New York gunt maestro Louis geen rust

Met acht programma's in twee weken wordt componist Louis Andriessen ged in New York. Amerika plaatst dingen graag in een perspectief dat we in Nederland overdreven vinden....

Omdat New York weinig straatklinkers kent en veel oude, ondergrondse leidingen is het een stad waar altijd wordt geklopt en geboord. De componist haast zich langs de plek van lawaai, de vingers in de oren gestoken. We zijn in midtown Manhattan op weg naar een etablissement dat bruist van het moderne, hippe levensgevoel in de metropool. 'Surre chic, briljant ontworpen' had Vogue nog geschreven. Jammer genoeg stond er niet bij dat ze aan house-muziek doen, ook op het middaguur. De vingers gaan in de oren. 'Ik wil nu eenmaal niet luisteren naar geluid waarom ik niet heb gevraagd.'

's Avonds bezoeken we met een gezelschap muzikanten nog even een Starbuck aan Amsterdam Avenue. Het is New Yorks bekendste keten van koffieshops. Ze hebben er verse koffie, dat wil zeggen: vers gemalen koffie. Wat kunnen koffiebonen een lawaai produceren voordat ze zich in de molen gewonnen geven. De vingers maar weer naar de oren. Voor de rest heeft Louis Andriessen het wel naar zijn zin in de hoofdstad van de wereld. Voor serieuze klachten is eerlijk gezegd geen reden. Veertien dagen lang, tot en met aanstaande zaterdag organiseert het enigszins stijve, doch prestigieuze Lincoln Center een Louis Andriessen Festival. Acht programma's in twee weken, in Lincoln zelf en in aanpalende theaters. Met Andriessen is over gekomen het tableau de la troupe dat hij door de jaren om zich heen heeft gebouwd, het orkest de Volharding, het Asko Ensemble, het Schrg Ensemble, Reinbert de Leeuw, en zijn Italiaanse meiden - over wie verderop meer. Het is in de woorden van programma-directeur Jane Moss een eerbetoon van New York aan 'een fantastische componist die niet in een hokje is onder te brengen en die toch een imponerende en blijvende invloed heeft gehad op de muziek van onze tijd'.

Andriessen, die een korte, stevige man is met dun wit haar als van een Romeinse consul, zegt: 'Je ontmoet rare excentrieke vrouwen die je aanspreken en zeggen dat ze je bewonderen. Ik ga niet ontkennen dat zoiets vleiend is. Het is voor mij vooral nuttig. Ik merk dat het publiek hier weet waarover het spreekt.' Vorige week maandag was er de vertoning van de opera Rosa, verfilmd door Peter Greenaway. In de VS wordt in de aankondiging van films steevast gewaarschuwd voor de expliciete scs. Andriessen: 'Iedereen hield een beetje zijn hart vast. Er zit nogal wat gedoe in die film, met beesten en zo. Ik zei: ik houd wel een inleidinkje en dan blijf ik na voor de psychiatrische hulpverlening. Dat nu bleek helemaal niet nodig. Niks geen gezeik over seksuele obsessies. Ze vonden het een meesterlijke film - dank u wel, dank u wel.'

Hij geniet van zijn festival, voor zover dat een lichte neuroot is toegestaan. De organisatie klopt, er is elke keer veel publiek. Maar toch. Altijd is er wel iets. Voor het avondeten moet hij een half uurtje slapen. 'Ervoor zorgen dat die tuk op tijd gebeurt, blijkt vrij essentieel voor mij.' De dagen zijn gevuld met verplichtingen. Een mens holt wat af en een maestro wordt al helemaal geen rust gegund.

Amerika houdt ervan de dingen in een perspectief te plaatsen dat we in Nederland al gauw overdreven vinden. Onderschat Nederland de betekenis van Andriessen of kent Amerika de juiste maten niet? Hij omzeilt de vraag enigszins. Hij begint over Koolhaas. 'Nederlanders zijn het niet gewend dat iets heel erg goed is. Rem Koolhaas staat wel eens in de krant. Maar mensen beseffen niet wat voor groot genie die man is in de wereldarchitectuur. Hier begrijpen ze dat wel. Hier wordt Koolhaas vereerd.'

Andriessen staat voor een Europese interpretatie van het minimalisme. Het is stuwende muziek, maar niet zo streng als bij Philip Glass of Steve Reich. In Duitsland is hij een rijzende ster, in Engeland, Canada en de VS staat hij aan het firmament. Hij zegt: 'In die landen is in de jaren tachtig een generatie musici opgekomen die mij hoog heeft zitten.'

Waarom dat in Engeland het geval is, kan hij niet uitleggen. Van de Amerikanen begrijpt hij het wel. Het is hderne muziek die hij schrijft. Het gaat over jazz en over John Cage. Maar altijd in een vorm die verwijst naar de tradities van het oude continent. 'Ze krijgen een koekje van eigen deeg', zegt hij, 'op een bepaalde manier smakelijker gemaakt.' Zaterdagavond ontmoette hij Terry Riley, die in 1964 In C schreef, de klassieker van het minimalisme. Het is een grote bijzonderheid dat Riley zich laat zien in New York. De man heeft zich teruggetrokken in de bossen van Californiaar de dagen voorbijgaan met hasj en muziek. Een beminnelijke hippie van 70 jaar, een grijze sik die op ingenieuze wijze uitloopt in een vlecht. Hij zegt het leuk te vinden na jaren Andriessen weer eens te zien. 'Louis is the best', zegt hij beleefd.

Dat Louis wereldberoemd is geworden dankt hij aan zijn vader, de componist Hendrik Andriessen. Die leerde hem dat het beste niet goed genoeg is. 'En in tegenstelling tot veel andere mensen ben ik gezegend met een heel intelligente, artistieke, smaakvolle en strenge vrouw. Jeanette heeft een buitengewoon scherp oordeel, vooral over wat je wel en niet moet doen als componist.' Welnu? Het antwoord komt neer op wat hem thuis al werd voorgehouden: wees fundamenteel ontevreden over wat je maakt; kunst is gebouwd op onrust en onvrede.

Hij beschouwt zichzelf nog altijd als anarchist.'Het is mijn artistieke opdracht', zegt hij. Ofschoon: 'Nu ik er over nadenk is het, geloof ik, mijn eerste en enige opdracht de goede noten op te schrijven.' Hij mag graag iets polemisch beweren, vooral als daarop een ironische relativering kan volgen.

In de jaren zeventig had zijn onvrede een praktisch-ideologische inslag. Hij liep in de Notenkraker-beweging storm tegen het negentiende eeuwse repertoire en tegen het klassieke symfonie-orkest dat de zoetsappigheid uitvoerde.Het was 'slechts van belang voor de kapitalisten en de platenmaatschappijen'. Louis Andriessen: 'Uit het verzet is een andere muziekcultuur voortgekomen in Nederland, de cultuur van de ensembles. Voordien had je in het hele land strijkkwartet en blaaskwartet. De rest bestond uit grote orkesten. Inmiddels zijn enorm veel bandjes ontstaan die allerlei crossing border-repertoire brengen. Ik geloof niet dat Nederland het zich realiseert, maar het is wereldnieuws.'

Hij zegt: 'Als ik met mijn vader naar een klassiek concert ging, naar Schumann, Bruch, zat ik me dood te vervelen' Hij beloofde zichzelf dat hij grenzen zou verleggen, genres bij elkaar zou brengen. Zaterdagavond gaat als sluitstuk van zijn festival La Passione in Lincoln Center. Het is een stuk dat hij twee jaar geleden schreef voor zijn nieuw ontdekte, Italiaanse meiden, de zangeres Cristina Zavalloni en de violiste Monica Germino. Ze zijn beiden begin dertig, hij is min of meer per toeval tegen hen aangelopen en ze vertegenwoordigen in nagenoeg perfecte gedaante wat hij wil met zijn muziek: stijlen bij elkaar brengen, de donkerte van een stem en een viool met elkaar confronteren, het openbreken van grenzen. Hij zegt: 'Zoiets exotisch als een zangstem en een viool bij elkaar brengen is een grote stap voorwaarts. Daar ben ik trots op. Heb ik toch nog voor elkaar gekregen.' Volgende maand wordt hij 65. Hij zegt: 'Nu al hoor ik links en rechts van jonge componisten die een of andere rare griet downtown bellen en tegen haar zeggen: samen gaan we iets bijzonders doen. Steve Reich is wereldberoemd geworden doordat hij een paar vrienden belde en zei: we gaan een beetje met slagwerk aan de gang. Kleinschalig, informeel. Daar komt de mooiste kunst uit voort.' Maandagavond doen de zangeres en de violiste een klein concert in het Italiaanse culturele instituut aan Park Avenue in New York. Cristina Zavalloni steelt de show. Door niet een diva te zijn, maar een popster. Met ontblote navel, dansend en zingend op muziek van Luciano Berio en Louis Andriessen, voor een licht maffiose zaal-op-leeftijd. Het is een betoverend gezicht.

Cristina Zavalloni over Andriessen: 'Hij opende deuren voor me. Wat ik deed, werd in Italidioot gevonden. Ik wilde geen popartiest zijn en ik was geen klassieke operazangeres. Toen ontmoette ik hem. Als hij zegt: ik heb een verbazingwekkende soliste gehoord, wordt er geluisterd. Hij is een instituut.' Monica Germino is een Amerikaanse van Italiaanse oorsprong die nu tien jaar in Nederland woont. Na afloop van het concert aan Park Avenue bedankt de violiste haar componist in drie talen: 'Maestro, gracia for the mooie noten.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden