Nobelprijswinnaar: 'Bezuinigingsbeleid is grote fout'

Overheden slaan de plank mis met hun bezuinigingsbeleid. In de recessie moeten de uitgaven worden verhoogd om de economie te stimuleren. Dat stelde Robert Shiller, eerder deze week winnaar van de Nobelprijs voor Economie, vandaag tijdens een lezing in Amsterdam.

Robert Shiller: "We zouden met behulp van hogere belastingen de uitgaven, bijvoorbeeld aan infrastructuur, moeten verhogen om zo de economie te stimuleren." Foto afp

'Het bezuinigingsbeleid is een grote fout', zei Shiller tegen een omvangrijk publiek in het gebouw van De Nederlandsche Bank. 'We zouden met behulp van hogere belastingen de uitgaven, bijvoorbeeld aan infrastructuur, moeten verhogen om zo de economie te stimuleren. Maar kennelijk is het onmogelijk om belastingen te verhogen, vooral in de Verenigde Staten. In dat geval vind ik dat we ons niet zo druk moeten maken om de staatsschuld.'

Shiller won zijn Nobelprijs samen met twee andere economen voor onderzoek naar bubbels op de financiële markten. Die ontstaan volgens de Amerikaan als een epidemie, waarbij steeds meer mensen besmet raken door stijgende prijzen en verhalen in de media. Mensen worden gedreven door spijt, jaloezie en twijfel. Dat zie je altijd en overal. Je wilt geen kans op een goede deal missen en je bent jaloers als iemand in één klap meer geld verdient dan jij met een jaar werken bij elkaar krijgt.'

Het grote probleem is dat mensen niet goed zijn in het voorspellen van prijzen. 'In 2003 dachten mensen dat de huizenprijzen in de 10 volgende jaren met 12 procent per jaar zouden stijgen. Een fantastische investering dus. Maar de prijzen gingen vervolgens juist sterk omlaag. Dat had niemand verwacht', aldus de econoom, die niet nalaat aan te geven dat hij in 2005 publiekelijk voorspelde dat huizenprijzen in de VS zouden halveren.

Groeiende ongelijkheid
Shiller waarschuwde bij zijn lezing voor de groeiende ongelijkheid in de wereld. 'In Nederland is het nog niet zo erg als in de VS, maar dat kan het wel worden. Daar zou nu al over nagedacht moeten worden. Bijvoorbeeld door vast te leggen dat de belasting voor de rijksten omhooggaat als de ongelijkheid een bepaald niveau bereikt.'

In de toekomst kan een toptarief van 75 of misschien zelfs 90 procent in de inkomstenbelasting een volkomen rechtvaardig antwoord zijn op groeiende ongelijkheid, vindt de econoom. 'Dat tarief kun je koppelen aan een aftrek voor goede doelen. Op die manier stel je multimiljardairs voor de keus: of je geeft je geld weg, of we pakken 90 procent als belasting. Dat haalt de lol niet uit het opzetten van een groot bedrijf of het verdienen van dat geld.'

 
In de toekomst kan een toptarief van 75 of misschien zelfs 90 procent in de inkomstenbelasting een volkomen rechtvaardig antwoord zijn op groeiende ongelijkheid
Meer over