O, daar heb ik nog wel een leuk verhaal bij

Het was gisteren Gedichtendag.

Wie schrijft die blijft graag hangen in cafés.' (Hugo Matthysen). Voor een postbeambte was het ongebruikelijk om je op handen en knieën achter het loket voort te bewegen, blaffend, met een postzegel op je voorhoofd geplakt, maar Jan Gerardus Jofriet (Gerard den Brabander, 1900-1968) was geen doorsnee-postbeambte.


Dat hij in 1942 definitief voor de poëzie en de jenever koos, wekte bij zijn collega's geen verbazing. Al snel verlegde hij zijn werkterrein naar het Amsterdamse café Eylders, waar hij deel uitmaakte van de bohème en voor een rijksdaalder gedichten schreef op de onbedrukte kant van bierviltjes, of zijn eigen door hemzelf bij De Slegte opgekochte dichtbundels signeerde en voor een veelvoud van de prijs aan dagjesmensen verkocht om de winst vervolgens in drank om te zetten - een fascinerende kringloop.


Dat hij het nog zo lang volhield had hij goeddeels aan Nico Verhoeven te danken, ook een dichter (kijk maar eens op farsk.nl: Ik heb eerbiedig gewag van hem gemaakt. Notities over de dichter Nico Verhoeven in het werk van Gerard Reve, door Abe de Vries), die zich bij tijd en wijle over hem ontfermde en aldus vereeuwigd werd in Reves Brief door tranen uitgewist in Nader tot U.


Zijn laatste levensdagen bracht Gerard den Brabander door in de Amsterdamse Valeriuskliniek, waar hij was opgenomen voor behandeling van zijn alcoholverslaving. Hij stierf na een val van de trap toen hij de krant wilde halen. 'Het was een lot dat hij', zo laten zijn biografen zelden na te vermelden, 'merkwaardig genoeg in het gedicht Doodval had beschreven.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden