Nummer 214 is er een beetje ondersteboven van

Mauro Gianetti bloosde, tot ver achter de zojuist gewassen oren toen hij de Hall Omnisports van een groezelig Luiks voorstadje betrad....

JAAP VISSER

Van onze verslaggever

Jaap Visser

ANS

Koersdirecteur Jean-Marie Leblanc sloeg vaderlijk een arm om de smalle schouders van Gianetti en fluisterde de schuchtere Zwitser enkele bemoedigende woorden in. De winnaar van de oudste der wielerklassiekers schraapte de keel en begon aarzelend aan het verhaal van de meest glorieuze dag uit een loopbaan die al negen jaar duurde zonder dat het grote publiek daarvan weet had.

Zijn mooie klassering in de Waalse Pijl van vier dagen eerder, toen hij vijfde was geworden, had hem niet het gevoel gegeven dat hij een voorname rol zou kunnen spelen in Luik-Bastenaken-Luik. Dat hij bij het verstrijken van de 84ste Doyenne in een kopgroepje met grootheden als Jalabert en Bugno fietste, vond Gianetti al een prestatie van jewelste. Aan winnen had rugnummer 214, van Team Polti, niet eens durven denken.

Omdat zoiets nu eenmaal hoort wanneer je als niet-sprinter met een man of wat vooruit rijdt, had Gianetti zich in de grauwe omgeving van Luik aan een vluchtpoging gewaagd. Uiteraard was hij teruggehaald, maar toen hij vaststelde dat het Bartoli was geweest die hem counterde, had Gianetti de ingeving van zijn leven gekregen.

Door de demarrages op het hellende wegdek bij Luik was het kopgroepje van zes tot vier man teruggebracht en bij een nieuwe versnelling van Gianetti was het de beurt aan Jalabert of Bugno om het gat dicht te rijden. Bartoli zou zich vermoedelijk niet geroepen voelen om het vuile werk voor de grote mannen op te knappen. En Jalabert en Bugno zouden het initiatief wel eens aan elkaar kunnen laten, had Gianetti bedacht.

Daarom was hij, meteen na zijn eerste demarrage, nog eens van het zadel gewipt om zo veel mogelijk kracht op de pedalen te kunnen zetten. Zoals hij had verwacht, was Bartoli rustig blijven zitten en zoals hij had gehoopt, had Jalabert naar Bugno gekeken en Bugno naar Jalabert.

Gianetti had zich de longen uit het vermoeide lijf getrapt en pas na een minuut of wat durven omkijken. Toen had hij van pure opwinding bijna de macht over z'n stuur verloren, want hij, Mauro Gianetti, was los en reed in z'n eentje door de straten van Ans, als eerste man in koers op weg naar de meet van een wereldbekerwedstrijd. 'Kalm blijven, vooral kalm blijven, je concentreren en rustig blijven ademhalen', had hij tegen zichzelf gezegd, tot wel tien keer aan toe.

En Gianetti was kalm en geconcentreerd gebleven totdat hij op de Rue du Roi Albert het finishdoek zag wapperen. 'Toen werd het heel warm van binnen, want ik realiseerde me dat ik de klassieker van mijn dromen ging winnen.' Van totale verrukking en opperste verbazing had hij op de laatste meters de handen een paar keer voor de ogen geslagen. 'Want ik kon het niet geloven en eigenlijk kan ik het nog niet.'

Mauro Gianetti is zo'n renner die van alles een beetje kan. Hij kan meekomen op het vlakke, aanklampen in de bergen en heeft een behoorlijk koersinzicht. Maar uitblinken doet hij in geen enkele discipline en daarom verdiende de beroepsrenner Gianetti jarenlang zijn brood als knecht.

In 1986 werd hij prof en tot Luik-Bastenaken-Luik van 1995 won hij slechts zeven koersen waarvan Milaan-Turijn veruit de belangrijkste was. Drie keer heeft hij overwogen het bijltje er bij neer te gooien. De eerste keer in 1992 toen hij chronische maagklachten had. Het jaar erop voelde hij zich beter, maar zat hij bij Festina, een ploeg die aan chaos ten onder ging.

Hoewel hij in de Italiaanse ronde niet eens van de partij was, moest Gianetti boeten voor het monsterverbond dat Festina in de Giro met het Banesto van Indurain had gesloten. Festina-baas Rodriguez was er in alle staten door geraakt. De Spaanse horlogefabrikant smeet zijn Nederlandse ploegleider Gisbers op de keien en schrapte woest in het programma van renners die in zijn ogen hadden geheuld met de vijand.

Omdat Rodriguez ook de onschuldige Gianetti voor een verrader hield, kwam de bij voorkeur Italiaans sprekende Zwitser de rest van het seizoen nauwelijks meer in actie. Hij dacht dan ook sterk aan stoppen, maar toen er bij het machtige Mapei een plaatsje voor hem vrijkwam, plakte Gianetti er nog maar een jaar aan vast. De ploeg van zijn beroemde landgenoot Rominger had echter zo veel renners van formaat in huis dat de anonieme coureur uit Lugano wederom nauwelijks aan koersen toe kwam.

Gianetti had er eind vorig seizoen dan ook schoon genoeg van. Zijn vrouw en een paar vrienden moesten flink op hem inpraten om 'm op de fiets te houden. Hij zal ze er eeuwig dankbaar voor blijven, want bij het nietige Italiaanse Polti heeft zijn wielerleven dit jaar een verrassende wending genomen.

Op z'n 31ste kan Gianetti zich uitleven in de vrije rol die ploegleider Zenoni hem gunt. Daarom kon hij in zijn meest geliefde koers, Luik-Bastenaken-Luik, zijn veelzijdigheid tonen. Die bracht hem op een dag waarop veel meezat de grote zege die een carrière de moeite waard maakt.

Laurent Jalabert was, net als in de Waalse Pijl, de sterkste man van de koers geweest, maar zijn angst voor de rappe spurt van Bugno werd de Fransman fataal. Toen Gianetti voor de tweede keer aanzette in de finale van de vierde wereldbekerwedstrijd van het seizoen spookte het WK van 1992 door het hoofd van Jalabert. In Benidorm was hij in de sprint door Bugno geklopt en daarom was het voor Jalabert zaak zich in Ans zo min mogelijk uit te sloven.

Bugno, op zijn beurt, had schrik voor Jalabert, de meest succesvolle renner van het seizoen en zo kwam voor Gianetti de weg naar plotse roem wijd open te liggen. En Luik-Bastenaken-Luik kreeg een winnaar die oordeelde dat hem slechts bescheidenheid past. 'Want ik ben geen kampioen van het kaliber Jalabert en Bugno, maar een renner die altijd hard heeft moeten werken voor een heel klein beetje succes. Kunnen jullie je voorstellen dat ik een beetje ondersteboven ben van wat mij vandaag allemaal overkomt?'

LUIK-BASTENAKEN-LUIK: wereldbeker, vierde wedstrijd: 1. Gianetti (Zwi) 261,5 km in 6.38.25, 2. Bugno (It) 0.15, 3. Bartoli (It), 4. Jalabert (Fr), 5. Casagrande (It) 1.24, 6. Armstrong (VS) 3.04, 7. Chiappucci (It) 4.45, 8. Sörensen (Den), 9. Imboden (Zwi), 10. Den Bakker (Ned) 10.10, 11. Fondriest (It), 12. Tsjmil (Mol), 13. Museeuw (Bel), 14. Zülle (Zwi), 15. Bortolami (It), 16. Simone Rebellin (It), 17. Bouwmans (Ned), 18. Pantani (It), 19. Berzin (Rus), 20. Konisjev (Rus) 11.20, 21. Piccoli (It) 11.38, 22. Jimenez (Sp) 12.02, 23. Ekimov (Rus), 24. Aldag (Dui), 25. Frattini (It), 27. Rooks, 51. en laatste Puttini (Zwi) 15.13.

Stand WB: 1. Museeuw 80 pnt, 2. Jalabert 70, 3. Tsjmil 65, 4. Ballerini (It) 58, 5. Bartoli, Baldato (It) 57, 7. Gianetti 50, 8. Chiappucci, Fondriest 46, 10. Bugno 35, 11. Ekimov 32, 12. Zanini (It) 31, 13. Bortolami, 14. Skibby (Den) 26, 15. Davide Rebellin (It) 20, 27. Den Bakker 8.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden