Nijlpaard kan niet langer kopje onder

De woestijn rukt op in Mali, de rivier de Niger krijgt minder water. De oude visser klaagt: ‘Zo’n langdurige droogte heb ik nog nooit meegemaakt.’

’s Winters, na de regentijd, vaart de grote stoomboot van Bamako naar Gao nog langs, maar vandaag gaat zelfs een nijlpaard niet geheel kopje onder. Aan gene zijde van de ondiepe Niger poogt een stevig exemplaar vergeefs geheel onder water te gaan, aan deze zijde van de rivier zegt Momary Djiré dat het vroeger allemaal beter was.

De 79-jarige Malinese visser vertelt dat er elk jaar minder water door de rivier stroomt, dat de vissen elk jaar kleiner worden. ‘Ik ben een oud man, vroeger kenden we ook wel droge periodes, maar zo’n langdurige droogte heb ik nog nooit meegemaakt.’

Achter de zandduinen ligt de woonplaats van Djiré, Bourem Inaly. Een paar duizend mensen, een lemen moskee, wat stoffige zandstraatjes, drie winkeltjes – dan heb je het wel gehad. In het ondiepe water van de Niger, in lengte de derde rivier van Afrika, spelen naakte kinderen, doen vrouwen de was en plukken vissers zilverkleurige visjes uit hun netten.

Het is vandaag schraalhans keukenmeester. Vroeger was de vangst rijk, werden overtollige vissen weggegeven aan de arme sloebers van het dorp, nu mogen de vissers blij zijn als ze een paar Afrikaanse franken vangen voor het kleine grut dat ze uit het water slepen.

De visvangst gaat op traditionele wijze. Een lang net wordt met pinasses, kleine bootjes, in een halve maanvorm vanaf de oever in het water van de rivier gelegd. Ligt het visnet uit, dan wordt het met vereende krachten aan een kant door een zestal mannen en jongens weer naar de oever getrokken. De vissen die in de mazen verstrikt raken, kunnen geen kant op, en springen in doodsangst op het hete zand.

‘Zo hebben we het altijd gedaan’, zegt Djiré. ‘Soms vingen we wel vijftig kilo in één nacht.’ Maar de laatste tijd wordt de vangst kleiner. De oorzaak? De oude visser, gehuld in zijn lichtblauwe boubou, heeft nog nooit van global warming gehoord, maar merkt wel dat het elk jaar minder regent, dat de regio snel droger wordt.

De Niger, die door vijf West-Afrikaanse landen stroomt, droogt op. Oorzaken: De verandering van het klimaat, door ontbossing en door bodemerosie. Een steeds groter deel van het schaarser wordende water wordt bovendien gebruikt voor industrie en voor landbouw, waar in de regio ruim honderd miljoen mensen afhankelijk van zijn.

Kleine stromen die de hoofdrivier voeden, verzanden. Hele dorpen worden door het zand opgeslokt. Grote meren zoals Lake Faguibine, voorheen gevoed door kanaaltjes vanuit de Niger, staan droog. En de visstand neemt af omdat er bijna geen diep water is te vinden waar de vis kan broeden.

Even buiten Bourem Inaly zien we een aantal nomaden water putten uit een poeltje met stilstaand, grijs water, een voormalige zijtak van de Niger. Met dichtgeknoopte binnenbanden, zakken van geitenhuid en gele jerrycans wordt het bepaald niet fris ruikende water aan land gebracht en voor verder transport op de ruggen van schonkige ezels gehangen. Het is een beeld dat verdrietig stemt.

De magere Ali, een van de water puttende nomaden, zegt: ‘Ons vee en de vrouwen zijn hier op een uur vandaan. Nee, dichterbij kunnen we geen water vinden. Elke dag maken we deze tocht.’

Op twee uur rijden van deze plek ligt Timboektoe. Legendarische stad met 333 heiligen, duizenden oude manuscripten en trotse Toearegs. Hier gaan de mannen gesluierd – en lopen de vrouwen blootshoofds. Hier hebben de straten geen namen, maar nummers – rue 108, rue 103. Hier groeit in het zand de Afrikaanse bloem – dat zijn de vervloekte plastic zakken, die overal rond waaien.

In Timboektoe zetelt ook commandant Abdoulaye Tamboura. Hij is verantwoordelijk voor het conserveren van het milieu in de regio. ‘Men zegt dat de woestijn elk jaar een kilometer verder oprukt. Ik weet het niet, ik denk eerder dat het een kilometer per twee of drie jaar is. Maar het blijft een reuze probleem.’

Tamboura vertelt dat de Malinese regering eind vorig jaar met de buurlanden een ambitieus plan heeft gepresenteerd om de Niger te redden. Kernwoorden: de aanleg van waterbekkens en duinen om het zand van de woestijn tegen te houden, herbebossing, baggeren, het bouwen van dammen.

Kosten: ruim 6 miljard euro. Probleem, niet verrassend voor Afrika: dat geld is er nauwelijks. Westerse donoren zijn, in tijden van crisis, moeilijk te vinden.

Commandant Abdoulaye Tamboura blijft optimist: ‘Wij wonen hier al eeuwen. Wij zijn overlevers. Wij zullen vechten voor het behoud van ons land.’

Achter de zandduinen van Bourem Inaly roept de muezzin op tot de Maghrib, het avondgebed. Aan de oever buigen mannen en vrouwen naar het oosten, met de rug naar de snel naar de horizon duikende zon.

De oude visser Momary Djiré zegt: ‘God heeft ons water en vissen gegeven. Die zullen nooit opraken, toch?’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden