Ode aan de ideale stilteruimte: de sauna

Ontsnappen aan het hoofd

De zweethut is een van de laatste plekken waar je als technologisch wezen nog echt naar je lijf kunt luisteren.

Beeld Getty Images

Met mijn vriendin bezocht ik de Sauna van Egmond. Volgens de website 'al meer dan 30 jaar een begrip in Haarlem en ver daarbuiten'. Geen trendy, luxueus, grootschalig wellnesscomplex, eerder de kruising van een bruine kroeg en een kitscherig oosters badhuis.

Tijdens een kleine sanitaire onderbreking van de saunasessie las ik de volgende tekst op de deur:

Het gebruik van de Google-bril is niet toegestaan in de Sauna van Egmond. Wij vertrouwen erop dat u begrip heeft voor onze huisregels.

Het was 2014. Na een binnenpretje kwam het besef: de sauna is een van de laatste offline-ruimtes in onze samenleving. Het zwembad? Ook daar zitten ouders tijdens de les van hun kind met de smartphone in de hand. Online zijn in het vliegtuig is niet bijzonder meer. Er zijn bossen met wifi, en begraafplaatsen. De kerk is als volgende aan de beurt.

Maar de sauna is een kleine, warme, houten ruimte waar de hypermoderniteit geen vat op krijgt. Dit tweeduizend jaar oude fenomeen is klaarblijkelijk immuun.

De Google-bril is, zoals bekend, vooralsnog niet doorgebroken, maar de Sauna van Egmond had de verdediging al paraat. 1-0 voor de Sauna van Egmond. Op de website las ik dat bedrijfsleider Cees Aalders graag 'een voorloper is met dat soort dingen'. In het belang van de privacy van zijn gasten verbiedt Aalders alles 'waar maar een cameraatje op zit'.

In het lichaam raken

Zulke privacymaatregelen hebben een belangrijk gevolg. De mysterieuze stiltes, de voorzichtige blikken - in de sauna staat iets centraal dat voor ons, moderne hoogtechnologische wezens, steeds moeilijker te ervaren valt: onze lichamelijkheid. Een omgeving van 90 graden Celsius is bij uitstek geschikt om even uit het hoofd te komen en in het lichaam te geraken. In de sauna ervaart men zijn lichamelijkheid van top tot teen. En er is niets om ons daarvan af te leiden. Dat staat in schril contrast met hoe we onszelf ervaren als we bijvoorbeeld achter de laptop zitten. 'We raken gewend aan een leven waarin werk - en vaak ook de identiteit - vooral geestelijk is en niet fysiek, en waarin interactie virtueel plaatsvindt', schrijft de Australische filosoof Damon Young in zijn boek How to Think about Exercise (2014).

Ons geklaag over rusteloosheid, overprikkeling en - geestelijke - vermoeidheid is grotendeels het resultaat van dit gespleten bestaan tussen hoofd- en lijfwerk, tussen lichaam en geest. Uitspraken als 'ik zit te veel in mijn hoofd' of 'ik sta niet in contact met mijn lichaam' zijn symptomen van deze moderne worsteling met onze lichamelijkheid.

Aandacht voor lijfelijkheid

Iets meer dan een jaar voor zijn dood concludeerde de toenmalige Denker des Vaderlands René Gude in een essay dat alle aandacht voor lijfelijkheid in onze moderne tijd erop wijst dat het mensenlichaam juist niet meer iets vanzelfsprekends is. 'De sauna-uurtjes en wellnessweekendjes in je overvolle agenda duiden op de lijfsvergetelheid die voor ons normaal geworden is. Jezelf opdracht geven 'naar je lichaam te luisteren' betekent dat je het verleerd bent', aldus Gude.

Ironisch genoeg maakt de aandacht voor onze lichamelijke gezondheid en ons welzijn onze omgang met ons lichaam er niet per definitie beter op. De schrijfster Bregje Hofstede, mijn generatiegenoot, schreef recentelijk in een stuk voor De Correspondent: 'Het gevaar is dat we de fysieke welzijnsrage - yoga, superfoods, RunKeeper enzovoorts - inzetten om het aanbod te verhogen, zonder de vraag omlaag te brengen. Zelf leerde ik nog efficiënter roofbouw te plegen op mijn lichaam - om het nog dienstbaarder te maken aan de mentale arbeid die ik wilde verrichten.'

Individuele oplossingen

Herkenbaar. Als 'hoofdwerker' heb ik mijn lichaam ook altijd beschouwd als voertuig van mijn geliefde geest. Mijn bezoekjes aan de sauna, hoe ontspannen ook, zijn niet alleen een ontsnapping aan mijn hoofdelijk leven, maar staan ook in dienst van datzelfde hoofdelijk leven.

Hoe ontsnappen wij aan deze lichamelijke zelfuitbuiting? Hoe krijgen we weer een gezonde relatie met ons lichaam? Hofstede merkt in haar essay op dat een collectief probleem, zoals de burn-out, meestal wordt bestreden met individuele oplossingen.

Het fundamentele probleem is dat we mentale arbeid hebben verheven tot hoogste goed en ons hebben omringd met steeds effectiever ontworpen digitale technologieën die een zwaar beroep doen op onze visuele en cognitieve vermogens. Probeer in dat geweld maar eens niet een 'ontlichaamde' lifestyle te hebben. Als we werkelijk onze lichamelijkheid, onze momenten van rust en aandacht, wilden vinden, dan zouden we gezamenlijk deze hele leefwereld moeten veranderen.

Beeld Io Cooman

Bevrijdend

Dit begint bij het besef dat wij als mens geen heer en meester over onszelf zijn, hoe graag we dat ook willen geloven: onze leefwereld bepaalt in grote mate onze manier van handelen en denken. In een verkeerde omgeving is een goed en gezond leven vrijwel onmogelijk. Sociale begrenzing is niet altijd beperkend, maar kan juist ook bevrijdend zijn. In Zweden hebben ze bijvoorbeeld Fika, een diepgewortelde traditie om gezamenlijk twee à drie keer per dag (verplicht) koffiepauze te houden. Het resultaat: Zweden is het minst stressvolle land ter wereld.

Slow technology-beweging

Ook in Nederland gaan stemmen op voor dergelijke collectieve afspraken en arrangementen, zoals de 'e-mailloze vrijdag' of 'stilteruimtes' in het hoger onderwijs (de Universiteit van Amsterdam). Zelf dacht ik aan de offline-treincoupé: kun je eindelijk weer eens lekker rustig naar buiten kijken.

In het oog springend is de slow technology-beweging, die tracht een andere ontwerpkoers in te slaan. In plaats van mensen 'hooked' te krijgen aan hun apparaten, promoten deze ontwerpers juist een meer gematigde, op reflectie en mentale rust georiënteerde strategie. Een waarbij onze lichamelijke betrokkenheid tot de wereld niet angstvallig wordt genegeerd, maar die wereld juist letterlijk en figuurlijk wordt omarmd. Een stoel die fungeert als computermuis, waarin je het lichaam naar voren of opzij moet bewegen om computercommando's te geven. Brailletechnieken bij het gebruik van digitale technologie. Een email limiter waarin je aan het begin van de dag kan aangeven hoeveel mails je op die dag maximaal wilt binnenkrijgen, met hoeveel tijd ertussen.

Primair contact

Totdat onze samenleving is ingericht met meer sociale begrenzing en gezamenlijke leefritmes - als het zover nog komt - is de sauna, als plek waar geen digitale verbinding is en waar we het weer even met ons lichaam moeten doen, een uitermate geschikte omgeving om te reflecteren op lichamelijkheid in tijden van virtuele geestverruiming. In de sauna is er geen ontkomen aan. Je zit daar, volledig naakt, elk geluid, het stromen van elk lichaamssap, is te horen. Afsluiten is praktisch onmogelijk. De sauna heeft het vermogen om ons gezamenlijk stil te krijgen. En om ons eraan te herinneren dat ons primaire contact met de wereld er een is van tasten, van voelen. Vleselijk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.