Niet zeuren maar doen

In Send Yourself Roses wil actrice Kathleen Turner, in haar zelfverklaarde ‘fuck-you fifties’, haar inzichten en levenslessen met haar lezers delen....

Nog voor haar boek goed en wel verschenen was, had Kathleen Turner al een rechtszaak aan haar broek. Nicolas Cage, Turners tegenspeler in de komedie Peggy Sue Got Married (1986), was niet blij met de manier waarop hij in haar memoires geportretteerd werd. Cage verweerde zich met name tegen twee beschuldigingen: dat hij was opgepakt vanwege rijden onder invloed, en dat hij een chihuahua had gestolen.

Hondje en dronkenschap zijn in een nieuwe versie van het boek weggelaten, maar Cage komt er in Send Yourself Roses: My Life, Loves and Leading Roles nog altijd niet goed vanaf. Hij was een aansteller, schrijft Turner, die met zijn rare stem en valse tanden de film bijna wist te verpesten.

Het relletje leverde aardig wat publiciteit op, maar wie een reeks pikante roddels verwacht, komt bedrogen uit. Turner is weliswaar zeer uitgesproken – Burt Reynolds is ‘gemeen’, Anthony Perkins had een ‘afschuwelijk drugsprobleem’ – maar maakt aan haar leven op de filmset verder weinig woorden vuil.

Kathleen Turner, vooral bekend als zwoele, imponerende verschijning in jaren-tachtigfilms als Body Heat, Romancing the Stone en Prizzi’s Honor, stelde zich ten doel haar inzichten en levenslessen met de lezer te delen. Een flink deel van Send Yourself Roses is gewijd aan feministische retoriek: Turner blijkt een groot voorvechter van de zelfstandigheid en gelijkwaardigheid van vrouwen.

Niet zeuren, maar doen, is daarbij haar belangrijkste motto. Ze gaf zelf het goede voorbeeld door haar mond open te trekken als het nodig was, en zich bovendien door een nare vorm van reumatoïde artritis heen te bijten. Dat ze door die ziekte ook een beetje te veel naar de fles greep, geeft ze ruiterlijk toe.

Turners boek, geschreven door Gloria Feldt, leest vlot weg. Het is alsof er een praatgrage tante tegen je aankletst, die met de nodige humor, maar ook nogal zelfingenomen haar eigen successen beschouwt. Natuurlijk heeft Turner het recht om trots te zijn: ze was niet alleen een toonaangevend filmster, maar schitterde ook op het toneel, de laatste jaren in succesvolle uitvoeringen van The Graduate en Who’s Afraid of Virginia Woolf.

Dat ze het niet altijd makkelijk heeft gehad, staat buiten kijf. Haar ziekte was de oorzaak van veel beperkingen, niet in de laatste plaats omdat ze door de medicijnen dik en pafferig werd. Nog altijd is er rondom haar verschijning veel te doen – toen ze in The Graduate, als eind-veertiger, enkele seconden naakt op het toneel verscheen, leverde dat zowel lof als kritiek op.

Het aardige is dat Turner zelf niet zo’n punt maakt van haar uiterlijk. De actrice, nu in haar zelfverklaarde ‘fuck-you fifties’, heeft zich nooit veel complexen laten aanpraten. Als rank en slank sekssymbool of met opgezwollen voeten en een dikke kop, Turner is altijd in het openbaar blijven verschijnen, om met haar kenmerkend diepe stem te zeggen waar het volgens haar op staat.

Dat is bewonderenswaardig. Ondanks veel oppervlakkig gebabbel over boodschappen, echtelijke misère en akkefietjes met haar puberdochter wekt Send Yourself Roses verrassend weinig irritatie op. Het komt doordat Turner een oprechte indruk maakt. Bovendien is ze een ware vakvrouw: de passie waarmee ze over haar werk praat, is aanstekelijk.

Send Yourself Roses maakt duidelijk dat we nog lang niet van haar af zijn. Turner blijft tot haar tachtigste op het toneel staan, als het moet onder de pijnstillers, en met een fles wodka binnen handbereik.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden