Analysetoespraak dodenherdenking

‘Niet wegkijken’, zei de koning. Wat staat ons te doen?

Koning Willem-Alexander spreekt tijdens de Nationale Dodenherdenking op een lege Dam.Beeld ANP

Koning Willem-Alexander riep de Nederlandse bevolking op ‘niet weg te kijken’. Waar doelde hij op? ‘Ik denk dat de koning waarschuwt voor discriminatie en haat, maar ook voor andere grote vraagstukken.’

De oorlog zit nog steeds in ons, waarschuwde de koning op een lege Dam op 4 mei. Waarna hij opriep: ‘Niet wegkijken.’ Hij sprak over de onverschilligheid van Nederland ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, hoe mensen toekeken terwijl Joden in overvolle trams werden afgevoerd. Ook zijn overgrootmoeder, zei hij voor het eerst, had vanuit Londen niet genoeg gedaan. 

Zelden maakten zijn woorden zoveel indruk, getuige de lof uit vrijwel alle hoeken. Maar welk wegkijken bedoelde de koning? Hoe zouden we gevolg moeten geven aan zijn oproep? En is die oproep wel houdbaar?

Een stevige, uitgesproken speech, vindt ook Frank van Vree, historicus en directeur van het NIOD. Toch past de toespraak in de ontwikkeling van de herinneringscultuur van de oorlog, zegt hij. ‘De eerste twintig jaar was er vooral aandacht voor de onderdrukking, het verzet en de heldhaftigheid van de winnaars.’

Sinds de jaren zestig is er meer oog gekomen voor de oorlogsslachtoffers en hoe Nederland tekort is geschoten. Van Vree: ‘Nederland werkte betrekkelijk makkelijk mee met de bezetter. De politie en de ambtenaren voorop. Er is te weinig gedaan om de massamoord van de Joden te voorkomen. Dat besef is alleen maar groter geworden.’

Onverschilligheid

Er zijn, kortom, veel jaren overheen gegaan voordat de onverschilligheid van Nederlanders door onszelf werd erkend. Zo bezien zullen we ook pas over een paar decennia zeker weten waar we nu van wegkijken. Is het onze omgang met dieren? Met vluchtelingen? Dat we te weinig doen om het klimaat te redden? Of is het, zoals rechtse commentatoren al jaren zeggen, de islamisering die in Nederland sluipenderwijs zou toenemen?

‘De koning waarschuwt vooral voor vijanddenken’, denkt filosoof Marli Huijer, oud-Denker des Vaderlands. ‘We moeten alert zijn op nationalistische tendensen en op minderheden die als groep worden weggezet. Dan gaat het vooral over antisemitisme en anti-islamisme. Daarom was de impliciete parallel met de 4 mei-lezing van Arnon Grunberg ook zo opvallend.’

Voorafgaand aan de toespraak van de koning op de Dam deed Grunberg in De Nieuwe Kerk een beroep op politici om hun woorden geen gif te laten zijn. Hoe er over bepaalde groepen wordt gesproken deed hem denken aan ‘de meest duistere tijd uit de twintigste eeuw’. ‘Voor mij was het van begin af aan duidelijk: als ze het over Marokkanen hebben, dan hebben ze het over mij.’

Ook Van Vree zag overeenkomsten tussen beide speeches. ‘Ja, ik denk dat de koning waarschuwt voor discriminatie en haat, maar ook voor andere grote vraagstukken. De vluchtelingenproblematiek, klimaatverandering. Je kunt niet doen alsof daar niets aan de hand is.’

Gedachteloosheid

Onverschilligheid raakt aan de banaliteit van het kwaad van Hannah Arendt, zegt Huijer. ‘Ze gebruikte het begrip ‘gedachteloosheid’ voor de oorlogsmisdadiger Adolf Eichmann, die een keurige bureaucratische organisatie optuigde om de Joden te deporteren. Het ontbrak hem volgens haar aan het vermogen om een beeld te vormen van wat zijn handelen impliceerde voor een ander.’

Door je een voorstelling te kunnen maken van het denken of standpunt van een ander, zegt Huijer, voorkom je het zwart-witte vijanddenken. ‘Wil je in een land samenleven zonder geweld dan is het belangrijk om verschillig te zijn, om verschillen te waarderen.’

Toch kunnen we ons niet al het leed van anderen aantrekken. ‘Er zijn grenzen aan empathie en betrokkenheid’, zegt de Vlaamse filosoof Ignaas Devisch, die in 2017 een pleidooi schreef voor onverschilligheid in het boek Het empathisch teveel. ‘Als er te vaak een appèl op ons geweten wordt gedaan, bijvoorbeeld door goede doelen, worden we daar juist apathisch van.’

Omstanderseffect

In wezen beschreef de koning het ‘omstanderseffect’, zegt Devisch. ‘Dat iedereen veronderstelt dat de ander wel zal helpen, waardoor niemand ingrijpt. De gedachte die mooi in de speech naar voren kwam: verschuil je daar niet achter. Daarmee legt hij de vinger op de wonde kennelijk, ik heb althans begrepen dat half Nederland is platgegaan voor die speech.’

Toch hebben we ‘geen enkele garantie’, zegt Devisch, dat, mocht een nieuwe vergelijkbare situatie zich voordoen, we nu niet zouden wegkijken. ‘Het voordeel ten opzichte van toen is wel dat tegenwoordig alles wordt vastgelegd. Daar zou een groter plichtsbesef uit voort kunnen komen. We kunnen nu nauwelijks meer beroep doen op het argument: we wisten niet wat er aan de hand was.’

Rol Wilhelmina in radiotoespraken is sinds de eeuwwisseling een gevoelig thema
‘Het is iets dat me niet loslaat’, zei koning Willem-Alexander over de geringe aandacht van zijn overgrootmoeder voor de Jodenvervolging. Hij raakte daarmee aan een open zenuw in het historische debat.

4 mei-lezing Arnon Grunberg: Herdenken gaat uit van de vaststelling dat het verleden niet voltooid is
Als herdenken ook verlangen naar kennis is, dan zijn details belangrijk, zegt Arnon Grunberg in zijn 4 mei-lezing die hij uitsprak in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. Want kennis bestaat uit details.

Herdenken in coronatijd: met het virus worden ook veel herinneringen weggevaagd
Herdenken is bijna een opdracht, maar het is ook een weg vol valkuilen. Wie eren we, bij wat staan we stil? Binnenkort leven we zonder ooggetuigen van de Tweede Wereldoorlog. Hoe sterk zijn de herinneringen? Het verleden kan worden uitgewist of vervagen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden