Column

'Nu weet ik het zeker: alle badgasten plassen in zee'

'Ik had een heerlijke vakantie op Kreta', schrijft Erik Jan Harmens. 'We hadden in ons appartement een 'kitchenette'. Dat is Grieks voor: 'fokkin kleine keuken'.

null Beeld thinkstock
Beeld thinkstock

Sinds deze zomervakantie weet ik het zeker. Alle badgasten plassen in zee. Op Kreta wordt de hele dag flink doorgezopen door de toeristen, maar niemand gaat ooit naar het toilet, behalve als ze moeten drukken. Ik zag de dikke, roodverbrande Engelsmannen om mij heen voortdurend bloemvazen bier naar binnen gieten en dan op gezette momenten het water in rennen, neerhurken tussen de recreanten en een glazige blik trekken. Dit betekende dat je als badgast voortdurend in een plens aangelengde urine liep te watertrappelen, maar zolang je daar niet over nadacht was er niet veel aan de hand. Dat geldt trouwens voor heel veel dingen.

Maar ik ging er dus wel over nadenken. En ik dacht: als ik nu het water in loop, mijn apparaat uit mijn broek haal en lekker in het water ga plassen, dan word ik opgepakt. Voor het in een openbare ruimte tonen van mijn apparaat en ook voor wildplassen. Want wildplassen mag niet, behalve als je - zoals die rode Engelsmannen - doet alsof je niet plast maar gewoon even in het water verpoost. Het mag niet, maar wel stiekem. Dat geldt trouwens voor heel veel dingen.

Koude douche
Ik had een heerlijke vakantie. Op Kreta dus, waar ons appartement zoals beloofd in de folder inderdaad voorzien was van een televisie. Het enige probleem was: hij had geen ontvangst, op alle zenders was sneeuw. De beheerder haalde zijn schouders op en zag het probleem niet. 'Is television,' zei hij in vloeiend Engels, waarmee hij op zich een punt had. Bovendien was de sneeuw niet heel veel minder boeiend dan het gemiddelde programma dat je als kijker krijgt voorgeschoteld.

Kortom: mij hoorde je niet klagen. Al moet gezegd dat het zwembad uit de folder overduidelijk met een groothoeklens was gefotografeerd. In werkelijkheid maakten we hutjemutje wat ingetogen zwembewegingen in een kuip van vijf bij drie meter, in gezelschap van 15 andere gasten. Die waarschijnlijk allemaal ook in het water plasten, dus dat was bad uit en afdouchen. Maar die douche was aangesloten op een boiler en als die leeg was, wat eigenlijk altijd het geval was, stond je onder een koude straal. Wat goed nieuws is voor de rikketik, maar iets minder voor het vakantiegevoel. Al hoorde je mij niet klagen.

null Beeld thinkstock
Beeld thinkstock

Verdrietige sla
Ook niet over de speelhal naast het appartementencomplex, waar de helft van de speelautomaten was uitgeschakeld, de stekker lag werkeloos op het apparaat. 'Is it broke?' vroeg ik aan de exploitant. 'It's not on,' antwoordde hij, in vloeiend Engels. Mij hoorde je ook toen niet klagen.

Ook niet toen we op excursie gingen. Voor 60 pop de man mochten we eerst heel lang in een bus zitten, toen heel lang met een boot varen om uiteindelijk het eiland Spinalonga te bezoeken, waar ze vroeger de lepralijders naar verbanden. Daar was het helaas 65 graden, dus we bleven niet zo lang. Op de boot was een barbecue georganiseerd: we moesten allemaal in een rij gaan staan en toen kreeg iedereen een stuk karbonade, met wat verdrietige sla erbij geserveerd. Ik als vegetariër kreeg diezelfde sla, maar dan zonder karbonade, en mij hoorde je niet klagen.

'Fokkin kleine keuken'
We hadden in ons appartement een 'kitchenette'. Dat is Grieks voor: 'fokkin kleine keuken'. Wel waren er twee gaspitten, waarvan één het niet deed. Maar een optimist zegt: één pit deed het wel. Bovendien gingen we meestal toch uit eten. Dan werden we ontvangen door een man die geen Engels sprak, maar ons naar een collega verwees, die wel Engels sprak en ons bediende. Maar die sprak dus ook geen Engels, hij deed alsof. Dan moet je wel echt een NSB'er zijn wil je die man gaan verraden, dat deden we natuurlijk niet. Dus als die man wat brabbelde knikten wij en als wij wat terugbrabbelden knikte hij. Zo was het elke avond weer een verrassing wat je op je bord kreeg, iets waarover je mij niet hoorde klagen.

Maar dat iedere Hollander in het Kretense supermarktje bij het schap met de zonnebrandolie en de after sun, zodra hij de flessen van het merk 'Piz Buin' in de gaten krijgt, klaarblijkelijk heel hard door de winkel moét roepen: 'Hé kijk eens: Pisbruin! Zie je dat? Pisbruin! Hahahaha!', dáár hoor je mij wél over klagen. Het slaat nergens op en het ontbeert iedere vorm van klasse en stijl. 'Pisbruin'. Zullen we daar alsjeblieft mee ophouden? Net als met in zee plassen als er allemaal mensen om je heen zwemmen? Wees dan een kerel en zwem eerst een heel end van de anderen weg alvorens je begint met het legen van je blaas. Nee, nog een stuk verder alsjeblieft. Ja, nu ben je al een heel end uit onze richting, maar graag nog een klein stukje verder. O, nu zie ik je niet meer.

Erik Jan Harmens is dichter. Twitter: @ErikJanHarmens

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden