Nóg een er-op-school-niet-helemaal-bij-horentrauma

Alleen voor genodigden, meneer!

Wel eens geweigerd aan de deur? Grote uitsmijter? Ongeïnteresseerde blik? Hand op je borst? Alleen voor genodigden, meneer? U zult het niet geloven, maar ik ook. Het is een van de meest woedend makende, vernederende dingen die je mij kunt aandoen, mij buitensluiten. Het enige wat ik ooit heb gewild, is erbij horen. Meespelen. Het gevoel dat mensen mij er liever niet bij hebben, vind ik onverdraaglijk. Misschien omdat ik twee oudere broers heb. Nee, Thomas, wij willen lekker zonder jou verstoppertje spelen, ga maar iets lezen op je kamer. Dat.

Dus ben ik maar wat blij dat ik tegenwoordig meerderjarig ben, geld heb en blank ben. Met die combinatie kom ik gemakkelijk overal binnen en daar ben ik zeer aan gehecht geraakt. Ik kan het iedereen aanbevelen.

Dus komt het dubbel zo hard aan wanneer deze formule ineens niet werkt. Zeker als het je eigen middelbareschoolreünie betreft. Jawel. Bijna dertig jaar na dato keihard nóg een er-op-school-niet-helemaal-bij-horentrauma. Het kwam zo, ik had niet gereageerd op een inschrijvingsmailtje, stom, had ik moeten doen. Maar ach, het was mijn eigen oude schooltje en iedereen zou mij er toch kennen? Nou, dan had ik buiten de uitsmijter gerekend, de kleerkast, de huurgorilla, de professionele NSB'er, de sluismongool. Ja, nee, dat zijn geen nette teksten die ik nu typ, en u zou eens moeten horen hoe hard ik nu op het toetsenbord ram; de pijn zit diep.

Het feestje was in het Utrechtse Spoorwegmuseum en de beveiligings-ork was ingehuurd 'door het museum, meneer, met die school van u heb ik niks te maken. Geen uitnodiging, geen entree'. Dus het kale feit dat niemand op dat feestje bezwaar had om mij erbij te hebben, sterker nog, dat ik er verwacht werd, was geen argument om mij daar ook daadwerkelijk binnen te laten. Ik kon mijn vrienden die op mij wachtten aan de lijn krijgen, de rector van de school en de organiserende feestcommissie - allemaal niet relevant voor de doorbitch van dienst. Tegenover zo veel getrainde domheid stond ik volkomen machteloos.

Kokend van woede beende ik door de vrieskou op en neer, tot ik ineens een paar feestgangers uit een achterdeurtje zag komen. In één sprong vloog ik langs ze: binnen. Victorie! De deemoedigen hebben de aarde geërfd! Een overwinning voor de rede! Pak aan, onredelijkheid!

Na een lange zoektocht vond ik mijn vriendjes in de feestzaal. Een biertje werd in mijn hand gedrukt en ik voelde me helemaal erbij-horend, tot ik plots aan gene zijde van de zaal drie securi-trollen de mensenmassa zag afspeuren. Eentje ving mijn blik en daar kwamen ze hoor. 'NU neerzetten dat glas! U komt met mij mee.' De rector van de school probeerde mijn zaak te bepleiten, tevergeefs. Ik werd afgevoerd onder de ogen van honderden bebrilde gymnasiastjes, die ook geen idee hadden wat ze met hun klassieke talen moesten beginnen tegenover deze bizarre minirazzia.

Toen ik tot de uitgang was 'begeleid', zei de opper-stasi met een grijns tegen mij: 'Nou, die vrijkaartjes kan ik zeker vergeten.' De lul was nog cabaretkenner ook. 'Even goede vrienden', stak hij zijn hand uit. Verbouwereerd schudde ik die, en ik kan u vertellen dat geen staalborstel ter wereld deze stinkende vernedering ooit van mijn rechterhand kan schrobben. Ik mag hopen dat ik virulente ebola had.

Ik had het er een keer over met Ali B. Die zei dat ik me eens moest voorstellen dat zoiets me elk weekend overkwam.

t.vanluyn@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.