NSJ vol cadeautjes

Muziek die je al jaren kent, zo sterk opnieuw vertolkt, dat was plezierig afscheid nemen van het festival dat een paar sterke troeven tot het laatst had bewaard.

Jazz


North Sea Jazz Festival,


Ahoy Rotterdam.


zondag 14 juli, slotdag


Saxofonist Branford Marsalis die het podium opkomt bij Sting of zanger Gregory Porter die voor even de band van pianist Robert Glasper komt versterken. Het zijn van die cadeautjes waar het North Sea Jazz festival, zondag afgesloten met een erg sterk programma, patent op lijkt te hebben.


Sting trok als laatste artiest in de grote Nile zaal, na Santana vrijdag, verreweg de meeste bezoekers, en hij liet zich van zijn allerbeste kant zien. Hits van The Police (Roxanne, Message In A Bottle) wisselde hij af met solomateriaal als het met Marsalis gespeelde Englishman In New York. De meeste liedjes kregen echter een afwijkend arrangement met ruimte voor improvisatie door Stings ijzersterke band.


Muziek die je al jaren kent, zo sterk opnieuw vertolkt, dat was plezierig afscheid nemen van het festival dat een paar sterke troeven tot het laatst had bewaard. Zo was er soulzanger Bobby Womack, die het gat achtergelaten door afzegger Joe Jackson moest vullen.


Sinds zijn vorige concert in Nederland, twee jaar geleden in Den Haag bracht Womack niet alleen een veel besproken nieuwe plaat uit, maar werd hij ook nog eens ernstig ziek.


Van dat laatste wil hij niks meer weten, maar in Rotterdam oogde Womack (69) mager en moest hij, slechtziend als hij geworden is, naar zijn plek op het podium geleid worden. Hij ging er vervolgens noodgedwongen vaak bij zitten om bij vlagen prachtig intens zijn met gospel doordrenkte soulmuziek te brengen.


Daar had hij een uitstekend veertienkoppige band met koortje voor meegenomen. Prachtig zoals hij van het enige recente nummer, The Bravest Man Of The Universe een slepende, zuigende ballade wist te maken. En toen hij Sam Cooke eerde met een loepzuivere eerste regel uit diens A Change Is Gonna Come, voelde dat als een onvergetelijk moment.


Op een geheel andere manier was het laatste plus-concert (een optreden waar door de bezoekers voor moest worden bijbetaald) van het festival dat ook. Dionne Warwick, onlangs nog geplaagd door een faillissement, zong met een vijftal weinig subtiel spelende muzikanten een stel hits bij elkaar die ze stuk voor stuk geweld aan deed.


Haar stem kraakte, ze kon woorden nauwelijks verstaanbaar zingen. Warwick mag dan zo'n prachtige Burt Bacharach/Hal David-catalogus klassiek hebben gemaakt, de dronkemansversies van Walk On By, Anyone Who Had A Heart en Message To Michael deden je na een kwartier wanhopig naar de uitgang spoeden.


Het drama was ook zo laat op de avond snel vergeten door bijvoorbeeld een bezoek te brengen aan de zinderende soulrevue van de nieuwe troetelbeer uit het genre, Charles Bradley of de in een te grote zaal rappende Kendrick Lamar, die een doeltreffende sober spelende band had meegenomen.


Een knappe band stond eerder op de dag ook Bonnie Raitt bij. Ze was lang niet meer hier te zien geweest en ze declasseerde nieuwe veelgeroemde bluesgitaristen als Gary Clark Jr even gemakkelijk met inventief, messcherp (slide) gitaarspel en prachtig gezongen liedjes. Die zien we graag eens terug voor een iets intiemer zaaloptreden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.