Nooit knockout

Hij is beter dan Regilio Tuur, maar heeft meer pech. Op 27 september staat bokser Raymond 'Halleluja' Joval voor het eerst weer in de ring sinds hij in januari een dubbele kaakbreuk opliep....

Eindelijk viel er begin dit jaar weer wat te boksen voor Raymond Joval. Liefst twee gevechten stonden gepland. Uit zon derlijk in Nederland, waar tv-stations de bokssport boycotten en er dus geen sponsor te porren is om een gevecht te financieren. Daardoor was Joval bijna zijn ibo-kampioenstitel kwijtgeraakt. De middengewicht moest van de International Boxing Organization voor de derde keer zijn titel met spoed verdedigen, maar kreeg de kans niet.

Op 24 januari 2003, anderhalf jaar na zijn laatste wedstrijd, kon hij zich eindelijk weer bewijzen, in Schermerhorn, tegen de Argen tijn Francisco Antonio Mora.

Joval was gefocust. Na kerst onderwierp hij zich aan een streng trainingsschema en was het uit met de seks en de rondjes langs favoriete Surinaamse eethuisjes. Een week voor het gevecht ontvluchtte hij de herrie van zijn drie peuters in de Bijlmerflat en trok zich terug in een Amsterdams hotel, vlakbij de boksschool.

Daar nam hij 's avonds een bad met Surinaamse powerkruiden, roste hij in gedachten zijn tegenstander in twee ronden knock-out met zijn successtoot, 'dubbel links, rechts', en vroeg daarbij om goddelijke bijstand voor een snelle overwinning, want op 16 maart wachtte het prestigeduel met landgenoot Nordin Ben Salah.

Dopingtest

Zondag 24 januari 2003. Joval is op gewicht en vol zelfvertrouwen, maar onderweg naar Schermerhorn krijgt zijn trainer Erik van de Berg een lekke band en arriveert laat in sporthal De Myse. Te laat om te kunnen verhinderen dat niet Mo ra, maar Joval drie kwartier voor het gevecht wordt opgeroepen voor een dopingtest, die doorgaans pas na de wedstrijd plaatsvindt.

Warmdraaien is er niet meer bij; na een tiental luchtstoten moet hij de ring al in. En Joval kiest, ook al anders dan gebruikelijk, voor een kleiner bit. De grote gebitsbeschermer heeft een vaste vorm en vangt de klappen beter op, maar een klein bitje laat meer lucht binnen. Jovals aanvalsplan is erop gericht om fel te starten, snel te beëindigen en kracht te sparen om zijn volgende tegenstander de grote mond te snoeren. 'Ik dacht: if I can get him down, it's an easy payday. But there ain't no easy paydays.'

Achteraf beweert de pers dat het hem ontbrak aan wedstrijdritme. Onzin. Jo val weet dat hij topfit was. Alleen: de laatste uren van die zondag overheerste de stress en de Argentijn bleek 'een pezige taaie biefstuk' te zijn. Na twaalf slopende ronden beweert Jo val met een dichtgetimmerd oog en de kampioensgordel om zijn middel 'dat de biefstuk hem goed had gesmaakt' en 'hij zijn wonden likt en vrolijk door zou gaan'; toch stroomt er die avond geen champagne, maar een slaapmiddel door zijn aderen. In de operatiekamer constateert de chirurg een indirecte ko van een halfjaar in de vorm van een dubbele kaakbreuk.

Krokettenbond

Drie weken later is het gevecht nog steeds hét gesprek in boksschool Kops in Amster dam. Logisch. Het is Jovals tweede huis. Zijn foto's prijken aan de muren, in een hoek ligt het opgerolde spandoek: 'Kops steunt Joval'. Met een stadsbus vol hebben ze hem aangemoedigd. Eigenaar Bert Kops met het volu me van de worstelaar die hij was, voor tien man dus, want 'Raymond is een moordgozer'.

In de achttien jaar dat Bert de toko runt heeft hij meer toppers over de vloer gehad, maar zodra die jongens een titeltje hebben gewonnen, krijgen de meesten kapsones. Dan Ray. Ray is elke vrije minuut belangeloos bezig in Kops en stond meteen na zijn vijfdaags verblijf in het ziekenhuis weer les te geven, met opeen gebonden kaken, sissend. Te kent zijn karakter. Jovals boksvrienden knikken instemmend. Over hun drievoudig wereldkampioen niets dan lof. De ibo mag door cynici dan de 'krokettenbond' worden genoemd toegegeven, de bond is minder toonaangevend dan de grote als wba of wbo nog nooit heeft een Nederlandse bokser vierde of vijfde op de wereldranglijst gestaan.

'Talking about me?' Met trage pas komt hij binnen, in pak, Grieksblauwe gympen, Brook lyn-style postbodepet op, de kin omhoog. Surinaams h, zal hij later bekennen: 'Feel shit inside, look good from the outside.' Een klein litteken op zijn linkerwang, meer is er niet te zien, maar hij 'geniet nog steeds van de biefstuk' en de typische hi, hi-lach toont een vlechtwerk van ijzerdraad om zijn tanden. Tijdens de achtste ronde, vermoedt hij, is het kwaad geschied, al heeft hij vooral die laatste stoot gevoeld. En zo'n laatste stoot van een gevecht dreunt nog wekenlang na in het hoofd, maar een deuk in het zelfvertrouwen, neuh, heeft hij niet opgelopen. Pech was het. Het was een samenloop van omstandigheden.

Weg contract

Raymond 'Halleluja' Joval noemen zijn boksvrienden van Kops hem en volgens hen heeft de Schepper zijn gelovige onderdaan met meer talent bedeeld dan Regilio Tuur. Maar de zondagse gebeden in de kerkbank van de Evangelische Broedergemeenschap voor dat beetje benodigde mazzel zijn nooit verhoord.

Zo waren er de Olympische Spelen in Bar ce lona, in 1992, waar iedereen zag dat Jo val door de jury werd benadeeld. En iedereen had twee jaar eerder kunnen lezen dat Ray monds broertje Glyde gefrustreerd een stoel stuksloeg op een lid van de nk-jury nadat die overduidelijk ten onrechte Ray monds tegenstander als Nederlands kampioen aanwees.

Deze teleurstellingen doen Joval al een jaar na de start van zijn profbokscarrire besluiten zijn geluk in Amerika te beproeven. Met Europees en Olympisch brons gaat hij in 1994 Tuur achterna. Maar poen en roem bracht het Joval niet. 'Hoe dat kwam? Tuur heeft een betere bluf dan ik en kon zichzelf in New York ook makkelijker verkopen aan de gerenommeerde manager Stan Hoffmann omdat hij tegen een Amerikaan had gevochten. Ik niet, dus mijn naam was in Amerika onbekend.'

Joval moet zich nog bewijzen, tegen kost en inwoning. Geen dollar krijgt hij voor een gevecht. En net als hij na vijftien maanden met twaalf overwinningen op rij waarvan zes met ko's op het punt van doorbreken staat, nét dan, komt hij na een bezoek aan Amster dam Amerika niet meer in. De advocaat van zijn manager heeft zijn driemaandenvisum niet verlengd. Weg is het grote contract en het grote geld dat hem wachtte. Door zoiets stoms. En hij was gewaarschuwd. Zijn moeder zei na tien maanden al: Ray, dat nieuwe visum, het duurt te lang. 'Maar ik zei: ma, die kerel houdt kantoor in een prachtige wolkenkrabber en op zijn visitekaartje staan filialen vermeld in Los Angeles en Singapore. Ik was te goed van vertrouwen. Dat was de story usa.'

Slachtvlees

Hij is terug in Nederland waar de Boks fede ratie niet ageert tegen corrupte juryleden. En, erger, waar niks te boksen valt. Joval is veroordeeld tot gevechten in schimmige buitenlandse oorden, zoals in juni 1999, wanneer hij 'als slachtvlees' voor de wbo-titelhouder Agostino Cardamore naar Italië wordt gehaald en in een hotel zonder eetzaal en trainingsfaciliteiten wordt gezet. Een half uur voor het gevecht gaat het licht uit in zijn kleedkamer. Hij lacht, kan het sterker vertellen. 'Gaat er in een Italiaanse ring een Itali aan neer, dan wordt het donker in de zaal totdat hij weer overeind staat. Daar win je nooit op punten. Daar moet je iemand echt onder het canvas beuken.'

Maar, het lukt Joval die dag. Hij is wereldkampioen! Zijn mooiste en belangrijkste overwinning ooit, al wordt dit succes in Ne der land niet opgepikt, is er geen wbo-kampioensgordel met zijn naam voorhanden en heeft hij ook al een wurgcontract getekend. Als hij een halfjaar later in Italië gedwongen deze titel moet verdedigen, werkt het aangescherpte intimidatiedraaiboek wel en is hij wbo-kampioen af.

Ach, verhalen zat over sluwe pro motors en vele verdiende, nooit geziene centen. Maar mafiosi? Als we de aannemers die de bouwprijzen opdrijven ook mafia noemen. Hij een pechvogel? Niet als je bedenkt dat hij slechts twee van 32 gevechten heeft verloren en nooit knock-out is geslagen.

Zijn geduld is op de proef gesteld, dat wel, maar hij staat niet voor niks bekend als een conditiemonster. Hij heeft een lange adem. De boksers Don Diego Poeder en Orhan De li bas die in zijn kielzog New York aandeden, zijn net zo snel verdwenen als ze opkwamen. Tuur zit in de gevangenis.

En Joval? Hij bereidt zich drie weken na de kaakbreuk alweer mentaal voor op een grootse doorbraak. In Amerika. De promoposter is al gedrukt. 'Ray says: Hopkins next', staat erop. Bernard Hopkins wil hij uitdagen, de absolute nummer 1, de beul uit Phila del phia. Binnenkort.

Open wond

Amsterdam-Oost, een woensdagmiddag in maart. Joval bekijkt de uitgestalde hapjes in de vitrine van een Javaans eethuisje. De wekelijkse boksles aan zevenjarigen van de Dapperschool is net afgerond en hij heeft wel eens harder gewerkt 'de groep luisterde goed, h?', maar zin in eten heeft hij altijd. Al leen; wat te bestellen? Hij heeft een nieu we, en bovenal, gevoelige bite. Gisteren is de ijzerstellage die zijn gebit bijeen hield uit zijn mond verwijderd. Nou ja, verwijderd. Gerukt, zeg maar. De handeling deed hem denken aan de scne uit First Blood waarin Sylvester Stallone de open wond in zijn eigen arm zit te hechten. 'But I like it rough', zegt hij en bestelt vervolgens toch een soepje. Hij zal er lang over doen. De lepel wordt vaak neergelegd, gabbers van vroeger worden gegroet. Vuisten raken elkaar en dan het hart. 'I'll be back', zegt Joval.

Amsterdam-Oost. Hij komt er als jongen van elf terecht als oma vreest voor haar bloeddruk en hem in Paramaribo op het vliegtuig zet. Naar zijn moeder. Zij is haar zoon voorgegaan; door diezelfde oma al vele jaren eerder voor een interne verpleegstersopleiding naar de nonnen verwezen. 'Wie ze niet kunnen hanteren in Suriname sturen ze weg', zegt Joval. 'Mijn vader, een beroepsgokker, was een van de eersten.'

Ook de jonge Raymond deugt niet in de ogen van zijn oma en de tante bij wie hij opgroeit. Zijn broertje Glyde is het lievelingetje van de pleegmoeders, Ray ging door voor ogry boy, een brutale vlegel. Joval haalt zijn schouders op. 'Ik had nooit een bank beroofd, laat staan iets gestolen. Ja, op een gegeven moment plunderde ik oma's bank, want ik dacht: ik kan me net zo goed als een brutale aap gedragen. Slaag kreeg ik toch. Maar op mijn elfde begonnen de stokken te breken.'

Zijn moeder kiest een andere aanpak. Ze geeft hem de bijbel. 'Voor als je een uitweg zoekt', zegt ze. En: 'Zet me niet voor schut.' Zijn moeder heeft hij trots gemaakt. Sterker: ze is zijn grootste fan, roept steevast: Ray, sla 'm neer! Maar het lijntje is dun. De weg van huis naar de lts telt tien coffeeshops die na het tweede lesuur al open zijn. Het feit dat hij in 1988 het boksen ontdekt, maakt een eind aan het gelummel in zijn leven.

Sappelen

Het is om die reden dat hij belangeloos boksclinics geeft aan pubers die dreigen te ontsporen. 'Ik breng ze liever wat discipline bij, dan dat ze zich moeten schamen in de cel.' Al kan hij het de profboksers die kozen voor de korte weg naar het geld niet kwalijk nemen. Het is sappelen, dit topsportbestaan. Veel meer dan een sweater van Surinam Airways heeft sponsoring niet opgeleverd. Nooit heeft hij financiële ondersteuning gehad. Het enige dat de gemeente Amsterdam hem overhandigt is de Nationale-Neder landen Fair Play Award vanwege zijn jarenlange vrijwilligerswerk, en ja, een uitkering. Tot juni 1999. Dan is het de kersverse wbowereldkampioen zijn eer te na om nog aan het loket van de Sociale Dienst te gaan staan.

Jaloers

Het is zijn vriendin Lisenka die het gezin grotendeels onderhoudt. Drie kinderen hebben ze samen. En hij heeft nog een dochter in Finland. Ze is van 1994, verwekt in New York en geboren uit de dame die hij kent van het wk in het Finse Tampere en die hem nareis de naar de vs. Hij ziet zijn dochter elke vakantie, maar het voelt toch als een 'bro ken promise'. Zijn Nederlands is altijd slecht geweest, vandaar dat hij liever Engels praat. Hij bedoelt dat je een belofte tegenover een kind verbreekt als je het op de wereld zet en niet opvoedt. De liefde om de relatie met haar moeder te laten slagen, ontbrak.

Tien maanden heeft hij het geprobeerd. Terwijl Tuur 's nachts de dandy uithangt in Manhattan, woont en werkt Joval in Brook lyn als taxichauffeur om luiers te kunnen kopen. Hij heeft als taxichauffeur lol gehad, en voor zijn leven gevreesd in dat jaar zijn 53 black boys vermoord, en hij is een black boy.

Maar jaloers op Tuur? 'Als je een andere weg neemt, dan hoef je niet te zien wat een ander heeft.' Hij verwijt zichzelf wel dat hij de andere kant op bleef kijken toen zijn vermoeden in de pers werd bevestigd dat Tuur ook thuis klappen uitdeelde. Maar de mensen die roepen dat zijn gedrag het negatieve criminele beeld van de bokssport bevestigt, vergeten dat Tuur ook veel goeds heeft gedaan voor de sport. 'Hij was mijn voorbeeld. Wij hebben uit dezelfde waterleiding in Pa ra ma ribo gedronken.'

Toehappen

Het is een ongewoon warme aprildag, en zo uitgelaten als Amsterdam zich na de werk dag massaal naar het terras spoedt, zo uitgelaten zit Joval op dat moment tegenover Bert Kops in de boksschool. Want luister. Jo val is van de week naar een wedstrijd van Hopkins in Philadel phia gaan kijken, met zijn promoposter onder de arm. Vertel, zegt eigenaar Bert. En Joval vertelt.

Hij had het vermoeden, zegt hij, dat Hopkins tijdens de persconferentie na afloop de aanwezigen zou uitdagen om het tegen hem, de nummer 1 van de wereld, op te nemen. Zo ging het, en dat moment had hij in zijn hoofd, maar net toen hij dacht: ademhalen en toehappen, klonk het: I'll get you, motherfucker! Drie jongens stonden met veel bombarie op. Blufkonten, geen grote namen. Een drievoudig ibo-kampioen die zich in dat rijtje schaart maakt zich belachelijk. Joval veranderde van strategie: wachtte het spektakel af, stapte rustig op Hopkins af en hield hem zijn poster voor. 'Hoe hij reageerde? Hopkins lachte wat, en liep toen door. Maar ik sta sinds gisteren wel op zijn website vermeld als een interessante tegenstander.'

'Ja', weet Bert. 'De ibo-gordel ontbreekt nog aan de outfit van Hopkins.' 'Ho', zegt Joval voordat hij de sportzaal induikt om voor het eerst zijn kaak te trainen. 'Ik ga hem een van zijn drie wereldtitels afnemen.' Bert geeft hem 50 procent kans. Joval haalt de beste boksers uit hun ritme. Maar heel slim, zegt Bert, dat Joval zijn porem heeft laten zien in Amerika. Want daar gebeurt het.

Geestelijke nood

In kamer 212 van het Amsterdamse Aca demisch Medisch Centrum is de arts net ver dwenen. Joval is gerustgesteld. Het is de grote dag in mei; de vier staalplaten die sinds januari zijn kaken bijeenhouden, worden verwijderd, en Joval krijgt straks voor het gevreesde prikje eerst een pilletje om kalm te worden. Is de geestelijke nood echt aan de man, dan is beneden de ziekenhuiskapel, had de arts nog gezegd.

Maar eerlijk gezegd, biecht Joval op, twijfelt hij aan het christendom. Eerlijk gezegd heeft hij nooit een antwoord in de bijbel gevonden. Alleen: in Amerika vond Tuur de Schrift in zijn sporttas, dus werd hij 'Halle lu ja' gedoopt en de geblondeerde haarkrans rond zijn hoofd werd beschouwd als aureool. Klopt niet, dat laatste. Zijn coupe symboliseert de aanvalstactiek van de Afrikaanse vrijheidsstrijder Shaka Zulu, die zijn tegenstanders via omsingeling overmande en als de grote held overbleef. 'Die tactiek boeide me. Alleen bleef ik in mijn carrire doelloze rondjes lopen. De klap op mijn kaak heeft me wakker geschud: ik volgde niet de directe weg naar het succes.'

Maar dat gaat veranderen. Als over een week of twee de operatiewonden zijn geheeld, reist hij af naar New York. Om zich in de ring van de befaamde Gleasons Gym in Brooklyn te meten met de toppers. En om de man die Tuur naar de top bracht, maar die destijds geen fiducie in hem had, te overtuigen van zijn kwaliteit. Hij gaat Stan Hoff mann vragen om zijn manager te worden. Joval gaat deze ronde recht op zijn doel af.

Joval lijkt gelijk te krijgen. Als hij in augustus even over is in Nederland mag hij Hoffmann zijn manager noemen en staan er twee gevechten in zijn agenda. Eerst zal hij op 27 september in het Belgische Char leroi voor de vierde keer zijn ibo-titel verdedigen tegen Lasana Diallo, en op 15 november staat hij in Amsterdam tegen een nog te strikken Amerikaan. Wint hij die gevechten, dan ligt een titelgevecht in Amerika in het verschiet en wie weet, zijn droomgevecht. Joval fantaseerde er in de ziekenhuiskamer van het amc al over en stak triomfantelijk een boek omhoog. Niet de bijbel, maar de geest van Mo ham med Ali zou hem begeleiden naar zijn toekomstige doorbraak. King of the World, is de titel van zijn nieuwe inspiratiebron. Hopkins is gewaarschuwd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden