Gastcolumn

Nieuwe generatie gekleurde Nederlanders recht de rug

De eerste generatie migranten wilde uit dankbaarheid vooral niet teveel kabaal maken in een land in bruikleen. Maar waar zou de nieuwe generatie Nederlands van kleur dankbaar voor moeten zijn?

Rapper Typhoon. Beeld null
Rapper Typhoon.

Muhammad Ali is niet meer. Cassius Clay was al langer niet meer onder ons, maar die memo is kennelijk niet overal aangekomen. Mijn naam, niet de jouwe, had Muhammad Ali nog gezegd.

De bokser symboliseerde de herwonnen trots van Afro-Amerikanen tijdens de burgerrechtenbeweging in de jaren zestig. Maar de glans van Ali was internationaal. Het blakende zelfvertrouwen van de met rechte rug lopende Muhammad Ali straalde af op een Turkse migrant duizenden kilometers verderop, in Nederland. Ook mijn vader was een groot fan en stond midden in de nacht op voor zijn wedstrijden, alsof mijn vader in de zonnestralen van Muhammad Ali wilde staan.

In het lichaam van mijn vader zit de houding besloten van de eerste generatie migranten in Nederland. Mijn vader heeft een ietwat gebogen pose, met licht gekromde rug, de handen in gevouwen stand rustend op de onderbuik. Een nederige, respectvolle houding, waaruit veel dankbaarheid spreekt. De eerste generatie wil vooral niet teveel kabaal maken in dit land in bruikleen.

De nieuwe generatie Nederlanders van kleur heeft daar geen boodschap aan. Waar zouden ze dankbaar voor moeten zijn? Ze zijn van 'hier', van Hollandse bodem - of verbeelden zichzelf als onderdeel van Nederland, het verschil doet er ook niet toe. Deze generatie eist instituties die niet discrimineren, zoals de rechtspraak en de politie. Ze eist volledige gelijkwaardigheid. Ze eist gelijke kansen op de arbeidsmarkt. Ze eist zeggenschap over onze culturele tradities. Deze zelfbewuste generatie is een spiegel voor het Nederlandse zelfbeeld, dat na Sylvana Simons niet de ruimte heeft gekregen voor reparatie en verfraaiing - Typhoon kwam als een onverwachte rechtse van Muhammad Ali.

Paul de Jong

Ik heb vroeger telemarketing gedaan. Dat bleek een weinig succesvolle onderneming, voor mij persoonlijk althans, omdat ik geen commercieel enthousiasme kan veinzen. Ten einde raad besloot ik een keer een Nederlandse, nee, een Hollandse naam te gebruiken: ik werd Paul de Jong. Ook eigende ik mezelf een overdreven Hilversum-Nederlands accent toe. De klant ziet mijn hoofd toch niet. Perfect, dacht ik.

De wereld is er geen mooiere plek op geworden, maar ik was wel binnen een mum van tijd Telemarketeer van de Dag - ik verkocht het hoogste aantal verzekeringen per dienst. Wat ik ervoor moest doen? Helemaal niets. Ik deinde vrijblijvend mee op de permanente, historische golven van witheid - vanwege mijn gefingeerde Hollandse naam - en klasse - vanwege mijn imitatie Hilversum-accent.

Tijdens een willekeurige avond waarop wij (ex-)telemarketeers bellen wanneer jullie op het punt staan om een hap te nemen van het avondeten, zit Salima naast me. Wanneer ik mezelf weer eens introduceer als Paul de Jong, en toevallig naar links kijk, zie ik dat Salima meeluistert. Haar gezicht geplooid in een vorm dat op minachtig lijkt, heel erg zelfs, haar hand in haar zij en de enkele opgetrokken wenkbrauw zijn een behoorlijke giveaway.

Trots

'Wat doe je?' vraagt Salima.
'Alles voor die floes,' zeg ik, en voel nattigheid.
'Wat doe je?' houdt ze vol.

Ik wijs naar het bord waarop mijn naam prijkt. Er staat nog steeds dat ik gisteren Telemarketeer van de Dag was. Het bewijs van mijn existentie.

'Je heet Sinan met die c en dat krulletje in je achternaam. Accepteer je naam. Wees trots op je naam. Dat is jouw naam.'

Ik had geen repliek, maar dat was ook volstrekt overbodig geweest, want Salima beende woedend weg, met een fijn gevoel voor drama. Nadien heb ik altijd mijn eigen naam gebruikt.

De naam Classius Clay is allang niet meer. De namen Muhammad, Nawal, Khadija, Biejan, Quinsy, Princess, Berna, Hafez, Sherilyn, Mitchell, Tasniem en Tugba daarentegen wel, net als de namen Arjan, Paul, Merijn, Vera, Marit en Willem-Jan.

De oude generatie liep met gebogen rug. De nieuwe generatie heeft de kleren gladgestreken, haalt diep adem en recht de rug.

Sinan Çankaya is cultureel antropoloog en is als postdoc onderzoeker verbonden aan de VU.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden