reportage Nieuw marineschip

Nieuw, nog te bouwen schip voor de marine is nú al een feestje waard

De marine krijgt een nieuw bevoorradingsschip. In 2023 moet het in de haven liggen, de presentatie van het model was al feestelijk. ‘Een eerste stap in de vernieuwing van de vloot van de Koninklijke Marine’. 

WageningenMARIN in Wageningen presenteert en test een model van een nog te bouwen bevoorradingsschip van de Koninklijke Marine. Beeld Marcel van den Bergh

Virtueel varen is misschien nog wel mooier dan virtueel vliegen. Kijk maar hoe écht dat water klotst en hoe fraai de boot de haven nadert. Dan doven de lichten, gaat het XXL-scherm omhoog en schieten blauwe laserstralen alle kanten op. Hoog boven een vijf zwembaden groot golfbassin naderen van twee kanten cabines met saxofonisten die het Canto Ostinato spelen. Daaronder vaart een model van het prachtschip rechtstreeks op een hoog podium af.

Uit het publiek stijgen uitroepen op als ‘geweldig’, ‘bravo’ en ‘wow’. Aan wie danken we deze show op het Maritiem Research Instituut Nederland (Marin) te Wageningen? Presenteert de Efteling alweer een nieuwe spetterattractie? Néé: het schip dat virtueel én als model zijn opwachting maakt, is een nieuw Combat Support Ship oftewel een bevoorradingsschip voor de Nederlandse strijdkrachten ter zee. In 2023 zal het écht de haven van Den Helder binnen varen, nu al is dat reden voor een feest.

Bezuinigingen

Als ergens behoefte leek aan een beetje feest, dan bij het ministerie van Defensie, na bijna drie decennia van bezuinigingen waarin het media-imago verbonden raakte met termen als ‘JSF-debacle’, ‘verouderd materieel’ en ‘achterstallig onderhoud’. Dit jaar kreeg Defensie er eindelijk 400 miljoen euro bij. De opdracht tot op de bouw van het bevoorradingsschip waarvan het model onder de naam ‘MARIN 10000’ voor de lasers opdoemt, was één van de eerste besluiten die uit de generositeit van Rutte III voortvloeiden.

Staatssecretarissen Barbara Visser van Defensie (links), Marin-directeur Bas Buchner en Mona Keijzer van Economische Zaken onthullen het nieuwe Combat Support Ship voor de marine. Beeld ANP

Nederland is geen land met een traditie in pronken. Maar een departement waar het lang ‘armoe troef’ was terwijl de wereld onveiliger werd, mag best laten zien dat het weer dúrft, lijkt de gedachte achter dit evenement te zijn geweest. De muzikale omlijsting van het feest in Wageningen is helemaal Nederlands, van het Canto Ostinato tot Al die willen ten kaap’ren varen dat een zeemansensemble even verderop gehore brengt. Echter: Happy days are here again was vandaag misschien nog wel een toepasselijkere soundtrack geweest – Ronald Reagan, nooit te beroerd om defensie-uitgaven te verhogen, deed daar ook vaak een beroep op.

Iets bereikt 

‘We vergeten wel eens een feestje te vieren, te vieren dat we iets beréíkt hebben’, zegt staatssecretaris Barbara Visser van Defensie op het hoge podium in Wageningen. Naast Visser geeft collega Mona Keijzer van Economische Zaken acte de présence. Rob Kramer, Commandant der Zeestrijdkrachten, en Marin-directeur Bas Buchner, staan ook op het podium. Buchner is de enthousiaste en charismatische gastheer die al snel vele lachers op zijn hand heeft. Aan een driehoekstafel op het podium vraagt hij Visser en Keijzer of ze ‘iets hebben met bootjes’ (Visser: ‘Ik heb geen vaarbewijs, maar ik ben wel aan de kust geboren’).

Die driehoeksvorm van de tafel heeft alles met bootjes te maken, maar die staat óók voor de innige en o zo Nederlandse samenwerking overheid, kennisinstituten en bedrijfsleven, leren we van Buchner. ‘Een tafel met vier poten wiebelt, een driehoekstafel is een stévige tafel.’

Het feest voor Defensie is ook Buchners feest – het Combat Support Ship is het tienduizendste testmodel van MARIN. In dit instituut vol bassins komt flink wat geaccumuleerde Hollandse maritieme kennis samen. Vrachtschepen, zeilschepen, onderzeeërs – veel wat de afgelopen 86 jaar in Nederland te water ging, was bij Marin ontwikkeld en getest. De Efteling is hier net zo goed klant als Defensie: zonder de bassins in Wageningen geen veilige waterpret in de Vliegende Hollander. ‘Als het maar spéttert, dan vinden wij het leuk’, vat de directeur de brede inzetbaarheid samen.

Zr. Ms. Den Helder

Als het model van het Combat Support Ship het podium bereikt en de lichten weer aangaan, onthult staatssecretaris Visser hoe deze boot gaat heten: Zijner Majesteits Den Helder. Daar mogen de paar honderd enthousiaste aanwezigen allemaal het glas prosecco op heffen.

Gelukkige dagen zijn weer aangebroken, althans op deze plek, want de wereld als geheel lijkt eerder op bange dagen af te stevenen. Dat ruimere Nederlandse defensiebudget vloeit in belangrijke mate voort uit een zich verruwend geopolitiek klimaat, met een agressiever Rusland en een onberekenbare Amerikaanse president die zijn NAVO-bondgenoten ‘gevoelens van onveiligheid’ bezorgt.

Vernieuwing

Genodigden die in marineblauw die in Wageningen hun opwachting maken, kunnen leken eenvoudig uitleggen dat Zijner Majesteits Den Helder slechts in een dringende behoefte voorziet. De marine had altijd twéé bevoorradingsschepen, de Zuiderkruis en de Amsterdam. Daar zouden twee moderne schepen voor in de plaats komen. Helaas, geldgebrek noopte Defensie een aantal jaar terug één van de orders af te bestellen. Op dit moment is er alleen Zijner Majesteits Karel Doorman. Als daar onderhoud aan wordt gepleegd, ben je volledig afhankelijk van andere landen. ‘Eén is géén’, weet iedereen hier. Rob Kramer, opperbevelhebber van de zeestrijdkrachten, zegt het op deze feestdag zo: ‘We zijn erg blij met het Combat Support Ship als eerste stap in de vernieuwing van de vloot van de Koninklijke Marine.’

Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden