Niet slecht, zelden echt goed

Glenn Brown is een heel goede schilder, maar in de tentoonstelling van het Frans Hals Museum hangt hij niet helemaal lekker.

Conversation Piece V: Glenn Brown, Frans Hals Museum, Haarlem


T/m 19/1, franshalsmuseum.nl


Goed, een museum is geen kermis en kunstwerken zijn geen attracties. Toch moet je wat bedenken om de mensen binnen te krijgen (bekertjes mini-scroppino's à 6 euro in het Rijksmuseum in Amsterdam tijdens de laatste Museumnacht bijvoorbeeld) en een populaire manier daartoe is de collectie oude kunst op te leuken met hedendaagse stukken; een Rudi Fuchsje heet dat onder insiders. Dat lijkt makkelijker dan het is en het gaat ook best vaak mis. Wat op elkaar lijkt, heeft niet per se met elkaar te maken; echt dwingende verbanden creëren blijkt in de praktijk lastig.


Het Frans Hals Museum in Haarlem maakt onder de titel Conversation Piece al enkele jaren exposities waarin zulke verbanden vaak wél goed uit de verf komen. De nieuwste, met de Britse schilder Glenn Brown (1966), is hoogwaardig, maar niet de beste.


Dat is geen kwestie van kwaliteit. Brown is een heel goede schilder. Hij maakt geweldige portretten en stillevens, meestal naar reproducties van oude meesters als Rembrandt en Fragonard en met behulp van Photoshop. Frappant is zijn schilderstijl. Die laat zich nog het best omschrijven als expressionistische trompe-l'oeil: verf, huid, signatuur, ze lijken duimendik en spontaan à la Appel of De Kooning, maar stap dichterbij en, o wonder, ze blijken opgebouwd uit ontelbare, kringelende, dunne lijntjes.


Het maakt de doeken heel aanwezig en herkenbaar en de mensen en bloemen die erop staan tamelijk luguber. Die lijken op druipkaarsen of ontpoppende Gremlins, op die ontbindende vrouw in de badkamer in het hotel van The Shining; op iets wee, warm en vochtigs, olala. Op die bewonderde oude meesters, natuurlijk, alleen verhouden die meesters zich tot Browns werk als Frankensteins lijk tot het uiteindelijke monster. Het is dood, maar het leeft. Het leeft, maar mooi is anders.


Karel Appel, wiens impasto Brown parodieerde, noemde een schilderij geslaagd wanneer je ervoor staat en je je bek houdt. Voor Browns schilderijen sta je en hou je je bek - en meer. Je stapt naar voren en weer terug en weer naar voren. Je merkt hoe je ogen als een vlieg de verfhuid aftasten, uitglijden, houvast vinden in iets herkenbaars, even. Dat roze ding daar - is dat een rozenknop of een clitoris? Het zou vermoeiend zijn, als het niet zo goed was gedaan.


In het Frans Hals Museum hangen deze stukken, vier portretten, twee bloem-stillevens en een reusachtige voet, tussen de Van Haarlems en Van Heemskercks en andere maniëristen, en daar lijken ze op hun plek. Immers: ook toen, in de 16de eeuw, werd er gretig teruggegrepen op oude vormen; ook toen werden gecanoniseerde stijlen opgerekt tot de grens van het lachwekkende, ook toen moet men zich nu en dan ongemakkelijk hebben gevoeld bij het derivatieve karakter van de contemporaine historieschilderkunst - al die echo's van echo's, al die citaten in citaten, wat hadden ze in vredesnaam te betekenen? Er is, kortom, sprake van een verwantschap die eeuwen overbrugt en die Brown in Haarlem een natuurlijk thuis geeft. En toch hangt-ie er niet helemaal lekker.


Dat heeft alles te maken met die voornoemde combinaties. Die zijn niet slecht, maar zelden ook echt goed; ze leiden in ieder geval niet tot beter kijken of groter begrip van de getoonde waar. Een geweldig skelet van Brown (naar Van Gogh) hangt naast een vanitas stilleven, want... ze bevatten beide schedels. Browns groene vrouw met The Walking Dead-blik en blauwe puppy's is kamergenoot van Pieter de Grebbers timide Moeder met kind, want het zijn beiden voedende vrouwen. Browns plaaggeest met groene kop en gele tanden, een magnifieke variatie op Rembrandt, hangt naast Hals' portret van de brouwer Jacob Olycan, want het zijn portretten. Een reusachtige voet van Brown hangt naast een Hercules van Goltzius want, ja, waarom eigenlijk, omdat er op beide schilderijen voeten staan? Omdat ze alle twee uit verf zijn opgetrokken? Geschilderd zijn? Browns werk leeft, maar deze conversaties zijn een dooie bedoening.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden