'Niemand zei: wat speelt die man goed'

WILLEM KORTHALS Altes is rechter-commissaris bij de Amsterdamse Rechtbank. Jan James, de andere auteur van het verhaal dat op deze pagina is afgedrukt, was tot zijn pensionering hoogleraar aan de faculteit geneeskunde van de Universiteit van Amsterdam....

Korthals Altes (49) is amateurpianist. James (70) speelt viool. Ze spelen samen in een pianotrio. 'We hebben', zegt James, 'een paar gemeenschappelijke belangstellingen herkend in het muziekleven'.

James: 'Die curieuze geschiedenis. Je wordt aangezet, door je moeder nota bene, om een Stradivarius te stelen. En dan vlakbij de concertzaal gaan wonen om de diefstal makkelijker te maken.'

Korthals Altes: 'En nooit iemand die zei: 'Wat speelt die man plotseling goed. Zou dat door zijn viool komen?''

James: 'Ik ben altijd een beetje opstandig geweest als het ging om vioolreputaties van 'oud en Italiaans, dat is goed en de rest telt niet mee'. Ik heb altijd gedacht: experimenteer maar eens met een middelmatige violist en geef hem een ontzettend goeie viool. Nou, dat experiment heeft zich in de praktijk dus voorgedaan.'

Dat de bewonderde Stradivarius met de bijnaam Gibson gestolen was, 'lost forever', werd in 1977 opgerakeld in een artikel over 'het mysterie der gestolen violen' in het Britse tijdschrift The Strad. In de Boston Globe ontwaarde James bijna tien jaar later het bericht over een rechtszaak die aan de gang was in de Amerikaanse staat Connecticut, over de vreemde manier waarop de kostbare Gibson ruim een halve eeuw na dato kennelijk weer boven water was gekomen.

James: 'Toen ging mijn goede vriend hier naar Amerika, en ik zei: 'Ik zou zo graag willen weten wat ze daar juridisch van gebakken hebben. Kun je dat niet uitzoeken?''

Korthals Altes: 'Dat was de extra kick.'

James: 'De vraag was, kan iets dat je gestolen hebt nu bij een erfenis horen, of niet?'

Korthals Altes: 'Aan de ene kant zijn er juridisch-technische redenen waarom het wél tot de nalatenschap behoort. Maar er zijn morele redenen om dat verwerpelijk te vinden.'

James: 'Het had zich nog nooit eerder voorgedaan.'

Korthals Altes: 'Het is een typisch Amerikaanse uitspraak. In Nederland zou het niet gauw zo ver komen. Dat je via een vrij kromme redenering gedaan krijgt, dat je aanspraak mag maken op iets dat eigenlijk niet van jou is. . .'

James: En dan nog dat gekke geval dat je vindersloon durft op te eisen, terwijl je weet dat het gestolen is.

Korthals Altes: 'Ik denk dat ik als mens uiteindelijk wel met de uitspraak akkoord kan gaan.'

James: 'Bij mij thuis is ook eens een viool gestolen. Die was ongeveer 25 duizend gulden waard. De verzekering loofde vijfduizend gulden uit voor de eerlijke vinder. Die viool is ook nooit teruggekomen. Alle veilingen nagegaan: geen spoor. Het enige spoor was dat hij de dag erna op het Waterlooplein te koop werd aangeboden voor 350 gulden. Wat ongeveer de waarde van de kist was. Die handelaar vertrouwde het niet en wou de viool niet hebben. Had hij hem nou maar gekocht. . .'

Jan James schreef een boek over de bouw en de klank van strijkinstrumenten: 'De akoestiek van de instrumenten van de violenfamilie' (Broekmans & Van Poppel, 1999, ISBN 90-71939-12-X).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden