NobelprijzenGerard 't HooftVinay DeolalikarBuitenaards leven

Volgens informatiemakelaar Thomson Reuters kun je meten hoe dicht een wetenschapper bij het winnen van een Nobelprijs staat, door analyse van interviews, enquêtes, publicaties en citaties. In de loop der jaren zaten de tellers in meer dan vijftien gevallen goed. Dit jaar was de successcore mager, al stonden winnaars Andrei Geim en Konstantin Novoselov wel op de shortlist voor 2009. Met dezelfde logica zou bijvoorbeeld nominee 2010 Susumo Kitagawa in 2011 alsnog kunnen winnen in de sectie chemie voor de ontdekking van poreuze metalen die bijvoorbeeld waterstof kunnen binden. Geneeskunde zou kunnen gaan naar Douglas L. Coleman voor de ontdekking van het hormoon leptine dat hongergevoel reguleert. En in de natuurkunde zou Saul Perlmutter de eer te beurt kunnen vallen, voor zijn ontdekking dat het heelal versneld uitzet. De Nobelprijzen worden traditiegetrouw bekend in oktober.


Zeker is het niet, maar de kans is niet nul dat aardbewoners ergens in februari worden verlost van het idee dat ze moederziel alleen op een unieke planeet in een vijandig heelal leven. Dan geeft de Kepler-telescoop van NASA een stortvloed aan gedetailleerde gegevens over exoplaneten vrij en experts vermoeden dat daarbij een echte Tweeling Aarde zou kunnen zijn. Was de in oktober gespotte exoplaneet Gleise 581g dan niet al die tweede aarde? Bijna, op de schaal van leefbaarheid scoorde dat hemellichaam 40 procent. Inmiddels zijn er honderden exoplaneten bekend. De Amerikaanse statisticus Samuel Arbesman voorspelde vorige week dat tegen het einde van 2011 een planeet met 82 procent leefbaarheid eigenlijk wel gevonden moet zijn.


Augustus 2010 leek de Amerikaanse informaticus Vinay Deolalikar van HP in Palo Alto een miljoen dollar in de wacht te slepen met het langgezochte bewijs voor een van de hardnekkigste stellingen uit de wiskunde: P versus NP. In de informatica bestaan er twee soorten problemen: P-problemen die met bot rekenen binnen afzienbare tijd op te lossen zijn. En de NP-problemen die onwaarschijnlijk veel meer tijd lijken te vragen. Vraag is of dat het een fundamentele beperking is. Deolalikar leek daarvoor een bewijs hebben gevonden, en legde zijn bewijs op internet ter controle voor aan iedereen die wilde kijken. Al snel werden er onoverkomelijkefouten gevonden en won de Amerikaan dus niet de miljoen dollar die het Clay Instituut voor het vraagstuk had uitgeloofd. Velen hoopten dat het P versus NP bewijs nu wel snel komt, omdat er een nieuwe impuls in het onderzoek kwam.


Op 5 juli 2011 wordt Nobelprijswinnaar (1999) Gerard 't Hooft 65 jaar en stuurt de universiteit hem met emeritaat. Dat moet van het ambtenarenreglement. Een twijfelgevalletje tussen winnen en verliezen. 't Hooft zelf meldt dat hij gewoon aan het werk blijft, dat hij hooguit van zijn plek moet in het Spinoza Instituut voor theoretische fysica. Mogelijk met het oog op zijn emeritaat kondigde 't Hooft in 2010 in een lezing in Paradiso aan dat hij overweegt een onderzoeksinstituut voor bemande ruimtevaart op te richten, mede gerund door zijn dochter en zwager. Dat is niet alleen een jeugddroom van de theoreticus, die ooit raketten knutselde van meccano. Op termijn mogelijk ook de enige redding van de mensheid, denkt hij.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden