analyse

Oekraïense vluchtelingen zijn welkom, maar hoelang en hoeveel?

Eensgezind ontvangt Europa de grootste Europese vluchtelingenstroom sinds de Tweede Wereldoorlog. Maar wat gebeurt er wanneer straks de oorlog veel langer blijkt te duren en de krapte op de huizenmarkt nog meer gaat knellen? Hoe blijven we solidair met de slachtoffers van Poetin?

Jarl van der Ploeg
Vrijdag puilt het uit van de mensen op centraal station Warschau. Het treinstation is een knooppunt voor vluchtelingen uit Oekraïne. Van hieruit reizen ze verder naar verschillende bestemmingen in heel Europa. Beeld Julius Schrank / de Volkskrant
Vrijdag puilt het uit van de mensen op centraal station Warschau. Het treinstation is een knooppunt voor vluchtelingen uit Oekraïne. Van hieruit reizen ze verder naar verschillende bestemmingen in heel Europa.Beeld Julius Schrank / de Volkskrant

Nog maar drie weken geleden noemde Filippo Grandi, de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen bij de Verenigde Naties, het vluchtelingenbeleid van landen als Polen en Hongarije – een beleid dat gekenmerkt wordt door geweld, vernedering en muren met prikkeldraad – een ‘gevoelloze minachting voor het leven’. Hij zei: ‘Wat er aan de Europese grenzen gebeurt, is juridisch en moreel onaanvaardbaar en moet stoppen.’

Drie dagen later viel Rusland Oekraïne binnen waardoor de grootste Europese vluchtelingenstroom sinds de Tweede Wereldoorlog op gang kwam. Op papier was dat een recept voor ellende: miljoenen oorlogsvluchtelingen die op hun weg naar veiligheid opeens afhankelijk zijn van anti-migratieregeringen. Alleen veroorzaakte de Russische president Poetin geen vluchtelingencrisis, zoals hij wellicht gehoopt had, maar exact het tegenovergestelde.

Ondenkbare unanimiteit

Poetin veroorzaakte een tot voor kort ondenkbare unanimiteit binnen de EU op een van de meest explosieve dossiers van allemaal: de asielopvang. Hongarije opende subiet zijn grenzen, Polen verwelkomde in een paar weken tijd 1,2 miljoen vluchtelingen (in totaal houdt de UNHCR rekening met een exodus van 4 miljoen vluchtelingen) en voor het eerst in de geschiedenis van de EU werd zowaar een wet geactiveerd die vluchtelingen uit Oekraïne per direct een tijdelijke verblijfsvergunning toekent. Daardoor hebben ze gelijk recht op zaken als huisvesting, financiële bijstand, zorg en onderwijs.

Ook Nederland deed mee aan die Europese ommezwaai. Niet alleen wilde de verantwoordelijke VVD-staatssecretaris Eric van der Burg het woord ‘gelukszoekers’ liever niet gebruiken, want ‘ieder mens is een gelukszoeker’. Ook zei hij: ‘Als hier straks 50 duizend Oekraïners zijn en nummer 50.001 meldt zich, dan gaan we niet zeggen: slaap jij maar buiten.’ Vergelijk dat eens met zijn voorganger Ankie Broekers-Knol. Zij was anderhalf jaar geleden, na veel handjeklap over de precieze aantallen, bereid maximaal honderd asielzoekers over te nemen uit het afgebrande opvangkamp Moria op het Griekse eiland Lesbos, mits er in ruil daarvoor honderd minder vluchtelingen naar Nederland zouden komen via het hervestigingsprogramma van de UNHCR.

De regio, dat zijn wij

‘Ten eerste laat Van der Burg met dit soort uitspraken zien dat we respectvol over vluchtelingen kunnen praten, wat ik een fantastische ontwikkeling vind’, zegt Thea Hilhorst, hoogleraar Humanitaire Studies aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. ‘Maar wat ik vooral uit zijn boodschap haal, is dat Nederland altijd heeft gezegd dat je vluchtelingen in hun eigen regio moet opvangen en dat wij ditmaal de regio zijn.’

De vraag is alleen: wat voor gevolgen heeft dat precies voor die regio? Wie immers kijkt naar eerdere Europese migratiecrises ziet dat er vrijwel altijd scheurtjes ontstaan in de eensgezinde gastvrijheid van het begin. Positieve aandacht voor vluchtelingen is doorgaans verdwenen voor de vluchtelingen zelf vertrokken zijn.

Hoe solidair zullen Italië en Griekenland zich bijvoorbeeld opstellen als Polen en Hongarije, tot nu toe mordicus tegen iedere herverdeling van bootvluchtelingen over de rest van Europa, bij andere landen zullen aandringen op het overnemen van vluchtelingen omdat hun eigen systeem overloopt? En hoe zullen Nederlanders reageren als blijkt dat de huizenmarkt nog veel krapper wordt zodra duizenden Oekraïense gezinnen een sociale huurwoning krijgen toegewezen? Bovendien: hoe ondenkbaar zijn racistische incidenten in een land waar een partij eerder een Polenmeldpunt in het leven riep?

Terugslag

‘Toen er tijdens de Joegoslavië-oorlog zo’n 40 duizend vluchtelingen naar Nederland kwamen, zag je na een tijdje wel zo’n soort terugslag’, zegt Marlou Schrover, hoogleraar Migratiegeschiedenis aan de Universiteit Leiden. ‘Ook toen was er aan het begin een enorme bereidwilligheid mensen in huis te nemen of te doneren tijdens inzamelingsacties. Na een tijdje verschenen de eerste hakenkruizen op de opvangplek in Terneuzen, reden de eerste trekkers door de straten met spandoeken met leuzen dat er in het dorp geen plek is voor asielzoekers, enzovoorts.’

Recenter gebeurde hetzelfde op een aantal Griekse eilanden. De eerste groepen oorlogsvluchtelingen uit Syrië maakten nog een diepe indruk op de bewoners, die in groten getale voedsel en dekens begonnen in te zamelen en leegstaande gebouwen omtoverden tot opvangcentra. Maar met de vierde, de vijfde, en later de tiende en de twintigste groep, sloop er op vrijwel alle eilanden een zekere irritatie de gemeenschap binnen. Demonstraties werden steeds omvangrijker, linkse burgemeesters werden gaandeweg vervangen door rechtsere collega’s, hulporganisaties werden tegengewerkt totdat politici besloten de bootjes op zee maar gewoon terug te duwen naar waar ze vandaan kwamen.

Knelpunten

‘Ook ditmaal houd ik wat dat betreft mijn hart vast’, zegt Eduard Nazarski, oud-directeur van VluchtelingenWerk en Amnesty International Nederland. ‘We hebben nu overal in Europa tijdelijke locaties geregeld, maar waar huisvesten we iedereen als de oorlog straks veel langer blijkt te duren? En hoe organiseer je de psychische en medische begeleiding die oorlogsvluchtelingen nodig hebben? Laten de zorg en de woningmarkt nou net twee sectoren zijn waar het behoorlijk knelt in Nederland.’

De huidige eensgezindheid in gastvrijheid is wat dat betreft misschien vergelijkbaar met de eensgezindheid waarmee de Nederlanders precies twee jaar geleden hun balkondeuren openden en besloten te applaudisseren voor de zorg. Het gemakkelijkste moment een goed volk te zijn, is immers het moment vlak voordat de eerste offers moeten worden gebracht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden