Niet schieten

Hij won de World Press Photo 2012 met een dramatisch beeld uit Gaza, maar Paul Hansen vindt een foto niet maken soms net zo belangrijk als terugkomen met een goeie foto. Gesprek met een atypische frontfotograaf.

Het ongemak straalt van Paul Hansen af als hij langs de enorme afdruk loopt van de foto waarmee hij World Press Photo 2012 heeft gewonnen. Niet dat Hansen níét trots is op de foto van de begrafenisstoet in Gaza. Maar dat die, als een trofee bijna, pontificaal bij de ingang van de trotse redactie van Dagens Nyheter ('Nieuws van de Dag') in Stockholm hangt, dat voelt niet prettig.


De lijkjes van twee kleuters met gave gezichtjes worden door de mannelijke familieleden, vrienden en buurtgenoten door de smalle straatjes van Gaza Stad naar het graf gedragen. Halverwege de stoet, een verzameling woedende en verdrietige gezichten, is een stukje te zien van het lijk van de vader. Die stierf bij dezelfde raketaanval van - waarschijnlijk - Israël die zijn zoontje en dochtertje het leven kostte.


Het was een van de vele tragedies in Gaza, vertelde Hansen toen hij vanuit Amsterdam had gehoord dat zijn foto uit ruim 100 duizend andere was verkozen tot de beste en belangrijkste van het jaar. 'Ik hoorde een dag eerder dat bij een aanval het huis van een gezin was geraakt. De hulpverleners die ik volgde, gingen erop af. De moeder was gewond geraakt, en lag bewusteloos op de intensive care. Ze vroegen zich af hoe zij haar, als ze bij kwam, moesten vertellen dat haar huis was verwoest en haar man en kinderen dood waren. De volgende dag stuitte ik op de begrafenis.'


De gebeurtenis emotioneert Hansen nog steeds, zo blijkt tijdens het interview in een Stockholms café. Hij is niet de keiharde frontfotograaf die je misschien zou verwachten. 'Ik heb een laag gevoel van eigenwaarde', bekent hij. 'Over het afgelopen jaar vond ik alleen de winnende foto erg goed.'


'Er zijn nieuwsmomenten die te erg zijn om te fotograferen. Het niet maken van een foto is soms net zo belangrijk als een goeie foto. Een collega die na de grote brand in 1998 met meer dan zestig doden in een discotheek in Göteborg was, zei: 'Ik heb nog nooit zo veel goeie foto's niet gemaakt.' Zo'n houding bepaalt de waarde en de ethische grenzen van de journalistiek.'


Bescheidenheid en zelfrelativering hebben Hansen doen besluiten de onderscheidingen behorend bij World Press Photo komende week in Amsterdam wel op te halen, maar andere prestigieuze prijzen - in de VS en Zweden - op te laten sturen. 'Ik heb mijn vrouw een weekje Barcelona beloofd. Dat gaat voor.'


Hij vertelt bladerend door de foto's op zijn laptop. De beelden fungeren als bakens voor zijn herinneringen. Dat hij veelvuldig crisisgebieden bezoekt, maar dat het minder hectische Zweden evenzeer zijn werkterrein is. Vanochtend maakte hij nog een portret van een popzangeres, hij portretteert politici en schrijvers, is bij persconferenties en presentaties - oneerbiedig gezegd de corveedienst die een staffotograaf zonder morren wordt geacht te doen. Hansen beleeft er plezier aan, zegt hij.


Tussen de dagelijkse klussen door heeft hij alle tijd om te werken aan langetermijnprojecten. Met dat werk onderscheidt hij zich van veel collega's die als freelancer worden geleefd door de hijgerigheid van het dagelijkse nieuws. 'Een collega heeft mijn werk voor de lange termijn wel vergeleken met breien. Dat klopt. Je begint met bijna niets, maar als je geduld hebt en doorzet, soms jarenlang, ontstaat er iets bijzonders.'


Vasthoudendheid is de basis van zijn professie. Een bezoekje aan een revalidatiekliniek bracht hem in contact met mensen die een of meer ledematen missen en met een prothese moeten leren leven. Het resulteerde in aangrijpende foto's van mensen die hun mobiliteit moeten zien te herwinnen. In alledaagse beelden, van een stel dat zonder armen werd geboren en van wie de vrouw op de foto doodgemoedereerd een peuk rookt die ze tussen haar tenen geklemd houdt. En ook in vrolijke foto's.


Een jager in het bos met zijn beenprothese als een jachtgeweer op de rug. Een bejaarde man die, na het aanmeten van een beenprothese de foxtrot weer aandurft. In de danszaal worden zijn bewegingen gevolgd door een rijtje hoogbejaarde vrouwen. 'Ze bekijken hem als hongerige leeuwen', lacht Hansen. Geduld, telkens teruggaan, niet snel tevreden zijn, loont altijd. 'Ik vraag mensen vaak of ik ze een hele dag mag volgen. Dan leer je elkaar beter kennen en kan ik een eerlijker beeld geven van hoe iemands leven eruit ziet.'


Die jarenlange investering resulteerde ook in het onthullende project over harddrugs in Zweden. Met een schrijvende collega besloot Hansen het hele traject van drugs te doorlopen, van de import in Zweden tot aan de gebruikers. Van de beginnende junk tot de dood van verslaafden op leeftijd.


'Een rechercheur zei: het drugsprobleem is als vuur. Alleen aan het begin en aan het einde kun je het blussen.' En zo behandelt de reportage de lotgevallen van smokkelaars en dealers, van een jonge gebruiker die door een legertje familieleden en hulpverleners voor verder kwaad wordt behoed, tot de criminele verslaafden die afkicken op een eiland en uitgeput raken door lichamelijke inspanning. Hansen volgde de strijd van narcoticarechercheurs tegen dealers - spannende beelden van invallen in drugspanden. Hij portretteerde de drugsspeurhond Robin, snuffelend tussen de bagage op Stockholms vliegveld Arlanda.


Schokkend in hun rauwheid zijn de foto's van de zwaarverslaafden Peter en Lotte. Hansen leerde ze kennen op Sergels Torg, het centrale winkelplein in Zweden waar junks en dealers afspreken. Hij was erbij toen Peter de naald in de halsslagader van zijn vriendin duwde. Een nare foto, die de wanhoop van verslaafden voelbaar maakt. Een recentere foto toont de begrafenis van Lotte, die stierf door een overdosis. Een doorsneebegrafenis, met haar dochter en Peter bij het open graf. Het tafereel deed een collega verzuchten dat helemaal niet te zien was dat de in zijn zondagse hemd gestoken Peter een junkie was. 'Dat is wat ik beoog', zegt Hansen. 'Ik wil juist laten zien dat junks meer zijn dan alleen maar verslaafden. Dat het mensen zijn met een sociaal leven en gevoelens als ieder ander.'


Is het niet lastig voor een fotograaf afspraken te maken met verslaafden, die altijd onrustig zijn, omdat ze moeten scoren? 'Het kostte veel tijd. Ik laat de mensen die ik fotografeer altijd zien wat ik wil publiceren, ik wil niet dat ze er hinder van ondervinden. Toen we het grote drugsverhaal wilden publiceren, ben ik anderhalve week bezig geweest om Peter en Lotte op te sporen. Ze leken wel van de aardbodem verdwenen. Maar zonder hun toestemming wilde ik de beelden niet plaatsen. Als je zo'n foto wilt maken, van iemand die een shot in de hals krijgt, moet je bijna als vriend worden beschouwd. Je mag het vertrouwen nooit beschamen.'


Hansen zoekt in zijn werk diepte en nuance en dat is bijzonder in een vakgebied waar menig collega de werkelijkheid weleens wil inkleuren, politieke tegenstellingen aandikt en spanning benadrukt om de nieuwswaarde te verhogen. Met afschuw hoort hij collega's in de kogelwerende auto achter de zijne 'Where are the clashes?' roepen'


'Tijdens de Tweede Intifada, in 2000, zag ik op de redactie de foto's van de persbureaus binnenkomen. Steeds een variant op: een jonge Palestijn gooit een steen. Ik begon me af te vragen: wie zijn die jongeren, waarom doen ze dit? We moeten er naartoe, vragen aan ze stellen, mensen van ze maken in plaats van naamloze stenengooiers.'


Hij reisde naar Hebron en volgde een jonge Palestijnse stenengooier, fotografeerde hem de hele dag door. Bij een spelletje poolbiljart met vrienden, thuis met zijn moeder aan het middageten, en natuurlijk ook tijdens de rellen. Hansen laat zien hoe de wereldpolitiek bezit heeft genomen van een gewoon jongensleven. 'Maar hij zei tegen me: 'Ik hoop dat alle Israëli's eraan gaan. Op die ene man na die ik ken.' Dat zijn hoopvolle uitspraken, want blijkbaar leerde hij in te zien dat je niet een enkeling verantwoordelijk kunt houden voor wat een land doet. Gewapende conflicten zijn altijd gecompliceerd. Simpele gezichtspunten en oplossingen zijn de bouwstenen van het kwaad. Het is onze taak als journalist niet mee te gaan in eendimensionale redeneringen.'


Hansen hoedt zich voor politieke uitspraken over het Midden-Oostenconflict, maar soms kost het moeite zijn afkeer van Israëlische willekeur of cynisme van Hamas te verbergen. Hij maakte mee dat na een beschieting van een Palestijnse taxi - er vielen een dode en een zwaargewonde - de slachtoffers bij een Israëlisch roadblock niet werden doorgelaten naar het ziekenhuis. 'De verklaring was dat ze geen identiteitspapieren bij zich hadden. Israëlische soldaten zijn niet slechter dan andere hoor. Maar ze handelen bij die roadblocks vaak wel erg, laat ik zeggen... ad hoc.' Aan de andere kant zag hij hoe Hamas zelfs de dood politiseert. 'Ze willen begrafenissen van Palestijnen betalen op voorwaarde dat de overledene wordt gewikkeld in hun kleuren. Voor normale rouw is geen plaats.'


Hij erkent dat zijn bij World Press Photo bekroonde beeld uit Gaza 'een ongemakkelijk gevoel' oproept. 'Ik hoop dat dat bij iedereen gebeurt. Deze foto met de dode kinderen dient geen politiek doel. Zij tonen het falen van de politiek, van alle politici. Een Palestijnse psycholoog die ik vroeg of er veel posttraumatische stress in Gaza voorkomt, zei: laat dat 'post' maar weg. Er is hier constant traumatische stress.'


Aangrijpend is de reportage over de Bosnische man Izet en de Zweedse Anki, die in Zweden een stortvloed aan reacties opriep. Hansen kwam in contact met een Bosnische man die, begin jaren negentig, in Göteborg bij de Volvofabrieken werkte. Izet en Anki trouwden. Ze kregen drie kinderen en besloten terug te keren naar zijn voormalige woonplaats, Sarajevo. Ze bouwden er een huis, en toen kwam in 1992 de oorlog naar de stad. Sarajevo werd omsingeld door de Serviërs, het gezin, de oudste zoon uitgezonderd, kwam vast te zitten in huis.


Dag en nacht leefden ze in de kelder om te schuilen voor de sluipschutters en mortierinslagen. De Zweedse moeder werd desondanks doodgeschoten door een sniper. Izet wist uiteindelijk, net als de twee kinderen, de belegerde stad te ontvluchten en naar Zweden terug te keren.


Hansen ging in 1995, tijdens een bestandsperiode, met Izet terug naar Sarajevo. 'Hij wilde zijn huis bekijken en het graf van zijn vrouw bezoeken. Zijn oudste zoon, Kenneth, was een jaar eerder omgekomen, toen hij naar Sarajevo was gegaan om tegen de Serviërs te vechten. Ze konden hem niet tegenhouden in Zweden, hij wilde wraak nemen voor de dood van zijn moeder.'


De foto's van de reis naar Sarajevo tonen de tragedie van het gezin. De keuken waar de vrouw omkwam, vermoedelijk toen ze de koelkast 's nachts opendeed en het lichtje binnenin haar verried, is compleet aan puin geschoten: 'De frontlinie liep letterlijk door de keuken', zegt Hansen. Op een andere foto is het verfomfaaide portret te zien van de gesneuvelde Kenneth, teruggevonden tussen het puin.


En dan is er de foto van een simpele stamper, het keukengereedschap ligt tussen rommel op de vloer. Hansen raakt geëmotioneerd en valt even stil. Vervolgt dan: 'Izet herkende het ding, pakte het op en vertelde me dat zijn vrouw zulke heerlijke aardappelpuree kon maken. Hij praatte en praatte, twintig minuten lang over haar puree.'


Izet ging op zoek naar het graf van zijn vrouw. Hij kocht een bosje bloemen - voor een klein kapitaal, alles wat schaars in Sarajevo - en ging op pad. Haar graf bleek te liggen aan de andere kant van de loopgraaf die een bestandslinie markeerde. 'Onze begeleiders, bodyguards, zeiden dat hij de bloemen maar het best in de richting van het graf kon gooien. En toen heb ik deze foto gemaakt.' Hansen toont het poëtische beeld van het moment waarop Izet het boeket, als was het een handgranaat, over de loopgraaf werpt, gehaast, omdat er sluipschutters loerden. 'Het is een van mijn favoriete foto's', zegt Hansen. 'Ik heb 'm nog geschoten op film, dus ik wist pas dat hij gelukt was toen ik thuis was en de film had ontwikkeld.'


De reportage maakte enorme indruk in Zweden. 'Iedereen kon zich in dit verhaal herkennen. Een Zweedse vrouw. Aardappelpuree. De bloemen. Iedereen snapte: het gaat niet over religie, niet over politiek, maar over een familie die een moeder en een zoon verloor. Ik zoek naar sprekende details, ze helpen ons om te voorkomen dat we moe worden van van oorlogsbeelden en leed.'


Het opkomen voor de zwakkeren in de samenleving, zit in Hansens karakter. 'Mijn vader was kapper, mijn moeder werkte net in zo'n koffietentje als hier. Ze moesten hard werken en waren arm. Wij werden altijd als zwak beschouwd. Het underdogperspectief is van jongs af bij me gekweekt. Ik wil met mijn werk graag laten zien dat mensen aan de onderkant van de samenleving ook sterk zijn. Ik ben nu lid van de middenklasse, maar ik blijf de maatschappij bekijken als iemand van de werkende klasse. Je kunt iemand wel uit de goot halen, maar niet de goot uit iemand halen.'


World Press Photo, 26 april tot en met 23 juni in de Oude kerk in Amsterdam. Multimediaproducties en een overzicht van Paul Hansens foto's: volkskrant.nl


CV PAUL HANSEN (48)

1964 geboren in Partille, Zweden


1999 Poppius Hogeschool voor Journalistiek, Stockholm


1984 -1989 Fotograaf Göteborgs Tidningen


1989-1992 Freelance fotograaf en schrijver in New York


1992-2000 Fotograaf voor Expressen, Stockholm


2000- Fotograaf voor Dagens Nyheter


Een selectie van de aan Hansen toegekende prijzen

Photographer Of the Year bij Picture of the Year (VS) in 2010 and 2013


Nieuwsfoto van het jaar in Zweden, 2013


Foto van het jaar in Zweden, 2000 and 2013


Buitenlands nieuwsverhaal van het jaar, 2013


Zeven keer Zweedse fotograaf van het jaar, laatste keer in 2012

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden