'Nieuwe bandjes zeggen niks'

Damon Albarn, de zanger van Blur, is met de cartoon-band Gorillaz een andere weg ingeslagen. Zijn woede over politieke misstanden als de oorlog in Irak kanaliseert hij in dat project....

'Waar ik was op 7 juli? Hier vlakbij in de studio, werkend aan een nieuw volledig out of mind klinkend stuk muziek. Ik laat me niet gek maken, en dat geldt volgens mij voor de meeste Londenaren.' Damon Albarn, al een jaar of vijftien voorman van de Britse popgroep Blur en daarnaast het muzikale brein achter de cartoon-band Gorillaz, is op sandalen het hotel in het Londense Shepherd's Bush binnen komen wandelen.

Het is exact drie weken na de gelukte terroristische bomaanslagen in Londen, en een week na de mislukte. In de binnenstad is veel meer politie op de been dan gebruikelijk maar volgens Albarn is er verder weinig veranderd. 'Maar ja, ik heb blonde haren en blauwe ogen, en wordt dus met rust gelaten. Mijn donkergekleurde maatjes met wie ik nu in de studio zit voelen zich een stuk minder op hun gemak. Lopen ze de metro in dan voelen ze overal argwaan en zien ze mensen denken: zouden ze onder die jas geen– Het is volslagen idioot, man.'

Albarn (37) had geen beter moment kunnen uitkiezen voor een interview over het nieuwe Gorillaz-project, het album Demon Days. In een week tijd veranderde de stemming in Londen van euforisch (een muzikaal geslaagd en incidentloos Live 8, het binnenhalen van de Olympische Spelen) naar teneergeslagen en bevreesd. En geen ander hedendaags popalbum beschrijft zo exact de Britse stemming op dit moment als dit van post-apocalyptische teksten en beelden doordrenkte Demon Days. De plaat is al een paar maanden uit, maar denderde deze week opnieuw de Britse toptien binnen. Een muzikaal erg rijke plaat, met een sombere tekstuele ondertoon. Titels als Last Living Souls en Kids With Guns zijn veelzeggend genoeg en wie de website Gorillaz. com bezoekt, bevindt zich na een enkele klik in een animatie van een postapocalyptisch landschap. De onheilspellende muziek is van Albarn, de animatie is van het grafische brein achter Gorillaz, Jamie Hewlett.

Albarn en Hewlett vormden vijf jaar geleden ook al de kern van de Gorillaz. 'Een uit de hand gelopen grap, we wilden kijken of we een band van louter stripfiguren konden lanceren. Niet Damon Albarn was dan het gezicht maar de vier getekende mannetjes: 2D, Murdoc, Russel en Noodle. Optredens zouden niks anders zijn dan tekenfilms met muziek. De muzikanten zelf konden lekker thuisblijven – dat was precies wat me na jaren touren met Blur zo aansprak.'

Leuk bedacht, maar waar Albarn en Hewlett geen rekening mee hielden is dat hun Gorillazconcept echt succesvol werd. Van de Gorillazcd werden wereldwijd, mede dankzij de pakkende single Clint Eastwood, meer dan zes miljoen exemplaren werden verkocht. 'Voor mij was het vooral een manier om te ontsnappen aan de Blur-sleur en om met muzikanten uit een totaal andere hoek te proberen iets nieuws te creëren. Ik was even klaar met gitaarpop en luisterde veel naar hiphop, Afrikaanse en andere uitheemse muziek. Met lui uit die hoek ging ik die Gorillaz-plaat maken en Jamie bedacht er stripfiguren bij. Maar echt, die eerste plaat was niet goed. Een goede grap, hooguit.'

Maar wel een grap die Albarn in staat stelde los te komen van het Blur-idioom. Hij kreeg aardigheid in het werken met mensen die 'een andere muzikale taal' spraken en vertrok zelfs naar Mali voor zijn album met Malinese musici, Mali Music. In 2003 zou er toch weer een Blur plaat verschijnen, Think Tank, maar inmiddels had Blurs gitarist van het eerste uur en Albarns 'beste vriend sinds mijn schooljaren' de groep verlaten. 'Geen zin meer, hij wilde voor zichzelf beginnen, denk ik.'

Think Tank brak met de Blur-traditie van makkelijk te behappen liedjes. Albarns muzikale reistochten vonden hun weerslag in Afrikaanse trommeltjes, highlife-gitaren en andere experimenten. De plaat was geen succes zoals eerdere Blur-platen dat waren, al lag dat volgens Albarn niet zozeer aan het experimentele karakter ervan maar aan een heel concrete oorzaak: 'De oorlog met Irak'.

Als een van de weinige popmuzikanten heeft Albarn een belangrijke rol in het protest ertegen gespeeld. En nog altijd ontsteekt hij in toorn over het zijns inziens ontbreken van engagement indertijd. 'Waar was iedereen die zich nu zo sterk maakt voor iets als Make Poverty History? Al die slachtpartijen, al die escalatie, daar moet wat aan gedaan worden. En wat doen wij: we willen van de armoede af. Ja, waarom ook niet. Maar in Irak en op meer plaatsen deze wereld is het iedere dag tien keer zo erg als bij ons die ene zevende juli.'

Een causaal verband tussen de relatieve flop van Think Tank en de oorlog met Irak is volgens Albarn evident. 'Think Tank was een statement tegen die oorlog, en kwam precies uit op het moment dat we ons in die oorlog mengden. Wie wil er nou een plaat kopen waarop gesomberd wordt over de afloop van zo'n oorlog waar we ons vol enthousiasme in gestort hebben.' De woede van Albarn werd er niet minder om. 'kom uit een echte protest-familie, een van betrekkelijke welstand weliswaar, maar wel een die zijn mondje al drie generaties lang weet roeren, het zit, denk ik, in mijn genen. En het vergeefse van verzet tegen de oorlog heeft mijn leven echt veranderd.'

Die woede moest gekanaliseerd worden, het liefst in waar Albarn zich goed in voelt: muziek maken. Een nieuw Blur-album leek hem echter geen optie. 'Je sjouwt als band toch een verleden met je mee. Dan moet je ook weer gaan touren en ik heb geen zin om mijn politieke werk gaan combineren met de deuntjes waar Blur beroemd om is geworden. Bovendien wilde ik andere Blur-jongens niet te veel opzadelen met mijn frustraties. Gewoon weer helemaal opnieuw beginnen, met nieuwe muzikanten, een plaat maken die de juiste reflectie is van onze tijdgeest. Dat wilde ik. En dus kwam ik weer uit bij het Gorillaz-concept.'

De poppetjes van Jamie Hewlett zijn hetzelfde gebleven, de muzikanten niet, en ook is Demon Days volgens Albarn een echt album en geen 'rommelig allegaartje aan half uitgewerkte ideeën' zoals vijf jaar geleden.

Een allegaartje dat de Gorillaz wel succesvoller maakte dan Blur ooit voor elkaar kreeg, maar dat heeft volgens Albarn vooral te maken door de cartoon-verpakking. 'Je kunt stripfiguren veel meer laten zeggen dan echte mensen op een podium, dat heb ik nu ook weer gemerkt. Op Demon Days verkondig ik dezelfde boodschap die Think Tank ook al in zich had. Maar van figuurtjes in een tekenfilm of strip pikt men het. Op het podium met Blur zou ik te horen krijgen: Albarn, lazer op met je gezanik, speel nog eens Girls & Boys.'

Demon Days is voortgekomen uit de samenwerking tussen Albarn en hiphopproducer Brian Burton, de man die vorig jaar de aandacht trok met zijn Grey Album. Hierop mixte Burton onder de naam Danger Mouse nummers van het Black Album van rapper Jay-Z met muziek van het fameuze White Album van de Beatles. Het album zou vanwege rechtenkwesties de winkels niet halen maar werd een download-hit van jewelste. Albarn: 'Hoe Danger Mouse The Beatles ontheiligde vond ik majestueus. Tuurlijk, de Beatles zijn heilig. Maar daar mag je best op een intelligente manier de draak mee steken.'

Albarn zocht contact met Danger Mouse en het klikte meteen. 'Samen zaten we dagen in de studio aan nummers te sleutelen. Ik zong soms wat in en we nodigden musici uit voor gastrolletjes.'

Demon Days is een zeldzaam rijk kaleidoscopisch popalbum geworden waarin hiphop, highlife, gospel en disco elkaar heel natuurlijk afwisselen, en ook een plaat die ergens over gaat, en waarop duidelijk zorgen uitgesproken worden over de huidige maatschappij.

Albarn: 'Hij begint somber maar hij eindigt optimistisch, want zonder ergens het idee te hebben dat het beter kan, kan ik geen muziek maken. Ik zou nooit zonder een greintje hoop kunnen werken. Dat kleine beetje illusie is wat me drijft.'

Op Demon Days veel gasten uit de Britse en Amerikaans hiphop (Roots Manuva, De La Soul) poplegendes (Ike Turner, Shaun Ryder) en celibrities (Dennis Hopper) maar vreemd genoeg niemand uit de huidige florerende Britse popscene.

Albarn: 'Niet dat ik al die nieuwe bandjes niet zie zitten, hoor, ik vind ze van Franz Ferdinand en Kaiser Chiefs tot Bloc Party en Magic Numbers fantastisch klinken, en ik ga ook weer veel naar bandjes kijken. Maar wat me stoort, is de complete afwezigheid van zinnige teksten in hun werk. De bands waarmee ik opgroeide, als The Clash en The Specials, die hadden wat te zeggen over de tijd waarin ze leefden. De nieuwe bandjes zeggen helemaal niks.'

De oorzaak daarvan moeten we volgens Albarn een kleine tien jaar geleden zoeken. 'Britse popcultuur kon toen kiezen. Of de weg van Blur volgen of die van Oasis. Wij stonden voor wat moeilijke, vreemde liedjes maar wel bordevol ideeën, al dan niet gejat uit de boeken van schrijvers die ik toen gretig las, Douglas Coupland en Martin Amis. Oasis cultiveerde het analfabetisme. Boeken lezen was voor mietjes. De muziek moest klinken als de Beatles en verder geen gezeur. Fantastische muziek hoor, voor eventjes, maar die volstrekte lethargie die ze predikten, die hele lad-cultuur van voetbal, lekkere wijven en zuipen, daar is Britpop nog altijd niet van af.

'Ja, Oasis heeft die strijd gewonnen, en we zitten nog altijd met de gevolgen. Ook Live 8 veranderde daar niks aan. Goeie jongens die Geldof

en Bono, maar dat zogenaamde engagement van al die betrokkenen was vooral grotesk. De artiesten wisten dat hun plaatverkoop exponentieel zou stijgen, dus wat nou belangeloos meewerken? En waar waren die fantastische Afrikaanse muzikanten? Wil je echt interesse voor arme landen oproepen, dan moet je juist de rijkdom van hun culturen laten zien en ze niet alleen behandelen als ziek, achterlijk, mismaakt baby'tje.'

Maar, zegt Albarn, 'toen ik met die kritiek kwam, dacht men dat ik jaloers was omdat ik niet gevraagd ben. Tja, hoe weer je je daar nu weer tegen?'

Gewoon door verder te gaan met muziek maken. Op dit moment werkt Albarn onder meer aan een nieuw Blur-album. 'We repeteren elke twee weken, en de deur naar Graham staat nog altijd open. Graag zie ik hem terugkeren. Het idee om bijvoorbeeld eens per jaar een groot Blur-concert te geven waarin wij en onze fans mogen zwelgen in nostalgie, staat me erg aan. Maar dan wel met Graham dus. De laatste keer dat ik hem zag, was in maart op een vliegveld in Austin, Texas. Ik riep hem, maar hij wist niet hoe snel hij weg moest rennen. Kinderachtig. Ik hoop dat hij zich eens zal realiseren dat ik zijn oudste en beste vriend ben.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden