beschouwingnajaar

Nu, met corona, stemt de herfst misschien nóg weemoediger dan anders

Melancholie is de gemoedstoestand die bij uitstek met het najaar is verbonden. Het is een ingewikkeld, contrastrijk seizoen dat geen ‘schoonheid volgens het boekje’ biedt. En corona maakt het er niet gemakkelijker op. Biedt de herfst toch nog troost?

Herfst in het Gelderse Batenburg.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Van alle seizoenen heeft de herfst misschien wel de meeste invloed op onze stemming. De laatste zomerse dagen zijn bedrieglijk. Temperaturen die niet met het jaargetijde overeenstemmen, worden al snel met de omineuze klimaatverandering in verband gebracht. En dan kun je er niet meer onbekommerd van genieten. 

Maar de warmte van september is ook de laatste ademtocht van de zomer. En dat stemt weemoedig. Melancholisch – het stemmingsbeeld dat bij uitstek met de herfst wordt geassocieerd. Of ronduit neerslachtig. Veel mensen lijden juist deze maanden aan een ‘seizoensgebonden stemmingsstoornis’ – een herfstdip – die zich bij een kleine half miljoen mensen verdiept tot een depressie.

Toch is de herfst niet het seizoen van de zelfdodingen. In het voorjaar, als het licht en de kleuren in het landschap terugkeren, stappen meer mensen uit het leven, zoals psycholoog René Diekstra het uitdrukt. Wat die ogenschijnlijke paradox verklaart? ‘Het kan zijn dat juist het voorjaar een gevoel van verlatenheid oproept bij mensen: de wereld om hen heen gaat en staat in bloei, maar zijzelf zijn daar geen deelgenoot van. De afstand tot de wereld om hen heen is groter dan in het najaar, als hun directe omgeving meer overeenstemt met hoe zij zich voelen.’

Verlichting van het zware gemoed

Ooit werd melancholie – een samenvoeging van de Griekse woorden melas (zwart) en cholè (gal) – aangemerkt als een aandoening, veroorzaakt door hoge concentraties zwarte gal in het bloed. Maar gaandeweg werd melancholie opgewaardeerd tot voedingsbodem van grote kunst. Al in de vroege 17de eeuw schreef Robert Burton in The Anatomy of Melancholy hoe de last van het zware gemoed kon worden verlicht: door dingen te doen waar de stemming juist níét toe uitnodigde, zoals zingen en dansen. Hijzelf schreef over melancholie om de melancholie niet te hoeven voelen.

Psychoanalyticus Sigmund Freud maakte een onderscheid tussen ‘Trauer und Melancholie’: het eerste wortelde in een concrete verlieservaring. Melancholie was een onbestemd gevoel van rouw dat niet door een sterfgeval of een andere ingrijpende gebeurtenis werd opgeroepen. Om daarin niet te verzinken, ‘wenden droeve zielen hun verlamming, verlies en verwarring ten goede aan’, schreef Eric G. Wilson in Against Happiness, een ode aan de melancholie. 

Zij schrijven, dichten en schilderen om de demonen die hen besluipen te verdrijven. Zonder melancholie zou er slechts lichtzinnige en oppervlakkige ‘gelukscultuur’ zijn die de tragiek van het leven miskent. ‘Onrust baart elegantie’, schreef Wilson. Voor de kunstenaar is melancholie misschien een last, voor de kunstliefhebber is ze iets verheffends.

Mist en malse overvloed

In de cultuur die door de melancholie wordt gebaard, is de herfst een gangbaar thema omdat daarmee de cirkelgang van het leven en de eindigheid der dingen zo mooi kunnen worden verzinnebeeld. Gerrit Kouwenaar schreef over ‘de laatste stilstand van de zomer, de laatste vlammen van het jaar’ in een gedicht dat hij opdroeg aan Remco Campert, ter gelegenheid van diens 60ste verjaardag. ‘Het beschrijft’, lichtte Kouwenaar zelf toe in NRC Handelsblad, ‘het moment waarop je doet alsof het nog zomer is terwijl het eigenlijk al herfst is’.

De uitersten van de herfst komen samen in het gedicht To Autumn van John Keats, zegt René Diekstra. Het is het oogstseizoen ‘van mist en malse overvloed’ waarin ‘alle fruit kan geuren en kan gloeien’. Maar als het werk is gedaan, de oogst is binnengehaald, treedt het doodse seizoen in. ‘Een lage lucht bloost op de kwijnende dag, en dekt het stoppelveld met rozig coloriet’, dichtte Keats.

Herfstig Nederland

En nergens kan de herfst zo herfstig zijn als in Nederland. ‘Natuurlijk, je hebt de spectaculaire Indian Summer in Noord-Amerika, het Ruska-fenomeen in Scandinavië of het knalrode vallende blad in Japan’, schreef Hans Avontuur in AD. ‘Maar dat is herfst voor beginners. Eenvoudig te consumeren, schoonheid volgens het boekje.’ Daarentegen is de schoonheid van ‘krom gewaaide natte bomen’ nogal weerbarstig, wist Annie M.G. Schmidt. ‘Het grote complex van geuren en gevoelens dat een zichzelf respecterende herfst behoort mee te brengen, dat is alleen een buitenkind beschoren. De verlatenheid van een hoge koude hemel, waar duizenden stipjes samenzwermen: de vogels gaan trekken.’

Dit jaar versterkt corona de herfstmelancholie, denkt Diekstra. ‘De beleving van de wereld is nog grijzer dan in andere jaren. Het is de vraag of we straks de feestdagen kunnen vieren zoals we gewend waren. De tweede infectiegolf en de verwachte economische fall-out van corona roepen unheimische gevoelens op. En daaraan kun je niet ontkomen met een wandeling tussen verkleurende bomen, want ook daar kom je mensen tegen die zich niet aan de 1,5-meternorm wensen te houden. Zelfs buiten zijn is niet meer wat het geweest is.’

Des te groter is misschien de ontvankelijkheid voor de dichtregels van Jean Pierre Rawie: ‘Geen troost valt aan het najaar te ontlenen, de bladeren verworden in de goot, en de gelieven zijn voorgoed verdwenen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden