Nog steeds een stomp in je maag

Jarenlang lag het te verstoffen, nu wordt Heijermans’ Op Hoop van Zegen weer gespeeld. ‘Er zitten zinnen in waarin je kunt gaan wonen.’ Door..

‘Voor mij is Op Hoop van Zegen een Grieks drama, maar dan gesitueerd in een Hollandse vissersplaats. En Kniertje is een soort Job uit de Bijbel, die uiteindelijk op de mestvaalt eindigt. Alles wordt haar afgenomen, er blijft niets meer over. Hoe overleef je dat? Daar gaat dit stuk over.’

Ronald Klamer, directeur en dramaturg van Het Toneel Speelt is er duidelijk over: het wordt hoog tijd dat Op Hoop van Zegen van Herman Heijermans weer eens gespeeld wordt. En dat het publiek, geheel tegen het imago van het stuk in, kan concluderen: ja, dit is op-en-top een Griekse tragedie, maar dan op Hollandse leest geschoeid.

Op Hoop van Zegen – dat is ouderwets, sociaal drama, het cliché van de arme vissersvrouwen tegenover de keiharde reder. Sentimenteel volkstoneel, gebracht als propagandamateriaal om Heijermans’ socialistische idealen over het voetlicht te brengen. Dat is dus het imago van het stuk, en die vooroordelen kwam Klamer dan ook tegen toen hij deze voorstelling aan de schouwburgen ging verkopen. Klamer: ‘Maar het tegendeel is waar: het is een prachtig stuk, diepmenselijk, en met een wonderbaarlijk sterke structuur.’

Nog zo’n enthousiast pleitbezorger voor een opwaardering van Op Hoop van Zegen is musicalproducent Hans Cornelissen: ‘Wat een prachtig sociaal drama! Een toneelstuk over een moeder die haar zoon de dood instuurt, dat bezorgt je nog steeds een stomp in je maag. Het is een stuk dat alle mogelijkheden in zich heeft te worden gecombineerd met schitterende muziek.’

Het is geheel toevallig maar Op Hoop van Zegen (ondertitel: ‘Spel van de zee in vier bedrijven’), Herman Heijermans’ bekendste stuk uit 1900, wordt dit seizoen twee keer achtereen opgevoerd. Eén keer gewoon, als toneelstuk, en een keer, geheel passend in de tijdgeest en de smaak van het publiek, als musical. En dat terwijl het stuk jarenlang ergens achteraf in de toneelbibliotheek heeft liggen verstoffen.

Heijermans en Vondel – dat zijn de twee namen die steevast worden genoemd als het gaat om de twee beroemdste Nederlandse toneelschrijvers aller tijden. Maar hun werk wordt niet of nauwelijks nog gespeeld. Bij Op Hoop van Zegen is er overigens sprake van enorme schommelingen in waardering; de perioden waarin het stuk mateloos populair was en dan weer vergeten, wisselen elkaar gestaag af. Vanaf de première op Kerstavond 1900 tot in de jaren dertig was het ongekend populair in de Nederlandse theaters. Vooral Heijermans’ eigen gezelschap De Nederlandse Toneelvereeniging hield het stuk voortdurend op het repertoire. De hoofdrol van vissersweduwe Kniertje werd meer dan 1200 keer gespeeld door de legendarische Esther de Boer-Van Rijk, die heel haar leven met die ene rol verbonden is geweest. In het boekje Ik kijk terug vertelt ze uitgebreid over haar toneelleven. ‘Van alle Heijermans-rollen is Kniertje mijn meest populaire geworden. De beeltenis van het zielige vissersvrouwtje, dat man en zoons aan de zee heeft moeten offeren, verscheen niet alleen in bladen en tijdschriften, maar op ansichten, bekers, wandborden, luciferstandaards.’

Na de Tweede Wereldoorlog werd Op Hoop van Zegen vast repertoire bij het Amsterdams Volkstoneel, waar het van 1950 tot 1974 met tussenpozen gespeeld werd, met Beppie Nooij vele jaren achtereen in de rol van Kniertje. En toen werd het stil rond de ‘Hoop’, zoals het stuk in toneelkringen wordt genoemd. Hier en daar nog een enkele opvoering, het laatste gezelschap dat zich aan een integrale opvoering waagde, was het Ro Theater in 1989. Hollandia speelde het stuk nog in 1995, als locatievoorstelling bij een scheepswerf in IJmuiden en ook was het te zien in een rigoureuze bewerking op Oerol. Studenten van de Toneelschool bedachten een geheel eigen versie: zij spoten elkaar voortdurend nat met brandslangen.

‘Het spel geschiedt in een Noordzee-vissersplaats’. Dat schrijft Heijermans op de eerste pagina van Op Hoop van Zegen. In die vissersplaats maakt reder Bos de dienst uit, en is Kniertje een van zijn slachtoffers. Vissersboten varen uit, en vergaan regelmatig met man en muis. Kniertje heeft eerder al haar man en twee zoons verloren, en ziet nu ook haar jongste twee, Geert en Barend, naar zee vertrekken. Barend protesteert hevig, want de Op Hoop van Zegen, zoals het schip heet, is niet zeewaardig. Maar zijn moeder dwingt hem: ze heeft zijn gage hard nodig om te kunnen overleven. Als de mannen op zee zijn, dragen de vrouwen lijdzaam hun lot – ook nu weer zullen ze hun mannen en verloofden, hun vaders en zonen niet meer terug zien. De enige die er beter van wordt als het schip vergaat, is reder Bos: hij int de verzekeringsgelden. De weduwen en wezen zijn overgeleverd aan de kerkelijke voorzienigheid en armensteun. Aan het eind van het stuk wordt Knier door de vrouw van reder Bos afgescheept met een pannetje koude koteletten als troost.

Over Op Hoop van Zegen is lange tijd beweerd dat het een eendimensionaal, socialistisch pamflet zou zijn. Maar dat valt reuze mee: reder Bos is helemaal niet het stereotype van de kapitalist met een dikke sigaar in de mond – daarvoor moet je bij Brecht zijn. Klamer: ‘Het derde bedrijf, waarin al die vissersvrouwen mijmerend bij elkaar zitten en hun verdriet verdrijven, is van een grote dramatische kracht. Dat is net zo mooi als Trojaanse Vrouwen van Euripides, en voor mij een van de redenen om dit stuk te doen.’

Zie verder pagina 4

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
Vervolg van pagina 3

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
Met deze productie wil Het Toneel Speelt ook laten zien dat Heijermans’ stuk op een moderne manier volkstoneel kan zijn. Zoals ook De Familie Avenier van Maria Goos modern volkstoneel is. ‘Dat heeft niets met nostalgie of met Anton Pieck te maken. Op Hoop van Zegen is episch en poëtisch en er zitten prachtige zinnen in, zinnen waarin je kunt gaan wonen.’

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
Kniertje in het derde bedrijf: ‘Vertelle? Ach, juffrouw, ’t leven op zee is geen vertelsel - Door ’n dùimsplankie zijn ze van de eeuwigheid gescheijen. –De mànne hebbe ’t hard en de vroùwe hebbe ’t hard.’

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
‘Wij hebben zo’n rare verhouding tot ons verleden, alsof we ons er niet goed raad mee weten. Een toneelstuk als Op Hoop van Zegen zijn wij al snel geneigd af te doen als kitsch, of te ironiseren, of het te benoemen als een oubollig melodrama. Terwijl dit stuk juist zo’n sterke band met onze geschiedenis heeft.’ Hans Goedkoop (literatuurcriticus, schrijver, presentator van Andere Tijden) schreef in 1996 de veel geprezen Heijermans-biografie Geluk. Hij is sindsdien een groot pleitbezorger van een opwaardering van Heijermans en zijn werk.

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
‘Op Hoop van Zegen is zijn eerste volwassen stuk, en misschien ook wel zijn beste. Daarvoor schreef hij vooral Ibsen-achtige proefjes, of sterk socialistische pamfletten. Maar Op Hoop zit zo goed in elkaar, dat het met recht en reden een Hollandse tragedie genoemd kan worden, met de vissersvrouwen als het Koor. Zo’n klassieke zin als ‘De vis wordt duur betaald’ verwoordt als het ware het noodlot. En in de hoofdpersonages zit ook een tegenkant – de reder is niet alleen maar slecht, en Kniertje niet alleen maar slachtoffer. Heijermans is hier niet de overtuigde socialist die zijn publiek alleen maar iets wil inpeperen, hij laat zijn publiek zelf oordelen.’

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
De hernieuwde belangstelling voor Heijermans heeft wellicht ook te maken met de hang naar meer kennis over onze eigen geschiedenis. De canons vliegen ons om de oren, er komt een Nationaal Historisch Museum, en er moet meer aandacht zijn voor geschiedenisonderwijs. Goedkoop: ‘Dat is inderdaad allemaal aan de hand, ja. Ik kwam er laatst achter dat maar liefst 300 duizend mensen bezig zijn met hun stamboomonderzoek. En ik was deze week op een Romeinenfestival in Nijmegen, waar 150 duizend mensen op af kwamen. Er is een wildgroei aan historische belangstelling. In die trend past een stuk als Op Hoop ; wij willen weer naar onze traditie kijken.’

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
Dat Op Hoop van Zegen juist op Kerstavond in première ging, had ook een praktische reden: zo duurde het minstens drie dagen voordat de voor Heijermans doorgaans negatieve kritieken verschenen en kon de mond-tot-mond-reclame zijn heilzame werk doen. De première werd een eclatant publiekssucces, maar de kritieken waren wisselend, van juichend tot uiterst negatief. De Telegraaf repte van ‘een slecht stuk, niet in technischen of aesthetischen zin, maar slecht van strekking, ondermijnend en aanrandend de beste, edelste en schoonste gevoelens, zonder daartegenover eenig ideaal te stellen’. Andere critici raakten diep onder de indruk van wat zij op het podium van de Hollandse Schouwburg hadden gezien, zoals Het Vaderland: ‘Als een benauwing, zoo was het meermalen. Een toegeschroefd worden van de keel (*) Het bijna geheel verloren gaan van het besef in den schouwburg te zijn. Het meeleven met de menschen daar aan de andere zij van het voetlicht, ze herkennende als honderden malen gezien op het strand.’

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
Op Hoop van Zegen werd een kaskraker, en al in 1901 volgden buitenlandse opvoeringen in Hamburg, Berlijn en Praag. In de daaropvolgende jaren is het stuk te zien in onder meer Moskou, Londen, Wenen, Parijs, Stockholm, Kopenhagen en zelfs in New York. Die internationale belangstelling strekt zich overigens tot recentere datum uit: in 2001 speelde het National Theatre in Londen een nogal traditionele versie van The Good Hope, compleet met oude visserhuisjes, fuiken en het geluid van zee en meeuwen. Charles Grelinger componeerde in 1907 een opera met ‘Op Hoop’ als basis; het stuk is in totaal vijf keer verfilmd, de laatste keer in 1986 met Kitty Courbois als Kniertje, Rijk de Gooyer als reder Bos en Danny de Munck als Barendje.

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
De komende maanden kan het Nederlandse publiek dus kennismaken met twee uiteenlopende versies van Heijermans’ meest populaire stuk. Het Toneel Speelt heeft zijn voorstelling zo’n zestig keer verkocht, de musical is dit seizoen 105 keer te zien en wordt vanwege de grote vraag in september 2009 hernomen.

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
Voor de musical componeerde Tom Bakker de muziek (‘niet te poppy, niet te oubollig, zeemansliederen nieuwe stijl met wat Keltische invloeden’) en Arno Bremers ontwierp het toneelbeeld, met een groot beschilderd achterdoek à la Mesdag en verder vooral veel zeilen. Soberheid is in de musical het toverwoord, ‘Op Hoop’ wordt in ieder geval niet een soort Titanic die met veel theatraal geweld ten onder gaat.

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
Het Toneel Speelt gaat de komende jaren drie grote stukken van Heijermans uitbrengen. Na Op Hoop van Zegen zijn dat Ghetto (1893) en De Wijze Kater (1917), stukken die volgens Klamer ten onrechte vergeten zijn. ‘Het zou terecht zijn als Heijermans opnieuw de plek krijgt die hij verdient. Het toneel in Nederland leeft nogal bij de modieuze waan van de dag, dan komen er ineens drie Medea’s langs en vijf Romeo en Julia’s, terwijl we onze eigen schrijvers vergeten. Dat is slordig en onterecht. Heijermans was dan misschien niet de grote intellectueel, maar toen hij begraven werd, stonden de mensen drie rijen dik langs de straat. De halve stad was uitgelopen om hem de laatste eer te bewijzen. En dat voor een toneelschrijver.’

‘Wij willen weer naar onze traditie kijken’
Op de boulevard van Scheveningen staat een bronzen beeld van een oud vissersvrouwtje, dat uitkijkt over de oneindige zee. ‘Kniertje’ wordt zij in de volksmond genoemd. In Amsterdam, in het Leidse Bosje vlak bij de Stadschouwburg, staart Heijermans zelf stuurs de verte in, in de vorm van een bronzen buste, een knoestige, stalen kop. Binnenkort zal er voor beiden opnieuw luid geapplaudisseerd worden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.