Nuon-topman én Vitesse-fan Swelheim te verweven

Tob Swelheim bouwde Nuon uit tot een miljardenbedrijf. Maar zijn liefde voor een voetbalclub, uitgedrukt in financiële steun, brak hem op....

Het lijkt erop dat de liefde voor Vitesse Tob Swelheim fataal is geworden. De Nuon-directeur, die vrijdag zijn vertrek aankondigde, bouwde de stroomleverancier uit van regionaal bedrijfje tot miljardenonderneming. Maar deze enorme prestatie lijkt te zijn ondergesneeuwd door zijn eigenzinnige en solistische bemoeienissen met de Arnhemse voetbalclub.

Het is moeilijk te zeggen hoeveel geld Swelheim en Nuon in Vitesse hebben gestopt. Dit jaar schonken zij de club ruim honderd miljoen gulden. In totaal zou het sponsorschap pakweg 150 miljoen gulden betreffen.

Eind 1999 werd duidelijk dat Vitesse een schuld van zestig miljoen aan Nuon had. De raad van commissarissen besloot dat er geen cent meer in de club mocht worden gestoken. Maar Swelheim ging door met donaties.

In juni namen de commissarissen, op zoek naar een nieuwe topman, een headhunter in de arm. Volgens president-commissaris W. Meijer is er geen druk op Swelheim uitgeoefend om op te stappen, maar hij bevestigt dat in juni een interne procedure voor diens opvolging is begonnen. Dat is vreemd, omdat volgens Nuon Swelheim deze zomer nog aan het nadenken was over zijn positie.

Het contact tussen Swelheim en toenmalig Vitesse-voorzitter Karel Aalbers begon in 1988. Aalbers nam zeventig ondernemers uit Gelderland mee naar een nieuw stadion in het Amerikaanse Houston om hen warm te maken voor een multifunctioneel gebouw in Arnhem. Onder hen was Tob Swelheim, toen nog directeur van de Arnhemse Pgem.

Het was geen liefde op het eerste gezicht, maar beiden groeiden naar elkaar toe. In 1992 sloten Vitesse en Nuon het eerste sponsorcontract. Drie jaar lang kreeg Vitesse het toen aanzienlijke bedrag van 1,5 miljoen gulden per jaar. In dezelfde tijd kwam het stadion Gelredome, toen nog Akzodrome, van de grond. Pgem wilde voortaan doorgaan voor een dynamische en moderne maatschappij, zei Swelheim. En daar paste niet de shirtsponsoring bij van een club die in een accommodatie speelde die niet meer van deze tijd was.

Vanaf die tijd verbeterde de relatie sterk. Aalbers wilde dat Vitesse een subtopper in Europa zou worden; Swelheims droom was Pgem uit te bouwen tot een groot, krachtig en internationaal bedrijf.

Swelheim ontwikkelde zich tot een hartstochtelijke Vitesse-fan. Bij thuiswedstrijden zat hij steevast op de tribune. Bij de opening van het Gelredome liet hij zich fotograferen met Karel Aalbers, een zwart-gele Vitesse-sjaal om beider nekken geslagen. Het zou zelfs Swelheims geheime ambitie zijn ooit voorzitter te worden van Vitesse.

Vitesse-fan Swelheim en Nuon-directeur Swelheim lieten zich moeilijk scheiden. Als er bij de tegenpartij een goede speler rondliep, kon Swelheim enthousiast uitroepen tegen Aalbers: die moeten we kopen. Als Aalbers dan later bij Nuon aanklopte voor geld met het verhaal dat de hoogste baas het ermee eens was, wisten ze daar vaak nog van niets.

Aalbers en Swelheim trokken gezamenlijk op. Aalbers kocht spelers, Swelheim betaalde. Ze werden vrienden. 'Nuon kon Vitesse als uithangbord gebruiken om zich in de harde wereld van water en energie te profileren. Er waren perioden dat we elkaar elke week wel een halfuur spraken', zegt Aalbers.

Het liep op rolletjes. Vitesse begon aan een opmars uit de eerste divisie, het energiebedrijf nam gestaag in omvang toe. Op 1 januari 1994 fuseerde Pgem met het Friese Peb waardoor Nuon onstond. In 1999 werd Nuon een miljardenbedrijf toen het onder leiding van Swelheim Energie Noord West, EWR en Gamog inlijfde.

Met de groei van Nuon kwamen er andere, kritischere commissarissen. En vooral: de meesten kwamen uit andere regio's en hadden weinig op met Vitesse. Bij de Pgem kwamen de commissarissen uit Gelderland. Die hadden geen enkel probleem met de miljoenen die richting Vitesse gingen. Bovendien liepen ze aan het touwtje van Swelheim. 'Hij kletst ze zo onder de tafel', zei de Gelderse gedeputeerde J. de Bondt vorig jaar tegen de Volkskrant.

Het vertrek van Swelheim en Aalbers werd in de zomer van 1999 ingeluid. Vitesse liep in het seizoen 1998-'99 in de laatste wedstrijd tegen Feyenoord de Champions League mis. Aalbers overwoog de club een stap terug te laten doen in de begroting door zich te concentreren op de jeugdspelers. Maar daar wilde Swelheim niet van horen. Hij eiste dat dat Vitesse doorging. Swelheim en Aalbers becijferden dat zestig miljoen gulden nodig was om van Vitesse een topclub te maken. Nuon wilde dat bedrag investeren met als onderpand de spelers, van wie de waarde werd geschat op 160 miljoen gulden.

Eind 1999, aan het slot van een vergadering met de raad van commissarissen, probeerde Swelheim het plan erdoor te krijgen. De nieuwe raad liet zich echter niet overdonderen. Vooral de niet-Gelderse toezichthouders tikten Swelheim stevig op de vingers. Toen na onderzoek bleek dat Vitesse een schuld van zestig miljoen gulden aan Nuon had, kreeg Swelheim te horen dat geen cent meer naar Vitesse mocht.

In februari 2000 liet Swelheim zijn boezemvriend Aalbers vallen. Het accountantsbureau KPMG begon een onderzoek naar de handelwijze van Aalbers. Omdat daar in eerste instantie weinig uit kwam, kocht Swelheim voor 78 duizend gulden een belastende verklaring van een voormalige zakenvriend van Aalbers.

Het was gedaan met de vriendschap. Aalbers werd zelfs vijand nummer één. Dat Swelheim hard en boers kan zijn, ondervond ook oud-hoofdofficier van justitie Vrakking. In maart wilde Nuon de nauwe banden met Vitesse verbreken. Vrakking werd verzocht dat te regelen. Toen hij zijn voorstel presenteerde, wees Swelheim het zonder blikken of blozen naar de prullenmand.

Vrakking voelt zich gekleineerd. In zijn plan werden de schulden gesaneerd en kreeg Vitesse een sponsorbedrag van tien miljoen gulden per jaar. Waarom Swelheim weigerde, is onduidelijk. Eerder had hij al een miljoenencontract met het Duitse mediabedrijf UFA afgewezen. Ook weigerde hij te praten met Aalbers, die zei een sponsor met honder miljoen gulden te hebben.

Opmerkelijk is dat Swelheim twee dagen na het verwerpen van Vrakkings voorstel wederom zonder overleg met de commissarissen een overeenkomst sloot met bestuursleden van Vitesse, die elementen had van het plan-Vrakking. Swelheim deed afstand van de spelersrechten en van de lening van 75 miljoen gulden. Als dank gaven de bestuurders van Vitesse Swelheim een Harley Davidson.

Door het vertrek van Swelheim is weinig meer over van de droom die hij en Aalbers hadden. Drie jaar na feestelijke opening van het Gelredome in Arnhem zijn de twee hoofdrolspelers vertrokken. En in het hypermoderne verlies lijdende stadion voetbalt een club die op de rand van faillissement verkeert.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden