Politieke Integriteitsindex

Niet VVD, maar CDA had met elf affaires de meeste integriteitsproblemen in 2020

Minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) overtrad de coronaregels op zijn bruiloft. De affaire rond de CDA’er beheerste wekenlang het nieuws. Beeld Katja Poelwijk, bewerking Rein Janssen
Minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) overtrad de coronaregels op zijn bruiloft. De affaire rond de CDA’er beheerste wekenlang het nieuws.Beeld Katja Poelwijk, bewerking Rein Janssen

Het CDA had vorig jaar met elf affaires verreweg de meeste integriteitsproblemen. De VVD telde er slechts twee. Opvallend weinig, want de partij stond tot nu toe elk jaar bovenaan de Politieke Integriteitsindex. De coronaregels en een nieuwe gedragscode veroorzaakten veel problemen. En al te vaak bleek: politici hanteren een dubbele moraal.

Het waren maar een paar minuten op het bordes van het gemeentehuis van Bloemendaal. Helaas voor Ferd Grapperhaus lag er een fotograaf van Privé met een telelens op de loer, zodat heel Nederland kon zien dat de minister van Justitie geen afstand hield en zelf de coronaregels overtrad. De discussie over zijn geloofwaardigheid beheerste wekenlang het nieuws en daarmee werd het de spraakmakendste integriteitsaffaire van vorig jaar. In de rel rond Grapperhaus’ huwelijk komen drie belangrijke trends uit de Politieke Integriteitsindex over 2020 samen: opvallend veel problemen voor het CDA, de dubbele moraal die veel politici voor zichzelf hanteren en de worsteling met de coronaregels.

De Politieke Integriteitsindex (PII) telde vorig jaar 45 integriteitsaffaires. Dat is iets meer dan in 2019 (42) en minder dan in 2018 (52). De PII schommelt al jaren rond die aantallen. Bij twee van de affaires in 2020 waren overigens tientallen politici betrokken: het onvermeld laten van nevenfuncties en het overtreden van een nieuwe gedragscode (zie kader).

De opvallendste uitkomst is dat de VVD voor het eerst sinds de start van de PII in 2013 niet meer bovenaan staat: de partij telde slechts twee individuele affaires (de VVD’ers die hun nevenfuncties niet hadden gemeld niet meegerekend). Het CDA had met elf affaires verreweg de meeste integriteitsproblemen, waaronder een opvallend aantal in Limburg. Traditioneel hadden de lokale partijen weer de meeste schandalen: samen in totaal dertien.

Forum voor Democratie had met vier affaires een slecht jaar, opmerkelijk veel voor een partij met zo weinig politici. Partijleider Thierry Baudet deed tijdens een diner antisemitische uitlatingen, zo vertelden aanwezige partijgenoten later. Zijn vertrouweling Freek Jansen bleek enthousiast te zijn over het economische beleid van de nazi’s. Op een partijcongres van de jongerenafdeling van FvD pleitte hij voor ‘overheersingsdrang’ om de westerse beschaving te redden. Ook greep hij niet in toen iemand in een appgroep van JFvD schreef dat ‘Joden internationale pedonetwerken hebben en vrouwen massaal de pornografie in helpen’. De partij viel door onthullingen hierover grotendeels uit elkaar, maar Baudet en Jansen bleven aan.

Net als in voorgaande jaren is wangedrag in de privésfeer – met veertien affaires in 2020 – het grootste struikelblok in de Nederlandse politiek. Kwetsende en/of domme tweets en apps zijn een jaarlijks terugkerend probleem. Die zijn vaak politiek van aard, maar de PII telt ze toch als wangedrag in de privésfeer omdat ze niet direct samenhangen met iemands officiële bevoegdheden of werk. Hugo Westerlaken stapte op als raadslid voor het CDA in Lopik nadat hij in een appgroep plaatjes had geplaatst van Thierry Baudet aan een galg en van Geert Wilders in een SS-uniform. Henk Bres, fractievertegenwoordiger van de Haagse PVV, twitterde dat hij woedend was over ‘filmpjes van negers die geweld plegen. Gewoon misselijkmakend’. Hij concludeerde dat hij daardoor ‘de laatste dagen een enorme racist is geworden’. Bres bleef aan, maar stopte wel een tijdje met twitteren.

null Beeld

Nieuw in 2020 was uiteraard het overtreden van de coronaregels. Een gevoelige kwestie, omdat de politiek nogal wat beperkingen heeft opgelegd aan burgers en dus bij uitstek het goede voorbeeld moet geven. Politici over de hele wereld worstelden ermee. De beruchtste slipper was van Dominic Cummings, de rechterhand van Boris Johnson. Die kwam in maart in opspraak omdat hij ondanks strenge reisbeperkingen honderden kilometers naar zijn ouders was gereden. Dat tastte de toch al wankele geloofwaardigheid van het Britse coronabeleid sterk aan. Koning Willem-Alexander valt als erfelijk staatshoofd buiten de criteria van de PII (gekozen en benoemde politici), maar moet hier toch worden genoemd. Door in oktober met zijn familie naar zijn Griekse villa te vliegen, gaf hij het verkeerde voorbeeld, zichtbaar voor heel Nederland. Het koninklijk echtpaar zag zich gedwongen het volk hierover toe te spreken op tv.

In totaal belandden acht politici op de PII wegens schendingen van de coronaregels. Behalve Grapperhaus kwam zijn partijgenoot Ank Bijleveld (minister van Defensie) in opspraak omdat ze naar de kerk was geweest. De andere affaires speelden zich af op lokaal niveau en kregen veel minder aandacht. Zo kwam vlak na Grapperhaus ook de Nunspeetse wethouder Mark van de Bunte (Gemeentebelang) in opspraak omdat er foto’s waren gemaakt van gasten die op zijn huwelijk te dicht op elkaar stonden. Burgemeester Jan Brenninkmeijer (CDA) van Waalre werd in juni zingend in een café betrapt, dicht op andere bezoekers.

Minister Ank Bijleveld (Defensie) van het CDA kwam afgelopen jaar in ­opspraak omdat ze naar de kerk was geweest.   Beeld Getty, bewerking Rein Janssen
Minister Ank Bijleveld (Defensie) van het CDA kwam afgelopen jaar in ­opspraak omdat ze naar de kerk was geweest.Beeld Getty, bewerking Rein Janssen

Politici geven het slechte voorbeeld

Belangrijk bij integriteit is ‘heelheid’: je moet een man of vrouw uit één stuk zijn, woorden en daden moeten met elkaar overeenstemmen. Dat maakte de affaire-Grapperhaus zo pijnlijk. De minister van Justitie en Veiligheid had in maart mensen die feestjes gaven nog boos ‘aso’s’ genoemd. Het werd er niet beter op toen Grapperhaus aankondigde dat hij en zijn vrouw als ‘boetedoening’ allebei 390 euro zouden overmaken naar het Rode Kruis. Dat leek nogal op de ‘straf’ die VVD-leider Klaas Dijkhoff in 2019 oplegde aan fractiegenoot Wybren van Haga, toen die met een glas te veel op achter het stuur was gepakt. De VVD verplichtte Van Haga om een ‘boete’ van 5.000 euro over te maken aan de Landelijke Organisatie Verkeersslachtoffers en hij kreeg een ‘taakstraf’ opgelegd van vijf dagen vrijwilligerswerk. Het zijn maatregelen die sterk doen denken aan studentencorpora die na een incident extern onderzoek en sancties afwimpelen en de zaak zelf intern wel even afdoen.

Grapperhaus kwam er niet mee weg, hij kreeg alsnog een echte boete opgelegd.

De Nederlandse overheid kan bikkelhard zijn voor burgers, zoals bijvoorbeeld weer gebleken is in de toeslagenaffaire. Voor zichzelf zijn politici een stuk milder. Zo heeft de Tweede Kamer zich decennialang verzet tegen een eigen gedragscode. In 1978 schreef de toenmalige Kamervoorzitter Anne Vondeling in zijn boek Schijn des kwaads dat hij zo’n code niet nodig vond. D66 had daarom gevraagd, omdat Ruud Lubbers zich als minister van Economische Zaken met zijn familiebedrijf bemoeide. Volgens Vondeling waren Nederlandse politici, vergeleken met hun buitenlandse collega’s, heel netjes. Bovendien functioneerde de politieke controle van de pers hier ‘heel redelijk’ en waren de partijen zelf over het algemeen ‘behoorlijk waakzaam’.

Dat laatste lijkt niet te kloppen. Politieke partijen zijn niet waakzaam, althans niet merkbaar voor de buitenwereld. Het kan zijn dat partijen bij het selectieproces potentiële brokkenmakers bij voorbaat weren, maar of en hoe vaak dat gebeurt, weten we niet. Voor zover bekend is geen van de 400 integriteitsaffaires die sinds 2013 op de PII zijn beland, ooit actief door een politieke partij zelf ontdekt en naar buiten gebracht. Het aftreden of ontslaan van een politicus is altijd een reactie op een onthulling in de media of het optreden van politie, Fiod of Rijksrecherche.

Cruciale beroepsgroepen zoals notarissen, advocaten en accountants zijn wettelijk verplicht om hun branche ‘schoon te houden’ en tuchtrechtelijk op te treden. Financiële dienstverleners moeten jaarlijks honderdduizenden mogelijk verdachte transacties melden. Maar de Nederlandse politiek waande zich altijd te keurig om zichzelf zo de maat te nemen.

Dat leverde jarenlang de licht genante situatie op dat Greco, de Europese anticorruptiewaakhond, Nederland stelselmatig op de vingers tikte wegens het ontbreken van een gedragscode. Pas afgelopen jaar voerde de Kamer een zeer summiere regeling in. VVD en SGP pleitten in de debatten over de invoering daarvan voor minder strenge straffen voor Kamerleden die zich misdragen, zo onthulde De Telegraaf in september. Uiteindelijk stemden FvD, PVV, Denk en Wybren van Haga (die in het verleden zelf in opspraak kwam wegens het verzwijgen van mogelijke regelovertreding door zijn vastgoedbedrijf, rijden onder invloed en in strijd met afspraken zich toch weer bemoeien met zijn eigen bedrijf) tegen de nieuwe regels. Gidi Markuszower van de PVV zag in de regels een opzetje van de elite ‘om zijn greep op de macht te verstevigen’ en ‘andere Kamerleden weg te duwen of zwart te maken’.

Thierry Baudets Forum voor Democratie had een slecht jaar met diverse affaires. Zelf kwam de partijleider in opspraak door antisemitische uitlatingen. Beeld ANP, bewerking Rein Janssen
Thierry Baudets Forum voor Democratie had een slecht jaar met diverse affaires. Zelf kwam de partijleider in opspraak door antisemitische uitlatingen.Beeld ANP, bewerking Rein Janssen

Inmiddels is er een gedragscode, maar de regels voor de Tweede Kamer gaan nog altijd minder ver dan die voor andere politici, zoals gemeenteraadsraadsleden. Het probleem is en blijft dat de Kamer nooit een goed inhoudelijk debat heeft gevoerd over integriteit en wat nu precies wel en niet mag. Journalistieke onthullingen blijven het debat bepalen. Onderzoeksplatform Follow The Money onthulde in oktober de schimmige financiële praktijken van ex-bankier Olaf Ephraïm, die sinds 2019 penningmeester is van Forum voor Democratie. Hij verdiende zijn vermogen aan de zogenoemde CumEx-handel: frauduleuze transacties in aandelen met en zonder dividend. De Groene Amsterdammer meldde in september dat Markuszower directeur is bij een adviesclub die btw terugvordert voor bedrijven. Een andere directiefunctie gaf hij in strijd met de regels niet op in het Kamerregister.

Zembla bracht in november naar buiten dat maar liefst 21 Kamerleden een nevenfunctie niet hadden gemeld en dat 8 Kamerleden niet hadden opgegeven wat ze ermee verdienden.

CDA haalt VVD in en vervalt in Limburg in oude fouten

De VVD is, zoals gezegd, voor het eerst sinds het begin van de PII in 2013 niet meer de partij met de meeste affaires; dat is nu het CDA. Opvallend is daarnaast dat er vorig jaar geen prominente, landelijk actieve VVD’ers in opspraak kwamen. Het Bossche raadslid André Rotman bood zijn excuses aan omdat hij een pleidooi had gehouden voor ruimere openingstijden – een plan waar zijn zoon als organisator van evenementen ook voor was. Dat had de schijn van belangenverstrengeling gewekt (deze zaak speelde in januari 2020, vlak voordat corona toesloeg). Rogier van Veen, de fractievoorzitter van de VVD in Nissewaard, werd tot 150 uur taakstraf veroordeeld wegens aanranding van zijn kapster. Hij mag bovendien vijf jaar lang geen enkele functie uitoefenen binnen de VVD.

Na de grote schandalen rond VVD’ers als Jos van Rey, Ton Hooijmaijers, en Henry Keizer heeft de partij meer werk gemaakt van integriteitsbeleid. Of dat de oorzaak is voor het geringe aantal affaires en of die daling structureel is of een toevallige dip, is nog niet te zeggen. Het kan ook zijn dat de VVD na vier jaar regeren domweg alle brokkenpiloten kwijt is – iemand als Wybren van Haga, die de partij in 2019 moest verlaten, was vrijwel doorlopend in opspraak.

null Beeld

De vlag kan in elk geval nog niet uit op het partijkantoor aan de Haagse Mauritskade. Uit het onderzoek van Zembla kwam naar voren dat van de 28 politici die nevenfuncties of inkomsten niet hadden gemeld er liefst 10 van de VVD waren. Dat kan ermee te maken hebben dat VVD’ers nu eenmaal meer zakelijke belangen hebben dan politici van andere partijen. Als de partijleiding integriteit serieus neemt, zouden volgend jaar alle Kamerleden alles netjes gemeld moeten hebben.

Daarnaast heeft de partij nog steeds een groot probleem met wetsovertreders. Met de veroordeling van Rogier van Veen komt het aantal VVD’ers dat sinds 2008 met het strafrecht in aanraking is gekomen op dertig. In dat opzicht voorspelt 2021 nog niet veel goeds voor de partij. Twee weken geleden werd Ronald Laken opgepakt na het bedreigen van journalisten. Als voormalig kandidaat-raadslid in Almere valt hij weliswaar buiten de criteria van de PII (geen actieve politicus), maar het roept wel vragen op over hoe de VVD in die gemeente kandidaten selecteert. Eerder werd daar het kandidaat-raadslid Mitchell van der Koelen veroordeeld wegens het hacken en verspreiden van naaktfoto’s. Allemaal geen reclame voor een partij die hamert op law-and-order. Alles draait nu om de selectie van kandidaten. Nu de VVD een relatief net jaar achter de rug heeft, is het van groot belang voor de partij dat er niet weer een nieuwe lichting brokkenmakers instroomt.

Het CDA had met elf affaires een slecht jaar. Willemien Vreugdenhil probeerde als wethouder in Ede haar partner een baantje te bezorgen – en kon zelf vertrekken. Maar het gros van de CDA-schandalen voltrok zich in Limburg. De gemeente Horst zou de regels hebben aangepast om Raymond Knops te bevoordelen bij de aankoop van grond en het hem mogelijk te maken om een grotere boerderij te bouwen dan volgens de regels was toegestaan. Knops (tegenwoordig staatssecretaris) was ten tijde van de deal Kamerlid voor het CDA, daarvoor was hij wethouder geweest in Horst. Gedeputeerde Ger Koopmans had een eigen adviesbureau, maar maakte dat in strijd met de regels niet bekend. Hij was commissaris bij baggerbedrijf Terraq en bemoeide zich als gedeputeerde actief met plannen waarbij Terraq betrokken was. Er loopt inmiddels een enquête naar deze affaire.

Na kritiek van minister Kajsa Ollongren ontsloeg de provincie Limburg vorig jaar de ‘kluspolitici’ Maxime Verhagen en René van der Linden. Zij staan niet op de PII omdat ze geen formele politieke functie hebben, maar hun werkwijze is wel illustratief voor de cultuur in Limburg. Vooral Verhagen maakte het bont. Hij liet zich door de provincie betalen om als ‘ambassadeur’ gesprekken te voeren met industriebedrijf VDL – waar hij ook als adviseur op de loonlijst stond. NRC Handelsblad achterhaalde dat maar liefst 31 voormalige ministers, staatssecretarissen, Kamerleden, gedeputeerden, burgemeesters en wethouders klussen kregen als adviseur, lobbyist of ‘ambassadeur’. Dat kostte bijna 2 miljoen euro. Andere omstreden deals in Limburg gaan (vooralsnog) gewoon door. Begin januari werd bekend dat de gemeente Venray en het Waterschap Limburg een gronddeal onderzoeken die het waterschap sloot met de Venrayse CDA-wethouder Jan Loonen, als privépersoon. En dat terwijl hij grondzaken in portefeuille heeft. (Deze affaire telt mee in de PII over 2021.)

Met al deze affaires lijkt het erop alsof de oude tijden van de ‘Vriendenrepubliek’ in Limburg weer herleven. In 1980 werd Joep Galiart, de CDA-burgemeester van Geulle, als eerste Nederlandse politicus veroordeeld wegens fraude. Het ging destijds om omkoping door een baggerbedrijf. De jonge VVD-politicus Jos van Rey maakte carrière door zich te verzetten tegen de corrupte praktijken van het CDA – tot hij zelf in de fout ging door zaken te doen met een bevriende projectontwikkelaar. En nu verdeelt het CDA dus weer baantjes, opdrachten en grond in Limburg. Het lijkt er niet op dat de lokale CDA-politici beseffen dat daar iets mis mee is. Dat betekent dat de landelijke top van het CDA moet ingrijpen. Gebeurt dat niet, dan dreigt een nieuwe, slepende cyclus van schandalen en strafrechtelijke onderzoeken. Als de kersverse CDA-leider Wopke Hoekstra verstandig is, reist hij zo snel mogelijk af naar het zuiden.

Met dank aan Leo Huberts, Muel Kaptein en Lotte Eising.

In een eerdere versie van dit bericht stond wegens een rekenfout dat de CDA niet elf, maar tien affaires kende. En de VVD niet twee, maar drie. Verder wezen na het verschijnen van de index verschillende mensen op het feit dat de affaire rond de de declaraties van Henk Krol ontbrak. Bij het samenstellen was deze affaire in eerste instantie als te ‘licht’ beoordeeld voor opname, maar bij nader inzien voldoet de zaak wel aan onze criteria. Het gaat weliswaar om relatief kleine bedragen, maar de integriteit van Krol is wel degelijk door geloofwaardige bronnen ter discussie gesteld. Deze is daarom ook later toegevoegd.

Nevenfuncties en nieuwe gedragscode

De Groene Amsterdammer publiceerde eind september een onderzoek naar de nevenfuncties van Kamerleden. Zembla maakte in november een uitzending over de vraag in hoeverre Kamerleden zich aan de nieuwe gedragscode hielden. Dat leverde tientallen Kamerleden in overtreding op, die deels overlapten. De samenstellers van de PII hebben besloten deze twee onthullingen als twee affaires te tellen, met elk meerdere betrokkenen. De meeteenheid van de PII is het aantal affaires en niet zozeer de afzonderlijke politici. Dat levert vrijwel altijd hetzelfde resultaat (één politicus per affaire). In dit geval zijn het dus tientallen politici in twee, deels overlappende affaires. Zouden ze allemaal apart worden meegeteld, dan zou de PII dit jaar spectaculair stijgen, om volgend jaar weer te dalen. Dat zou een vertekend beeld geven. Het onderzoek van De Groene noemde vijf Kamerleden. Zembla telde 33 politici in overtreding: 21 voor het verzuimen een nevenfunctie te noemen, 8 voor het verzuimen op te geven wat ze verdienen met een nevenfunctie en 4 die vastgoedbelangen niet noemen. Van de eerste twee groepen is er één politicus die dubbel de fout inging, dus dat telt op tot 28 politici. Het niet melden van vastgoedbelangen wordt door de samenstellers van de PII, anders dan bij Zembla, niet meegeteld als een integriteitsschending. Er staat namelijk niets over in de gedragscode.

Wat is de Politieke Integriteitsindex?

De Politieke Integriteitsindex (PII) is een project van Leo Huberts (emeritus hoogleraar bestuurskunde aan de Vrije Universiteit Amsterdam), Muel Kaptein (hoogleraar bedrijfsethiek aan de RSM Erasmus Universiteit) en onderzoeksjournalist Bart de Koning. De PII brengt integriteitsschendingen door Nederlandse politici sinds 1980 in kaart. De eerste aflevering van het jaarlijkse integriteitsonderzoek verscheen in 2013 in Vrij Nederland. Vanaf dat jaar biedt de Politieke Integriteitsindex een behoorlijk compleet beeld van alle schendingen door politici in Nederland, al bestaat altijd het risico dat we een lokale kwestie missen. Dit jaar verschijnt de index voor de derde keer in de Volkskrant.

De gedachte achter de PII is niet alleen om het aantal affaires zo objectief mogelijk te meten, maar ook om er lessen uit te kunnen trekken: wat voor schendingen doen zich het meest voor, wat zijn de risicofactoren en waarop moeten politici alert zijn?

De opstellers van de PII zijn daarbij niet de morele scheidsrechter: wij bepalen niet of iets al dan niet integer is en we doen evenmin onderzoek naar nog onbekende integriteitsschendingen. De index vermeldt integriteitsaffaires waarbij het gaat om het overtreden van geldende morele waarden, normen en regels. Dat kunnen ook interne regels van een partij zijn: overspel is bijvoorbeeld binnen de SGP een ernstige zonde, bij seculiere partijen is het een privékwestie. De integriteit van de betrokkene is daarbij in het geding. De betrokken politicus moet wegens de affaire zijn afgetreden en/of gesanctioneerd, formeel via onderzoek (al dan niet strafrechtelijk) of informeel (bijvoorbeeld door excuses, erkenning van schuld, terugbetaling). Ook als een politicus de affaire heeft ‘overleefd’, kan de zaak worden genoemd in de index, maar alleen als de feiten voldoende ernstig zijn en tot vragen over iemands integriteit hebben geleid. Dit betekent dus niet dat als iemand op de PII staat, er automatisch sprake is geweest van een integriteitsschending. Het gaat om ‘integriteitsaffaires’, niet om (onomstotelijk) vastgestelde schendingen.

Verantwoording

Criteria voor opname in de Politieke Integriteitsindex 2020:

• Het gaat om gekozen (of benoemde) Nederlandse politici die een functie hebben of hadden (of daarvoor kandidaat waren) bij een gemeente, provincie, het Rijk, een Europese of internationale instelling, of met een relevante (bestuurs)functie in een politieke partij.

• Bij integriteitsaffaires gaat het om het overtreden van geldende morele waarden, normen en regels. De integriteit van de betrokkene is in het geding, wordt ter discussie gesteld, het gaat om (mogelijke) integriteitsschendingen. Andere politieke affaires, zoals budgetoverschrijdingen of verbroken verkiezingsbeloften, vallen erbuiten.

• Het gaat om een publieke affaire die ‘de pers’ heeft gehaald. Het jaar waarin de affaire publiek wordt via de media is het jaar waarin de affaire in de index terechtkomt (niet het jaar waarin de feiten zich voordeden).

• De betrokken politicus is wegens de affaire afgetreden en/of gesanctioneerd (formeel of informeel, bijvoorbeeld blijkend uit excuses, erkenning van schuld, terugbetaling). Ook als een politicus de affaire heeft ‘overleefd’, kan de zaak in de lijst worden genoemd, maar alleen als de feiten vaststaan of uit geloofwaardige bronnen komen, ze voldoende ernstig zijn en in de publiciteit tot serieuze vragen over iemands integriteit hebben geleid. Dit betekent dus niet dat als iemand op de lijst staat er automatisch sprake is van een integriteitschending, noch dat er een gedragsregel is overschreden.

• De volgende typen integriteitsschendingen worden onderscheiden: corruptie (omkoping, favoritisme); fraude of diefstal; dubieuze giften; onverenigbare functies; misbruik van bevoegdheden; misbruik van informatie; ongewenste omgangsvormen en bejegening (in functie); wanprestatie en verspilling; wangedrag in de privésfeer. Deze indeling is ontleend aan het werk van de VU-onderzoeksgroep Quality of Governance.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden