ANALYSE

Obama betaalt pijnlijke prijs voor eerder nietsdoen

Vorig jaar vierde de VN nog het succes van de diplomatie, nu probeert Obama de schade van die opstelling te repareren. Maar wie doet met hem mee?

President Obama. Beeld reuters

Turkije wordt overspoeld met Syrische vluchtelingen, IS rukt op, ooggetuigen vertellen hoe mannen worden onthoofd en vrouwen verkracht. Aan de East River in New York verzamelen zich de wereldleiders voor de jaarlijkse top van de Verenigde Naties. Alle ogen zijn op hen gericht: wat gaan ze doen tegen deze nieuwe ronde van verschrikkingen in het Midden-Oosten?

Ze moeten beseffen dat iets gruwelijk is misgegaan sinds president Obama een jaar geleden kort voor de Algemene Vergadering van de VN op het laatste moment luchtaanvallen op Syrië afblies. Velen vierden toen deze terugkeer naar de diplomatie. Maar twaalf maanden later staat oorlog op de agenda en zien de leiders zich geconfronteerd met ongemakkelijke waarheden, pijnlijke keuzes en misschien wel een schuldig geweten.

Vooral Obama, leider van 's werelds enige supermogendheid, moet bij zichzelf te rade gaan of het wel zo verstandig is geweest dat hij vorig jaar afzag van actieve inmenging in de Syrische burgeroorlog. Sindsdien kregen de strijders van Islamitische Staat (IS) de kans uit te groeien tot een geduchte tegenstander. De terreurgroep bezette grote delen van Syrië en Irak en werd een 'staat'. Ze riep een kalifaat uit, dat met zijn extreme ideologie en gedrag als magneet werkt op radicale jongeren in westerse landen.

Kritiek

Nicholas Kristof, columnist van The New York Times, maakte onlangs de bloedige balans op: 'De president heeft zich pijnlijk passief opgesteld tegenover wat zich heeft voltrokken: de dood van bijna 200 duizend Syriërs, de destabilisatie van buurlanden als gevolg van drie miljoen vluchtelingen, de bijna ineenstorting van Irak, de onthoofding van twee Amerikaanse journalisten, het massaal afslachten van Jezidi's en christelijke religieuze minderheden en het toenemend gevaar van IS-terrorisme tegen Amerikaanse en Europese doelen.'

Obama probeert de kritiek weg te rationaliseren, maar ook naar zijn eigen normen is de politiek van niet-inmengen mislukt. Hij wilde de ellende in het Midden-Oosten op afstand houden, maar ze is dichterbij dan ooit. Hij wilde geen militaire actie in Syrië, maar die lijkt ophanden. Hij wilde nooit terug naar Irak, maar dat is toch aan het gebeuren. Als Obama niet naar de oorlog komt, komt de oorlog wel naar hem. Op slechtere voorwaarden dan een jaar geleden.

Inmiddels is Obama hard bezig met een correctie. Op de VN-top wil hij proberen zo veel mogelijk landen te mobiliseren voor een krachtige internationale coalitie tegen IS. Maar met elke druk op de knop lijkt hij een fontein aan tegenwerpingen in werking te stellen. Omdat hij de strijd tegen IS niet weer een Amerikaanse of westerse oorlog wil laten zijn, doet hij zijn best de Arabische landen tot een militaire bijdrage te bewegen. Maar tot nu toe zijn deze meesters van de dubbele agenda terughoudend.

Ook de steun van Europese landen is ondanks hun stoere taal problematisch. Ze willen niet meedoen aan acties in Syrië zonder VN-mandaat, maar de kans dat dit volkenrechtelijk mandaat er komt is klein vanwege Russisch verzet. En zonder acties in Syrië is IS niet te verslaan.

Afzijdigheid

De vluchtelingen aan de Turkse grens zullen weinig geduld hebben voor alle diplomatieke en internationaalrechtelijke subtiliteiten. Zij willen snel hulp. Hun acute leed is slechts het jongste voorbeeld van de tot dusver niet te stoppen 'spill over'-effecten van het Syrische conflict.

Obama zal zich, als hij eerlijk is, afvragen of hij zijn politiek van afzijdigheid niet te rigide heeft toegepast. Of hij er niet verstandiger aan had gedaan in 2012 in te stemmen met het voorstel van minister van Buitenlandse Zaken Clinton om de gematigde Syrische oppositie te trainen en te bewapenen. Hij deed niets om redenen die heel begrijpelijk waren: hij had gezien wat de onbedoelde gevolgen kunnen zijn als Amerika militair iets doet. Maar nu blijkt dat ook voor nietsdoen een prijs in bloed wordt betaald, door veel onschuldigen.

Zittend op de blaren is de internationale gemeenschap bezig met een inhaalslag. In New York moet duidelijk worden of het opschiet. Zo niet, dan rest mogelijk alleen nog het uitdelen van oogkleppen en oordoppen, opdat het leed niet meer wordt gezien en gehoord.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.