Nieuw Linkser werd bestuurder met gevoel voor het politieke spel

Aurelus Louis ter Beek, maandag op 64-jarige leeftijd overleden in Assen, was een joviaal en scherpzinnig PvdA-politicus en bestuurder...

Jan Joost Lindner en Karin Sitalsing

Als minister van Defensie in het kabinet-Lubbers/Kok (1989-1994) leidde hij een enorme reorganisatie en afslanking van de krijgsmacht. Ook schafte hij de dienstplicht af en zond hij, onder veel twijfel, militairen naar Srebrenica.

Ter Beek was als student voorzitter van de PvdA-jongeren, en een van de weinige Nieuw Linksers die Nederland nog wel in de NAVO wilde laten. In 1971 werd hij Kamerlid. Dat bleef hij achttien jaar. In die tijd werd hij een minder radicaal, maar wel een voortreffelijk parlementariër.

Eén meesterstukje: een motie uit 1975 die de levering van kernreactorvaten aan Zuid-Afrika verhinderde. Het kabinet-Den Uyl had die beslissing in een onbewaakt ogenblik genomen. De motie kreeg een meerderheid. Den Uyl erkende later een fout te hebben gemaakt.

Ook buitenlandspecialist Ter Beek zelf was verrast met zijn verkiezing tot minister van Defensie. Hij kende de krijgsmacht slecht. ‘Een uitmuntend verkoper van andermans ideeën’, mopperde fractiegenoot en rivaal Bram Stemerdink. Maar Ter Beek was politiek behendig. De betrekkelijk nieuwe PvdA-leider Wim Kok vertrouwde hem veel meer dan vele anderen.

De nieuwe minister zat gevangen tussen de bezuinigingseisen van zijn PvdA en het militarisme van CDA-minister Hans van den Broek (Buitenlandse Zaken). Het uiteenvallen van communistisch Oost-Europa gaf hem armslag voor grote hervormingen. Volgens het regeerakkoord moest de defensiebegroting het eerste jaar met 0,6 procent stijgen, daarna gelijk blijven. Aan het eind van de periode was de begroting met miljarden guldens gedaald en telde Defensie 40 duizend banen minder.

De eerste jaren was Ter Beek gespannen, behoedzaam en maakte hij geen sterke indruk in de Kamer. Maar hij won bijstand en groeide in zijn vak. Bij de afschaffing van de dienstplicht overwon hij zichzelf en de generaals. Die keus was hem opgedrongen door de Tweede Kamer. Ter Beek maakte de zaak rond met veel politieke finesse.

Ook ‘Srebrenica’ liet hij zich vooral aanpraten door anderen. De landmacht was verdeeld over het riskante VN-beleid van safe areas voor de Bosnische moslims, dat hen tegen de moordlustige Serviërs moest beschermen. Die bescherming was symbolisch: de veel te licht bewapende VN-eenheden zouden bij een Servische aanval kansloos zijn. De politieke druk om toch te gaan was enorm.

Ter Beek bezweek na lang aarzelen. Ruim een jaar later, in juli 1995, vielen de Serviërs aan; Dutchbat moest smadelijk om de aftocht smeken. Ondertussen werden duizenden moslims vermoord. Ter Beek was toen al opgevolgd door Joris Voorhoeve (VVD) die – aanvechtbaar – vooral de schuld in de schoenen kreeg geschoven.

Ter Beek was uiteindelijk een goede minister. Tijdens de paarse kabinetsformatie van 1994 gaf de PvdA de post uit handen. Relus werd weer Kamerlid en vervolgens commissaris van de koningin in Drenthe, zijn geboorteprovincie.

Daar kwamen zijn Haagse contacten van pas. Met zijn collega’s Hans Alders (Groningen, 1996-2007) en Ed Nijpels (Friesland, 1999-2008) vormde hij een geducht driemanschap, dat ten strijde trok voor de economische ontwikkeling van Noord-Nederland. Hij speelde in dat driemanschap een strategische rol.

Ter Beek was een bindende figuur, een bemiddelaar, een politicus van hoog niveau. Sommigen, vooral ter linkerzijde, vonden hem te zeer op het compromis gericht. Een toenmalig fractiegenoot: ‘Zijn kracht is dat niemand langer dan vijf minuten kwaad op hem kan zijn, omdat hij zo aardig is’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden