Niets doen is op korte termijn het beste

In Den Haag zijn de denkstappen gemaakt van kredietcrisis via financiële crisis naar economische crisis – en dan is de schatkist plotseling dichtbij....

Frank Kalshoven

Het korte antwoord op de vraag wat er nu met het begrotingsbeleid gebeuren moet, is namelijk: niets. Daar is het begrotingsbeleid voor bedacht, om niets te hoeven doen als het economisch tegen zit. Dat wil niet zeggen dat er geen lessen te leren zijn, maar die zijn voor de toekomst en niet voor nu.

Het inzakken van de economische groei – president Nout Wellink van De Nederlandsche Bank zei deze week voor Europa in 2009 nulgroei te voorzien – heeft negatieve gevolgen voor het saldo van de schatkist. Vooral de daling van de inkomsten van de staat (minder winstbelasting, btw en loonbelasting) zal het bescheiden financieringsoverschot komend jaar (1,2 procent was de verwachting in de Miljoenennota) doen omslaan in een tekort. De overheidsuitgaven blijven op peil, op grond van afspraken die zijn gemaakt aan het begin van de kabinetsperiode.

Deze beweging – economische groei omlaag, uitgaven stabiel, financieringstekort omhoog – gaat helemaal vanzelf, is goed voor de economie en wordt daarom een ‘automatische stabilisator' genoemd. De stabilisatie schuilt hierin, dat terwijl de consumenten hun bestedingen terugschroeven, de bedrijven hun investeringen verlagen en het buitenland minder goederen van Nederland afneemt, de overheid stug geld blijft uitgeven en zo de bestedingen enigszins op peil houdt. De schatkist dempt zo de economische neergang.

Vandaar: niets doen is op korte termijn het beste.

Hierbij zijn wel een paar kanttekeningen te maken.

Eén: voor een land is het het beste om de ‘automatische stabilisator’ voluit te laten werken, hoe hoog het financieringstekort ook oploopt. Bij een internationale economische neergang kan dat in een kleine open economie als Nederland hard gaan. Een verslechtering van het financieringstekort van 5 procentpunten (van plus 1 nu, naar min 4 op het dieptepunt van de neergang) is niet zo’n gekke verwachting.

Zover kan Nederland het helaas niet laten komen, en dat is het collectieve falen van de politiek. Automatische stabilisatoren kunnen namelijk alleen werken als dat tweezijdig gebeurt: financieringsoverschotten opbouwen (en de economie daarmee een beetje afknijpen) in goede tijden; tekorten laten oplopen (en de economie stutten) in slechte tijden. Een financieringsoverschot maakt in politici helaas het slechtste wakker, leert ook het recente verleden. Men gaat dan – denk aan Paars 2 eind jaren negentig -- de overheidsuitgaven verhogen of belastingen verlagen.

Als de amplitude van het financieringstekort 5 procent is, en Nederland wil gemiddeld op nul uitkomen, moet in goede tijden een financieringsoverschot ontstaan van 2,5 procent en in slechte tijden een tekort van 2,5 procent. Als het gemiddelde 1 procent lager moet zijn (en daar is veel voor te zeggen in verband met de vergrijzing) zwiept het financieringstekort dus idealiter van plus 3,5 naar min 1,5. Helaas: de knieën zijn te zwak voor dergelijke overschotten.

Vanwege het collectief falen van de politiek bestaat er een ‘signaalwaarde’ voor het financieringstekort. Dat wil zeggen: vanaf een tekort van 2 procent wordt de werking van de automatische stabilisator ongedaan gemaakt. Het kabinet moet dan gaan bezuinigen of de belastingen verhogen. Dit is precies wat er gebeurde in 2003. De conjuncturele neergang wordt zo dus erger gemaakt.

Precies om deze reden heb ik wel eens voorgesteld het begrotingsbeleid (verder) te depolitiseren, bijvoorbeeld door het instellen van een Onafhankelijke Budget Autoriteit. Dat viel in Den Haag op barre grond en dus gaan we het de komende jaren opnieuw meemaken: het kabinet zal moeten bezuinigen of de lasten verzwaren in een conjunctureel dal. De Miljoenennota van volgend jaar is het moment om het daarover te hebben.

De tweede kanttekening geldt de balans. De acties van het kabinet bij ABN Amro/Fortis, ING en verzekeraar Aegon zijn wat het financieringstekort betreft op korte termijn praktisch neutraal. Het zijn balanstransacties: het kabinet leent geld (op de kapitaalmarkt) en steekt het in banken.

In Den Haag is een debat ontstaan over de manier waarop met de bijbehorende kosten en opbrengsten omgegaan moet worden. Het zuivere antwoord: laat het een balanstransactie blijven. Het gaat om een tijdelijke én incidentele ingreep. Wie niet wil dat een eventueel boekverlies in de toekomst leidt tot (sneller) bezuinigen, moet ook de inkomstenstroom (rente en dividend) en een eventuele boekwinst in de staatsschuld laten lopen. Ook hiervoor geldt dus eigenlijk: niets doen. Geen fratsen.

Laten we daarom hopen dat men in Den Haag de neiging om actie te willen ondernemen, weet te onderdrukken.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden