Vijf vragen Privacy

New York Times: Facebook deelde persoonlijke gegevens van gebruikers ook met Apple en Samsung

Niet alleen appmakers, ook hardwarefabrikanten kregen van Facebook vrijelijk toegang tot de persoonlijke gegevens van gebruikers. Onder die fabrikanten bevinden zich alle grote namen, waaronder Samsung, Apple en Microsoft. Vijf vragen over nieuwste hoofdstuk in het grote Facebook-boek.

Zestig producenten van telefoons en andere hardware hadden volgens The New York Times jarenlang toegang tot gegevens van Facebook-gebruikers. Beeld Reuters

Wat is er precies aan de hand?

Volgens The New York Times heeft Facebook jarenlang zeer gedetailleerde toegang tot persoonsgegevens verleend aan makers van telefoons en andere hardware. Niet alleen de gegevens van de eigenaars van een mobiel zouden op deze manier toegankelijk zijn, ook die van hun vrienden. Het zou gaan om maar liefst zestig hardwaremakers, waaronder Apple, Samsung, HTC, Blackberry, Microsoft en Amazon. Deze samenwerking zou al zo’n tien jaar geleden zijn begonnen, in een tijdperk dat apps nog lang niet zo wijdverspreid waren als nu het geval is.

We wisten toch al dat Facebook gegevens deelt?

Inderdaad is door het Cambridge Analytica-schandaal duidelijk geworden dat persoonlijke gegevens van Facebook-gebruikers niet binnen de muren van Facebook bleven. Niet alleen de data van mensen die aan een testje hadden meegedaan, kwamen zo in handen van – in dit geval – Cambridge Analytica, ook die van hun vrienden. Sindsdien heeft Facebook naar eigen zeggen ook honderden andere verdachte apps geblokkeerd. Maar dit ging allemaal om apps van derde partijen die toegang kregen tot data. Nieuw in het verhaal van The New York Times is dat Facebook zijn deuren ook wagenwijd openzette voor hardwaremakers.

Waarom deed Facebook dat?

Simpel: om op zo veel mogelijk mobiele telefoons zijn product te kunnen afzetten. ‘Het is moeilijk voor te stellen, maar destijds waren er geen appstores’, schrijft Facebook in een officiële verklaring genaamd ‘Waarom we het niet eens zijn met The New York Times’. Om dit gemis goed te maken, moest Facebook naar eigen zeggen wel nauw samenwerken met de makers van mobieltjes, om ervoor te zorgen dat Facebook beschikbaar kwam. Google en Twitter deden hetzelfde, voegt Facebook daar nog aan toe. Dit alles is volgens Facebook niet te vergelijken met de zogenoemde openbare api’s (digitale afspraken die ervoor zorgen dat programma’s met elkaar kunnen samenwerken) die gebruikt worden door externe ontwikkelaars, zoals Cambridge Analytica.

Heeft Facebook een punt?

Volgens The New York Times niet. De krant en Facebook staan lijnrecht tegenover elkaar bij de vraag in hoeverre Apple, Samsung en andere fabrikanten toegang kregen tot de gegevens van Facebook-gebruikers en hun vrienden. Volgens Facebook kon informatie van vrienden, zoals foto’s, alleen worden ingezien na uitdrukkelijke toestemming. Verder zegt Facebook nog dat het geen aanwijzingen heeft dat die informatie ooit zou zijn misbruikt. The New York Times heeft een heel ander verhaal en benadrukt dat de persoonlijke data ook zonder toestemming werden gedeeld. Als bewijs heeft de krant een oude Blackberry uit de mottenballen gehaald. Zodra de verslaggever dit toestel met zijn Facebook-account verbond, werden zijn persoonlijke gegevens (waaronder privéberichten, locatie, mobiele nummer) met de Blackberry-app gedeeld. Ook kreeg deze app (Blackberry Hub genaamd) toegang tot de naam en gebruikersnaam van iedere persoon met wie werd gecommuniceerd. ‘Het is alsof je sloten op je deuren hebt laten zetten om er vervolgens achter te komen dat de slotenmaker de sleutels aan al zijn vrienden heeft gegeven’, zo beschrijft een privacyexpert tegenover de krant de situatie.

En nu?

Facebook benadrukt dat dergelijke samenwerkingen tegenwoordig helemaal niet meer noodzakelijk zijn: iedereen downloadt immers gewoon bij Google Play of Apple’s app store de Facebook-app. ‘Dit is ook de reden dat we in april al hebben aangekondigd dat we de toegang aan het afbouwen zijn’, aldus Facebook. Afbouwen of niet, de toegang is er nog altijd, aldus The New York Times. Een voormalig Facebook-medewerker noemt het tegenover de krant ‘schokkend’ dat deze praktijk nog altijd bestaat. ‘Dit stond zes jaar geleden intern bij ons al bekend als een privacykwestie’, zo stelt Sandy Parakilas, die Facebook in 2012 verliet en sindsdien bekend staat als scherp criticus van zijn voormalig werkgever. 

Meer over het privacyschandaal rondom Facebook

- Het grote publiek wordt wakker: waarom weet Facebook zoveel over mij? Sandy Parakilas (verantwoordelijk voor de privacy) waarschuwde zijn bazen al jaren terug voor de risico’s, vér voor het Cambridge Analytica-schandaal.

- Mark Zuckerberg beantwoordt lastige vragen niet en laat parlementariërs gefrustreerd achter. Facebook-voorman Mark Zuckerberg werd in mei het vuur na aan de schenen gelegd door de Europese fractievoorzitters in het Europarlement in Brussel. De topman hoorde het een uur onbewogen aan om daarna in algemeenheden te antwoorden. En o ja, er kwamen weer excuses. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.