is geen weg, maar een richting', zeggen ze in Oekraïne. De glooiende velden liggen er verlaten bij. Geen pantserwagen of tank te bekennen.


Op een persconferentie in het provinciehuis van Donetsk heeft de nieuwe gouverneur van de regio, Sergej Taroeta, nieuwe maatregelen aangekondigd om het gebied te beveiligen. Er komen meer politieagenten om de orde te bewaken. Maar, vertelt de net tot gouverneur gebombardeerde Taroeta trots, de autoriteiten zijn ook bezig een sleuf te laten graven langs de grens met Rusland. De aanleg van de sleuf van 4 meter breed, 2 meter diep en 180 kilometer lang, betaalt hij uit eigen zak.


Van de verdedigingssleuf is hier bij de grensovergang met Rusland nog niets te zien. 'Ik hoor er voor het eerst van', zegt Valentin, een arts uit het nabijgelegen stadje Amvrosijivka. Hij is naar het kampement van de grenstroepen gekomen om hen een hart onder de riem te steken.


De arts voelt zich terneergeslagen na de pompeuze ceremonie waarbij president Poetin met een handtekening het lot bezegelde van het schiereiland de Krim. 'Weg, in één keer! Je staat er versteld van hoe makkelijk het is de grenzen van Europa opnieuw te trekken. We hebben de Krim verloren, nu moeten we zorgen dat ze dit deel van Oekraïne niet afpakken!'


Zelf is hij half-Russisch, half-Oekraïens. Hij kan het niet begrijpen dat sommige van zijn stadgenoten aansluiting bij Rusland willen. Natuurlijk heeft de nieuwe regering in Kiev enorme blunders gemaakt, erkent hij. 'Met het schrappen van die officiële status voor de Russische taal - al ging dat uiteindelijk niet door - hebben ze Poetin een perfect excuus gegeven om de Krim te bezetten. Maar wie denkt dat we er beter van worden als we bij Rusland komen, vergist zich enorm. Het is daar nog erger dan hier. Evenveel corruptie, maar minder vrijheid.'


Op sommige plaatsen houden pro-Russische activisten Oekraïense troepen tegen die naar de grens werden gedirigeerd. Kolonel Momoet heeft niets gemerkt van een vijandige houding bij de plaatselijke bevolking. 'Zij brengen ons lekkernijen en mijn jongens mogen gebruik maken van de banja (sauna, red.) in het dorp.'


Om hem heen proberen 'zijn jongens' zo goed en zo kwaad als het gaat orde te scheppen op het verlaten tractorpark van een vroegere kolchoze, waarop ze zijn neergestreken. Ze sprokkelen hout om hun tenten warm te houden en leggen een wegversperring aan met brokstukken van de vervallen gebouwen. Dit zijn niet de troepen waar Oekraïne het van moet hebben, als Rusland zou besluiten om het land binnen te vallen.


Achter de roestige loods, waar vroeger de tractors werden gerepareerd, staan twee pantserwagens. Verder moet de eenheid van driehonderd man het doen met een rij glanzend gepoetste terreinwagens. 'Wij zijn geen gevechtseenheid, wij zijn er om de grens te controleren', erkent kolonel Momoet. 'Maar als het zover komt, dan zullen wij natuurlijk ons land verdedigen.'


De meeste van zijn jongens hebben nog niet eens hun opleiding afgemaakt. 'We zijn hierheen gestuurd in het kader van onze stage', zegt Bogdan (21). Stage, en dan meteen naar het front? 'Wat nou front?', zegt hij. 'Het is hier volstrekt rustig, niets aan de hand. Het enige probleem is: we hebben hier geen meisjes.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden