Nieuwe Luxor fier op Kop van Zuid

De deuren van het Nieuwe Luxor in Rotterdam gaan open en de cultuur steekt de Maas over. Maar concurreren de theaters elkaar nu niet de stad uit?...

Als het Nieuwe Luxor vanavond officieel de deuren opent, is het Rotterdamse theateraanbod weer bijna op vooroorlogse sterkte. Naast het gloednieuwe theater beschikt de stad over de Rotterdamse Schouwburg, Zuidplein Theater, Lantaren/Venster en het door de Duitse bommen gespaarde Oude Luxor, waar Paul de Leeuw tot eind dit jaar programmeert. Alleen een middelgrote zaal ontbreekt, maar die moet er in 2004 ook staan.

Het Nieuwe Luxor kostte 85 miljoen, kan 1500 bezoekers herbergen, heeft een modern restaurant Leipzig aan het water en is fier gelegen op de Kop van Zuid, het beoogde tweede stadscentrum.

Van binnen doet het gebouw on-Rotterdams aan. Waar De Doelen en de Schouwburg vooral functionalisme uitstralen, stelt Luxor met zijn breed uitwaaierende trap met lage opgang iedere sterveling in staat een glamoureuze entree te maken. Het theater oogt als een voortzetting van het in 1940 verwoeste cabaret-dansant Pschorr, dat werd gefrequenteerd door de toenmalige Rotterdamse beau monde.

Met onverholen trots leidt Luxor-directeur Rob Wiegman rond. Hij wijst op een reusachtige half pipe, die skaters gebruiken in de Mini & Maxi-productie City die vanavond in première gaat. 'Dit had nooit in het Oude Luxor gekund. Je mag het eigenlijk niet zeggen, maar veel van de producties daar, zoals 42nd Street, moesten we doen met de helft van het decor dat ze in Carré gebruikten.'

Het Nieuwe Luxor, zeggen vriend en vijand, wordt het Carré van Rotterdam. 'Ach, je moet het niet als concurrentie zien', glimlacht Wiegman. 'Maar ik vind het wel leuk dat wij 1300 eersterangsplaatsen hebben en zij minder.'

Het woord is gevallen: concurrentie. Ook al drukt Wiegman zich nog zo voorzichtig uit, het is zonneklaar dat het Nieuwe Luxor met zijn 'grootschalig amusement' een geduchte rivaal wordt voor alle Randstedelijke theaters.

Iedereen vist immers uit dezelfde vijver, iedereen concurreert - niet alleen met elkaar, maar ook met Ikea en koopzondag. Geld is voor het publiek geen probleem, tijd wel. Het Oude Luxor trok 180 duizend bezoekers per jaar, dat moeten er in het nieuwe bijna 300 duizend worden.

Vooral de Rotterdamse Schouwburg (acht miljoen subsidie, drie zalen, 880 plaatsen in de Grote Zaal) moet zich zorgen maken over de komst van het Nieuwe Luxor (3,8 miljoen subsidie, een zaal met 1500 stoelen). Zeker gezien de Rotterdamse voorkeur voor toegankelijk theater. Maar Schouwburg-directeur Jan Zoet weigert het vergrote aanbod te zien in termen van rivaliteit.

'Het goede van Rotterdam is dat er geen concurrentiegedachte is', zegt hij. 'Je hebt verschillende theaters, allemaal collega's. Het gaat erom dat je samen dé podiumkunst voor hét publiek wilt tonen. En daar heb je afbakeningen en afspraken voor.'

Zoet ziet de komst van Luxor veeleer als positief. Het geeft hem en zijn Schouwburg de mogelijkheid zich nog verder toe te leggen op het serieuze repertoire, terwijl Luxor het lichte werk voor zijn rekening neemt. Zoet: 'In Utrecht heb je een schouwburg die moet cabaret doen, musical, serieus theater, opera, het hele aanbod. Hier geeft Luxor ons de gelegenheid keuzes te maken, experimenten te tonen en avontuurlijker te programmeren.'

Luxor-directeur Wiegman toont zich al even ruimhartig. 'Wij concurrent van de Schouwburg? Vissen in dezelfde vijver? Absoluut niet. Het segment dat wij brengen staat niet in de Schouwburg. Wij bieden grootschalig amusement, de Schouwburg is er voor kunst met een grote K. Wij brengen lange series: zeven weken Titanic, zes weken Youp van 't Hek. Dat is toch voor het publiek dat een of twee keer per jaar naar het theater gaat.'

Natuurlijk, beamen beide directeuren, het onderscheid tussen kunst en Kunst vervaagt, er is een grijs gebied waar beiden uit kunnen putten. Maar smetjes van frictie in de programmering worden tot nu toe steeds keurig weggepoetst dankzij regelmatig overleg, waarbij de concurrenten elkaars plannen doornemen.

Dat gebeurt elke paar maanden, en geheel op vrijwillige basis, soms in een kantoor, soms in een café. 'Het botst weleens hoor', bezweert Zoet. Hij noemt Art! dat eerst in de Schouwburg stond en daarna maandenlang in Luxor. Ook wat betreft opera zitten de twee theaters dicht tegen elkaar aan. 'Maar alles wordt in den minne geschikt. Echt!'

De 57-jarige Wiegman is vijftien jaar ouder dan Zoet. Hij zit al dertig jaar in het vak, heeft zeven jaar 'schouwburg gedaan'. Zoet beschrijft de Luxor-directeur als 'zeer gedreven', hij noemt hem 'collega' en 'geestverwant'. Samen moeten ze theater belangrijk maken in de stad, zegt hij. 'Het klinkt allemaal wel heel erg poldermodellerig hè. Maar het was al zo voor die term was uitgevonden.'

Na enig aandringen: 'Wiegman is wel iemand die ten koste van alles zijn eigen doel realiseert, of hij daarvoor moet verleiden, overtuigen, boos moet worden, hij doet wat hij moet doen. En daarin kan hij heel hard zijn.'

Wiegman herkent dit beeld. 'Weten wat je wilt en hoe je dat moet bereiken. Absoluut.'

Goed, dan drijven we de zaak op de spits. Hoe lang blijft het polderachtige overeind? Neem het RO Theater. Dat geldt immers als hét huisgezelschap van de Schouwburg, onlosmakelijk daarmee verbonden. Wat vindt Zoet ervan als Wiegman het RO Theater voor Luxor zou strikken?

Zoet: 'Als het RO-Theater mij kan overtuigen dat wat ze willen beter in Luxor tot zijn recht komt dan hier, dan wil ik erover spreken. Ik vind het in orde. Maar ze moeten er wel een verhaal bij hebben. Ik ben benieuwd wat Rob daarover te zeggen heeft.'

Rob (Wiegman): 'Als het RO Theater een productie zou maken die heel erg hier past, dan wil ik die best. Neem Ja Zuster, Nee Zuster, dat zou hier zo kunnen staan. Je moet nooit zeggen: we doen nooit dit of dat.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.