Nooit meer domme vragen

Vroeger was een journalist die had doorgeleerd een watje, nu worden redactiezalen overspoeld door doctorandussen. Is een drs-titel een must?...

IN ZIJN BOEK Metamorfose van een dagblad memoreert Frank van Vree hoe Harry Lockefeer, thans hoogleraar journalistiek in Groningen, een snerend 'daar hebben we onze doctorandicus' naar zijn hoofd kreeg als hij bij de Volkskrant zijn jas aan de kapstok hing. Lockefeer had namelijk doorgeleerd voor hij journalist werd en dat niet alleen: hij had doorgeleerd aan de universiteit, en dat niet alleen: hij had zijn studie ook afgemaakt. Lockefeer was een buitenbeentje in het gezelschap mislukte kunstenaars, gewezen onderwijzers en bekeerde priesters dat de krant volschreef.

Zijn revanche kwam twintig jaar later toen hij, inmiddels hoofdredacteur, met een paar collega's een postdoctorale opleiding journalistiek oprichtte, de PDOJ aan de Rotterdamse Erasmus Universiteit. Nog geen week na de viering van het tienjarig bestaan van deze PDOJ opende Lockefeer afgelopen woensdag aan de Rijksuniversiteit Groningen alweer een nieuwe postdoctorale opleiding, nu voor radio- en televisiejournalistiek, in samenwerking met AVRO, KRO, NCRV en Radio en Televisie Noord. Voor Wegener, de grootste uitgever van regionale kranten, leidt de Rijksuniversiteit Groningen komend jaar achttien academici op. Bij de Universiteit van Amsterdam bestaan vergevorderde plannen om volgend jaar met een doctoraalstudie journalistiek te beginnen.

Doctorandussen: de journalistiek raakt ervan vergeven. De self made journalist, begonnen als bezorger van het illegale Parool om vervolgens via scheepvaartberichten en stadsredactie op te klimmen tot razende reporter op een Vespa-scooter, is gestold tot een droevig cliché in de Koos Tak-verhalen van Rijk de Gooijer en Eelke de Jong. De moderne journalist heeft gestudeerd, geschiedenis meestal, scheikunde desnoods, maar hij hééft doorgeleerd. Hij is een slimme jongen.

Al moeten we zijn intellect ook weer niet overdrijven, vindt Jan Blokker, in de beginjaren van de PDOJ als bijzonder hoogleraar persgeschiedenis aan de Erasmus Universiteit verbonden. 'Het is ouwemannengezeur, maar ik denk toch dat een afgestudeerde in 1951 iets meer voorstelde dan in 1999. Het totale opleidingspeil in Nederland is de afgelopen decennia behoorlijk gedaald. Dat begint al op de basisscholen en loopt via de pretpakketten op het gymnasium tot het academisch onderwijs, waar pluizige vakken als menswetenschappen, vrouwenstudies en andere onzin hun intrede hebben gedaan.'

Blokker was gesjeesd student Nederlands toen hij in de jaren vijftig als leerlingjournalist ('Voor drie cent moest je de pagina opmaken en de agenda bijhouden') bij de kunstredactie van Het Parool terechtkwam. 'Een journalist moest niet te veel weten: met domme vragen op pad, dat was het credo. Intelligentie werd verdacht gevonden, iemand die gestudeerd had een watje. Het nieuws werd binnengesleept door jachthonden met een laag voorhoofd die desnoods 24 uur snuffend op een stoep gingen liggen om hun buit te verovereren. Degene die de middelbare school had afgemaakt, mocht de raadsverslagen doen.'

Harry Lockefeer wordt er niet weemoedig van. 'Ik ben blij dat het vak is geprofessionaliseerd. Dat we in Groningen niet alleen schrijvende journalistiek als doctoraal-specialistatie aanbieden, maar nu ook radio- en televisiejournalistiek. Zo'n opleiding ontstaat vanuit een behoefte aan kwaliteitsverbetering, zoals ook de PDOJ is opgericht vanuit het streven naar een betere krant. Voor een betere krant heb je betere journalisten nodig. De wereld is complexer dan dertig jaar geleden, probleemstellingen zijn steeds ingewikkelder geworden en journalistiek gespecialiseerder: en dat vereist van journalisten een groter analytisch vermogen. Dus kom je bij academici uit.'

Ook Blokker noemt het een goede ontwikkeling dat in de journalistiek tegenwoordig jonge mensen binnenkomen die 'wel eens een boek hebben gelezen'. 'Kranten zijn ontegenzeggelijk beter geworden. Oók beschouwelijker, minder nieuwsgeil, eerder analyserend dan jachthonderig: maar toch beter. Het is begrijpelijk dat hoofdredacteuren een voorkeur hebben voor academici. Die hebben in elk geval bewezen iets af te kunnen maken. Natuurlijk moet er vervolgens een douche als de PDOJ of de Groningse afstudeervariant overheen om alle aangeleerde onzin weg te spoelen, maar dan haal je met academici ook completere en betere journalisten in huis dan met afgestudeerden aan een van de scholen voor journalistiek.'

NRC Handelsblad-redacteur Coen van Zwol, een van de eerste afgestudeerde PDOJ'ers, kan zich daar wel in vinden. Deze maand won hij de NDP-prijs voor een serie artikelen over Kosovo. Op zijn krant constateert hij een groot niveauverschil tussen stagiaires van de scholen voor journalistiek en die van de PDOJ. 'De jongens van die scholen zijn gewoon nog niet klaar om bij een krant te beginnen. Ze zijn jonger dan stagiaires van de PDOJ, kunnen nog niet zelfstandig werken, krijgen het eenvoudigste berichtje maar moeizaam rond. Er is te weinig achtergrondkennis, diepgang ontbreekt - uitzonderingen daargelaten.' Wat volgens Van Zwol niet impliceert dat elke journalist per definitie een academische graad moet hebben: 'De Nederlandse journalistiek kent verschillende niveaus. Niet elke journalist hoeft bij een landelijk dagblad terecht te komen. De Viva en de Gelderlander moeten ook vol.'

Gijs Schreuders, journalist en docent aan de School voor de Journalistiek in Utrecht, gaat nog net niet vloeken. Driftig bladert hij door een stapel stageverslagen waarin landelijke kranten zijn leerlingen beoordelen. 'Hier. Deze jongen liep stage bij NRC Handelsblad, Enthousiast, schrijven ze. Werkt met grote inzet en gretigheid. Beschikt over zeer innemende communicatieve vaardigheden. En deze, van het Algemeen Dagblad: Stage verliep vrijwel rimpelloos. Weet van werken. Altijd bereid op een idee af te gaan.

'Dát zijn de dingen die ze hier leren. Enthousiasme, gretigheid, maar ook kritische zin. Ze krijgen een hartstikke goeie basis. Ondanks het feit dat we onze leerlingen niet vooraf selecteren, zoals de PDOJ, zit hier genoeg talent; alle afgestudeerden vinden werk, óók bij landelijke kranten. Ze zijn jong, maar ze kunnen zich na hun studie toch verder inhoudelijk ontwikkelen? Ik zie ook wel dat het vak hogere eisen aan journalisten stelt dan vroeger, maar dat je doctorandus zou moeten zijn om het uit te kunnen oefenen, wil er bij mij niet in. Moeten we over tien jaar soms allemaal een doctorstitel bezitten?'

Maar nee. Harry Lockefeer: 'Het gaat om de mix. We moeten vooral geen concurrentie gaan voeren met de HBO-opleidingen: beide kunnen naast elkaar bestaan.'

Jan Blokker: 'De ideale redactie heeft jachthonden in huis, academici en een paar excentriekelingen die heel mooi kunnen schrijven. Mooi schrijven leer je namelijk nergens, dat is een kwestie van talent en van in je jeugd veel gelezen hebben. En van op zijn tijd nog 's even kijken hoe Elsschot het ook al weer deed.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden