Nog nooit zo langgezond

Nu oud worden niets bijzonders meer is, verliest de grijsaard aanzien. Maar volgens hoogleraar ouderengeneeskunde Rudi Westendorp worden senioren onterecht gezien als probleem. 'We marginaliseren mensen te vroeg.'

'Er wordt altijd gezegd dat 30 procent van de ouderen eenzaam is. Dat is zo. En 30 procent van de pubers en de volwassenen is dat ook. Maar het frame is: 'Ach, die zielige eenzame oudjes'.'


Aan het begin van ons gesprek is meteen duidelijk dat Rudi Westendorp niet veel opheeft met de maatschappelijke plaats die ouderen krijgen toebedeeld en de manier waarop ze worden neergezet. Alsof er maar twee types bestaan: de rijke senioren die egoïstisch het zwitserleven-gevoel najagen en de ouderen die krakkemikkig van lichaam en geest een disproportioneel deel van het gezondheidsbudget opsouperen.


Zeg ik het zo goed?

'Uhhhh, ja. Zo worden ze altijd in de media neergezet.'


Het zal eens niet, hè?

'Tot anderhalf, twee eeuwen geleden was de gemiddelde levensverwachting 40 jaar. Je moest zelf volwassen worden en zorgen dat je kinderen volwassen werden, dan was het klaar. Met de industriële revolutie konden we de omgeving naar onze hand zetten. Daardoor hebben we grosso modo allemaal te eten, gaan we niet meer dood aan de kou en hield de kindersterfte op. Daarna is de geneeskunde effectief geworden. Daardoor blijft de levensverwachting, die nu in Nederland 80 jaar is, elke tien jaar groeien met twee jaar. De maximale leeftijd ligt nu op 120 jaar en die zal tegelijk met de algemene levensverwachting opschuiven. De eerste mens die 135 gaat worden, is nu wel geboren.'


Wat een hel.

(Zucht) 'Waarom denken mensen zoals jij verkeerd? Dat zal ik uitleggen. Wij leven langer en met het stijgen van de levensverwachting neemt in Nederland het aantal jaren met ziekte toe. Voor mannen is die toename van 20 naar 25 tot 30 jaar, voor vrouwen van 25 naar 35 jaar. Daarom denken mensen zoals jij...


We leven langer, maar al die gewonnen jaren zijn we ziek.

'Maar het aantal jaren zonder gebreken neemt wél evenredig toe met de toename van de levensverwachting. Jaren waarin je kunt blijven doen wat je wilt: zelfstandig wonen, hockeyen, golfen, werken, weet ik veel wat. Voor mannen stijgt het aantal jaren dat ze gezond zijn van 65 naar 70 jaar, voor vrouwen van 62 naar 70 jaar.'


Dat is wél goed nieuws.

'Maar mensen willen dat niet horen.'


Een ziekte is bijvoorbeeld hoge bloeddruk, waarmee je nog kunt tennissen. Een gebrek is als je aangewezen bent op een rollator. Dan kun je niet meer tennissen.

'Precies. De toename van de levensverwachting is ontstaan doordat we hebben ingegrepen op hoge bloeddruk, hoog cholesterol, kransslagadervernauwing. Dankzij preventie is de sterfte aan hart- en vaatziekten de afgelopen vijfentwintig jaar met 80 procent afgenomen. Aan elk leven is een rafelrandje met gebreken. Het gaat dan bijna altijd om de laatste vijf of tien jaar. De veroudering is dus een enorm succesverhaal. Het aantal jaren dat je in goed ervaren gezondheid kunt doorbrengen, is Nog Nooit Zo Hoog Ge-Weest.'


Als ik ouderen zie, zie ik gebrekkige mensen die veel geld kosten en lastig zijn.

'De media! 90 procent van de keren dat ouderen in beeld komen, is het drama. Er is iets mis met ze, ze zijn ellendig of dement, ze kosten veel.'


Oud worden is ontzettend duur.

'Ziek worden kost geld. Hier, kijk naar deze grafiek (klapt zijn laptop open). Stel dat je een doodgraver bent in 1870. 50 procent van de mensen die je begraaft, zijn zuigelingen, peuters en kleuters. Je vak is het begraven van kinderen, in kartonnen dozen. Gaat het niet meer om kinderen, dan moet je bij de mensen thuis komen kijken hoe groot de kist moet worden. Is het een 20-jarige die is overleden aan tuberculose? Een 50-jarige die een beroerte fataal werd? Of is het iemand die op zijn 90ste helemaal is verschrompeld? De dood was toen leeftijdloos.


'Sinds 1930 is er nauwelijks meer sprake van kindersterfte. Doodgaan begint nu pas vanaf een jaar of 60, de piek van het overlijden ligt ver boven de 80 jaar. Het dodelijk ziek worden is voornamelijk iets van oude mensen geworden, in plaats van iets van alle leeftijden.'


Wat betekent dat ouderen ons aan onze doodsangst herinneren.

'Precies. Als er nu bij ons aan tafel een jongeling en een oude man zouden aanschuiven, we zouden gevieren een glas wijn drinken en niemand zou weten of hij volgend jaar gaat halen - zoals het vier generaties geleden was - dan was de dynamiek van het gesprek totaal anders dan nu. Nu kijkt de jongere naar de oudere en denkt: 'Nou, jij bent er volgend jaar niet meer', en de oudere kijkt naar de jongere en denkt: 'Was ik nog maar zo jong'.


'Honderd jaar geleden had die grijsaard aanzien. Hij was interessant, een rolmodel voor een jongeling om door de gevaren van het leven heen te komen. Van dat rolmodel is niets meer over. Dat is een paradoxale bijwerking van het succes van de geneeskunde.


'De onterechte conclusie is dat oude mensen de oorzaak zijn van de hoge kosten in de geneeskunde. Terwijl de kosten van ziek zijn, gewoon zijn verplaatst! De gezondheidszorg zou even kostbaar zijn als ziekten net zoals vroeger over de hele levensloop waren verspreid.'


Maar hoe zit het met de kwaliteit van dat leven? Al die mensen die dagelijks een tray pillen naar binnen werken?

'Nergens in Europa neemt de kwaliteit van het leven af op het moment dat de leeftijd toeneemt. Mensen kunnen op hoge leeftijd heel goed accepteren dat er gebreken en ongezondheid ontstaan. Daar leren ze mee leven, en dat noemen we de disability-paradox.


'Die hoge kwaliteit van leven danken ze aan hun vitaliteit. Vitaliteit heb je als je tegenvallers in het leven de baas wordt. Bij oudere mensen gaat het dan niet meer om zorgen over een baan, partner of hypotheek, dingen waar jongeren zich druk over maken, maar bijvoorbeeld om een operatie waarvan ze moeten herstellen. Vitaliteit geldt voor alle leeftijden. Telkens is de opdracht je kwaliteit van leven weer te maximaliseren.'


Maar na je láátste leeftijdsfase is er niets meer. Dat is het psychologische probleem.

'Nederlandse ouderen geven gemiddeld een 8 voor hun leven. Dat is inclusief de verpleeghuisouderen. Dat betekent dat er mensen zijn die een 9 of een 10 geven, en een 6 of een 5. Natuurlijk kom je ook sombere ouderen tegen.'


Het zijn net mensen.

'Hartelijk dank. Ja. Het zijn net mensen.'


Toch is de inzet van beleid dat we die verschrikkelijke ouderdom op afstand moeten houden door gezond te leven.

'Wereldwijd is healthy ageing het toverwoord: gezond verouderen. Maar dat kan niet. Je kunt niet gezond gebrekkig worden. Healthy ageing brengt veroudering terug tot een medisch, beperkt gezondheidsmodel. Maar het gaat er niet om of je medisch helemaal gezond blijft. Het gaat erom of mensen hun ambities kunnen verwezenlijken: op reis gaan, hun kleinkinderen zien. De een kan dat nog op de fiets, de ander heeft daarvoor nieuwe knieën nodig, en de volgende gaat skypen. Dat is vitaliseren, en dat moet de maatschappij mogelijk maken.


'Maar wat gebeurt er? Onze maatschappij noemt je vanaf je 55ste een senior, de eerste publieke aanwijzing dat je er niet meer bij hoort. Ik ben 53, ik zou dus over twee jaar uitgerangeerd zijn. Uit pure boosheid zou ik hier een tirade over kunnen afsteken. Laat staan als je 65 bent. Want na je 65ste ben je definitief weg uit de actieve maatschappij, dan kom je in de (hij trekt er een vies gezicht bij) pensioenwereld terecht. Een wereld die is losgekoppeld van de maatschappij waarin de andere mensen bezig zijn met dingen die ertoe doen.


'Maar in die pensioenwereld moet je nog een kwart van je leven doorbrengen! Daarom wringt het zo! Dat is onhoudbaar geworden. Niet alleen financieel, maar ook sociaal en emotioneel (hij verslikt zich van opwinding). Iedereen komt daarin te zitten! Nog minstens twintig jaar! Het is alsof de melaatsen die we eerst buiten de stad hielden, zich nu opstapelen in alle steden! Je gaat de deur uit en je komt een oud mens tegen! Het is niet meer te voorkomen!' (Hij legt zijn opgeheven armen weer op tafel).


'De melaatsen, dat mag je niet opschrijven, trouwens. Wat ik wil zeggen, is: wij marginaliseren te veel mensen te vroeg. Vlak voor hun 65ste denkt 40 procent van de mensen erover om daarna door te werken. Een kwart van de 75-plussers is nog heel actief als mantelzorger. 40 procent van de grootouders past op als hun kinderen moeten werken.'


Maar niemand wil oudere mensen in dienst. Of ze aan werk helpen.

'Als we ouderen als eersten laten vertrekken, versterken we het sentiment waar we nu zo'n last van hebben. In de jaren zestig en zeventig hebben de huidige babyboomers gezegd: jullie zitten op onze plekken, jullie moeten weg, wij moeten erin. Dat is massaal gebeurd. Het gevolg daarvan is de huidige pensioenmaatschappij, die sociaal en economisch faalt. We moeten mensen juist versterken in hun idee dat ze er op 65-, 75-jarige leeftijd nog toe doen. We moeten ze juist langer aan het werk houden, met veel flexibelere arbeidscontracten. Zodat ze na een bepaalde leeftijd ook drie of vier dagen kunnen werken in plaats van vijf.'


Maar dan roepen mensen: ik kan helemaal niet meer werken als ik ziek en gebrekkig ben!

'Dat hoeft toch ook niet! Daar hebben wij een Ziektewet voor en andere constructies, die gelden voor iedereen. Voor 40-jarigen en voor ouderen. De huidige pensioenmaat- schappij wordt onbetaalbaar gegeven de relatief korte tijd dat mensen arbeid hebben verricht. Die verhouding klopt niet meer. De eerste 20-25 jaar van je leven is alleen investeren, daarna kun je 40 jaar wat doen, en dan komen er nog 20-25 jaar achteraan. Die jaren aan de achterkant moeten we gaan exploiteren.


'Daar komt het dreigende arbeidstekort van de komende jaren bij. Waarom zou je mensen uit het buitenland halen om dat op te lossen? Waarom kijk je niet eerst eens wie we in eigen land kunnen gebruiken?


'Wij zijn in Nederland erg sterk in verworven rechten, maar mensen zien niet hoe ze zichzelf op allerlei manieren tekort doen door zich daarin vast te bijten. Als je een zinvolle bijdrage kunt leveren, betaald of onbetaald, voel je je als mens gewoon beter. Om nou alleen maar sikkeneurig je pensioenpaleisje tegen de boze buitenwereld te verdedigen, daar word je zelf echt niet mooier van.' Journalist Malou van Hintum is 51, fotograaf An-Sofie Kesteleyn is 25 .


cv

Rudi Westendorp


Rudi Westendorp (53) is internist en sinds 2000 hoogleraar ouderengeneeskunde aan het LUMC. Hij is oprichter en directeur van de Leyden Academy on Vitality and Ageing, waar onderzoek plaatsvindt naar en onderwijs en informatie wordt gegeven over vitaliteit en veroudering (leydenacademy.nl).


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden