NOG 289 DAGEN TOT DE EMU

Het is dat de Italianen het catenaccio inmiddels zijn verleerd, want anders had minister Zalm van Financiën na zijn stormloop op het Italiaanse doel zich kunnen gaan opmaken voor een genadeloze tegenaanval....

Catenaccio

De minister verklaarde vorige week inmiddels overtuigd te zijn dat Italië ook de komende jaren zal doorgaan met bezuinigen. Hierdoor zal, als alles goed gaat, het Italiaanse begrotingstekort steeds lager worden en de staatsschuld in snel tempo afnemen. Met zo'n straf begrotingsbeleid voldoet Italië ook aan de laatste, misschien vaagste maar tegelijkertijd hardste, eis voor deelname aan de euro.

Die eis heeft betrekking op het toekomstige begrotingsbeleid. Dit beleid moet gericht zijn op een tekort dat, afgezien van bijzondere omstandigheden, in de buurt van nul procent ligt. Om dit te halen moeten niet elk jaar kunstgrepen uitgehaald worden. Duurzaamheid noemen ze dat in Europa, en Zalm vreesde dat duurzaamheid in Italië een onbekend begrip is.

Inmiddels weet hij beter. De Italiaanse regering heeft hem verteld dat zij binnenkort een begroting voor de lange termijn zal indienen. Stemt het Italiaanse parlement hiermee in, dan ligt het financiële beleid tot 2001 vast. Die toezegging was voor Zalm voldoende om zijn scepsis te laten varen. Van een bord spaghetti en een glas chianti, af te rekenen in euro's, krijgt Zalm voortaan geen pukkeltjes meer.

Forza Italia

Hoe raar het ook lijkt, Italië zal weinig moeite hebben gehad met deze 'toezegging' aan Zalm en de rest van Europa al was het maar omdat het land de euro graag wil hebben. Wat ook meetelt is dat Italië al jaren een fors overschot op de begroting heeft. Dat overschot slaat echter om in een tekort als - zoals het hoort - ook de rente die de overheid moet betalen wordt meegeteld. Die rentelast is hoog omdat geld lenen voor Italië relatief duur was.

Hieraan is inmiddels een einde gekomen. Het verschil tussen de Italiaanse en de Nederlandse rente voor staatsleningen bedraagt nu nog maar een paar tienden van een procent. Nog niet zo lang geleden was dat verschil tien keer zo groot. De daling is alleen maar het gevolg van de steeds grotere overtuiging bij beleggers dat Italië de euro krijgt.

Het voordeel van deze ontwikkeling is enorm voor Italië. Op een staatsschuld die in de buurt ligt van de drieduizend miljard gulden levert elk procentje rentedaling op den duur dertig miljard gulden op. En het gaat bij Italië om een paar procenten rentedaling. Als dan ook nog eens het tekort omlaag gaat, dan is het niet verwonderlijk dat de Italiaanse regering met voorspellingen durft te komen waarin de staatschuld in zeven jaar tijd zakt van 122 naar 100 procent. Tegen die tijd (in 2004) zal de Nederlandse schuld onder de euronorm van 60 procent zijn gezakt.

Fabbisogno

Maar Italië heeft nóg een goede reden om met vertrouwen naar de eerste eurojaren uit te kijken, met meer vertrouwen zelfs dan Nederland. Die reden heeft te maken met de gevoeligheid van de begroting voor slechte economische tijden.

Het mag dan nu behoorlijk gaan in Europa, economische voorspoed is niet van alle tijden. Als het weer slechter gaat is het uitkijken geblazen in heel Europa, maar vooral in Nederland. Kenmerkend voor slechte tijden is dat regeringen gemangeld worden door tegenvallende belastinginkomsten en hogere (sociale) uitgaven. Het resultaat hiervan zijn doorgaans bezuingingsrondes en belastingverhogingen: het fabbisogno, het tekort, loopt op.

Zeker in euroland zullen die nodig zijn. De deelnemers zijn immers gebonden aan een grens voor hun financieringstekort van 3 procent. Is het tekort hoger, dan moet boete worden betaald, tenzij de economische malaise zo groot is dat de overtreding door de vingers wordt gezien.

Uit berekeningen gemaakt door verschillende instellingen zoals IMF, OESO en de Europese Commissie, blijkt dat de Nederlandse begroting van alle eurodeelnemers het meest gevoelig is voor economische tegenwind. De Italiaanse begroting doorstaat een economisch dalletje daarentegen het eenvoudigst van alle landen.

Een voorbeeld. Daalt de groei met 1 procent, dan loopt het tekort in Nederland met ongeveer 0,7 procent op; in Italië met 0,4 procent. Nog een voorbeeld. Wil Nederland voorkomen dat het bij een 2 procent tegenvallende groei niet boven de grens van 3 procent voor het tekort uitkomt, dan mag het tekort maximaal 1,8 procent bedragen. In Italië 2,3 procent.

De schokbestendigheid van een begroting is van groot belang voor de duurzaamheid van het begrotingsbeleid. Hoe minder klappen een begroting kan verdragen, des te moeizamer wordt het beleid en des te brokkeliger het resultaat. Maar schokbestendigheid is geen euro-eis, duurzaamheid wel. Gelukkig voor Zalm.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden