Nieuwe baan Eurlings schaadt het aanzien van de politiek

Voormalig verkeersminister Camiel Eurlings wordt directeur van KLM Cargo. Hij heeft de schijn van belangenverstrengeling tegen, aangezien hij tijdens zijn ministerschap vele malen voor de KLM op de bres is gesprongen. Het roept de vraag op of hij in die tijd wel altijd het publiek belang heeft gediend, of dat hij al bezig was om de belangen van zijn toekomstige werkgever te verdedigen. Dit soort situaties komt vaker voor en moet voorkomen worden.


Eurlings wilde een daadkrachtig minister zijn. Dat hij daarbij vaak de belangen van zijn toekomstige werkgever voor ogen had, wordt nu duidelijk. Hij wilde de belastingbetaler laten opdraaien voor de kosten die de KLM maakte ten gevolge van de aswolk boven IJsland en schafte, onder druk van de luchtvaartsector, de vliegtax af. KLM moest vrij baan krijgen, waarbij de belangen van omwonenden van Schiphol werden veronachtzaamd. Dat Eurlings nu bij dat bedrijf aan de slag gaat, doet het vertrouwen in de politiek geen goed. Het bevestigt het beeld dat politici, na een aantal jaren bij de overheid, door het bedrijfsleven 'beloond' worden voor bewezen diensten. Met een salaris dat ongetwijfeld ver boven de Balkenendenorm ligt.


Het behoeft geen toelichting dat mensen met een dergelijk beroepsverleden nog steeds grote invloed kunnen hebben op hun vroegere ambtenaren en op huidige bewindslieden. Bovendien zijn ze nog op de hoogte van vertrouwelijke informatie die voor hun nieuwe werkgever van belang kan zijn.


Ook bij de overstap van andere bewindslieden kunnen vragen gesteld worden. Het wekt geen verbazing dat juist de financiële sector, die onder zware politieke druk staat als aanstichter van de economische crisis, actief winkelt onder voormalige politici. De sector lobbyt als nooit tevoren om maatregelen die banken en investeerders aan banden moeten leggen, tegen te houden. Wouter Bos, Gerrit Zalm en andere oud-ministers zijn de laatste jaren overgestapt naar banken en accountancykantoren.


Op internationaal niveau doet hetzelfde verschijnsel zich voor. In Brussel, met z'n 15 duizend lobbyisten, zijn de laatste maanden verschillende gevallen aangekaart van voormalige eurocommissarissen die hun diensten aanbieden als lobbyist voor het bedrijfsleven. Zo werden Günter Verheugen (Industrie) en Charlie McCreevy (Financiële Sector) door de financiële sector aangesteld om hun belangen in Brussel te verdedigen. De Europese Commissie heeft daarom voorstellen gedaan voor een afkoelingsperiode waarin oud-commissarissen niet mogen lobbyen. Hoewel er nog mazen in dat nieuwe systeem zitten, onderkent Brussel het probleem wel.


Ook de Verenigde Staten en GrootBrittannië hebben te maken gehad met ministers die wel heel nadrukkelijk de belangen van bepaalde economische sectoren vooropstelden en die na hun aftreden direct als lobbyist aan de slag gingen. President Obama heeft daarom in de eerste week na zijn aantreden al een verbod op lobbyen door uittredende ambtenaren en bewindslieden afgekondigd. De Britse premier David Cameron heeftvergelijkbare maatregelen aangekondigd.


In Nederland zijn er geen regels die een dergelijke belangenverstrengeling tegengaan. Wouter Bos zei bij zijn aanstelling bij KPMG dat hij verbaasd was dat er geen enkele voorwaarde werd gesteld door het ministerie van Financiën. Het is de hoogste tijd dat premier Rutte maatregelen neemt, in de vorm van bindende afspraken voor oud-bewindslieden. Ik noem de belangrijkste.


Allereerst moet er een afkoelingsperiode van drie jaar worden ingesteld waarin bewindslieden na hun aftreden niet aan de slag mogen bij een bedrijf of organisatie in de sector waarvoor ze verantwoordelijk waren.


Tijdens die afkoelingsperiode moet het oud-ministers ook niet worden toegestaan dat ze aan de slag gaan als lobbyist en het beleid van hun opvolgers proberen te beïnvloeden. Daarbij moet lobbyen breed worden opgevat, ook het voorbereiden en adviseren van lobby- isten moet eronder vallen.


Ten derde moet de minister-president, om de effectiviteit van de maatregelen te waarborgen, een comité van onafhankelijke experts instellen dat controleert of voormalige bewindslieden zich aan de afspraken houden. Als dat niet het geval is moeten er sancties worden ingesteld, zoals het opleggen van boetes of uitsluiting van toekomstige publieke functies.


Dergelijke afspraken kunnen voorkomen dat private belangen boven het algemeen belang worden gesteld. Maar het dient ook ter bescherming van bewindslieden zelf. Het voorkomt dat ze in een situatie terecht komen waarin ze zich aan belangenverstengeling blootstellen. Premier Rutte zou het voorbeeld van zijn collega's in Brussel, Groot-Brittannië en de VS moeten volgen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden