New kid on the blog

Is de jonge schrijver Tao Lin ( 30 ) werkelijk de voorman van een nieuwe generatie, of is hij een overschat verschijnsel dat te veel drugs gebruikt? Ter gelegenheid van zijn nieuwste boek Taipei was hij even in Nederland. V sprak hem.

'Tao Lin is de belangrijkste stem van zijn generatie', aldus Bret Easton Ellis op de cover van zowel de Engelse als de zojuist verschenen Nederlandse editie van Taipei. Leuke opsteker, maar het is slechts de helft van het twitterbericht dat Ellis op 4 maart 2013 wijdde aan de doorbraakroman van zijn jongere collega. Het tweede deel van zijn zin luidde: 'Wat niet betekent dat Taipei geen saaie roman is.'


Ellis' commentaar is de kortste samenvatting van de uitgesproken gemengde reacties die Tao Lin (30) en zijn werk de afgelopen jaren ten deel zijn gevallen. Schrijver Frederick Barthelme noemde Lin - in 1983 in Orlando geboren uit Taiwanese ouders - 'een 21ste-eeuwse avonturier' en Taipei 'een fascinerend boek'. The New York Times sprak van 'een serieuze, eersteklas romanschrijver die al zijn vaardigheden in de strijd werpt'. Schrijver en filosoof Clancy Martin noemde hem al in 2010 'de Kafka van de iPhone-generatie' en 'vermoedelijk de belangrijkste schrijver onder de 30 van dit moment'.


Andere critici vroegen zich tijdens het lezen af of ze de nacht tevoren wellicht een lobotomie hadden ondergaan, typeerden Lins stijl als Asperger's Realism of legden het na vijftig pagina's terzijde: 'Ik snapte het niet. Het leek te veel op mijn eigen leven. Ik was niet geïnteresseerd.'


Het autobiografisch geïnspireerde Taipei beschrijft een aantal maanden uit het leven van de 26-jarige schrijver Paul en zijn vriendin Erin, die hun dagen (en nachten) vooral doorbrengen met het bezoeken van feestjes, het maken van filmopnamen met hun MacBooks, het lezen en bijhouden van blogs, bezoekjes aan Pauls ouders in Taipei en de afwisselende consumptie van producten als methadon, oxycodone, cocaïne, heroïne, lsd, MDMA, codeïne, psilocybine-paddo's, Xanax, Klonopin, Percocet en Adderall.


Lin beschrijft Pauls handelingen en gedachten tot in de kleinste details en uit die beschrijvingen komt een personage naar voren dat afwisselend angstig, onverschillig, verlegen, zelfbewust, landerig, introvert en spitsvondig is, mede afhankelijk van welke drug zich op dat moment in zijn bloedbaan bevindt.


Wat je ook van Taipei vindt: het boek maakt onmiskenbaar nieuwsgierig naar de auteur. Wie is deze Tao Lin, die op sommige internetfilmpjes bijna een autist lijkt, volgens zijn uitgever vanwege zijn drugsgebruik lang niet altijd aanspreekbaar is en door collega's van het blog Gawker werd omschreven als 'mogelijk de allerirritantste persoon met wie we ooit te maken hebben gehad'?


Onlangs was Lin enkele dagen in Nederland, voor optredens bij de Das Mag leesclub in Amsterdam en het City2Cities-festival in Utrecht. Bij het eerste evenement baarde hij opzien door de begeleider van zijn uitgeverij van zich af te schudden om bij iemand achterop de fiets naar een coffeeshop te ontkomen. In Utrecht las hij - geheel in stijl - een romanfragment voor vanaf zijn iPhone, maar was er geen moment sprake van contact met het publiek.


Tijdens ons gesprek, enkele uren voor dat optreden, betoont Lin zich communicatiever, maar een gemakkelijke prater is hij niet. Hij oogt verlegen, lijkt niet altijd even helder, denkt lang na over zijn antwoorden - als hij die al geeft - en maakt de indruk er bij voorbaat van uit te gaan dat zijn woorden toch wel zullen worden verdraaid. Dat gebeurt in de Verenigde Staten immers voortdurend.


Lin: 'Overal op internet, en zelfs op het achterplat van Taipei, kun je lezen dat ik de oprichter ben van het literaire bloggersforum Alt Lit. Maar dat is niet zo. Mijn eerste boek kwam uit in 2006. In 2009 begon iemand een blog met de naam AltLit Gossip, waarin over mij en enkele andere jonge auteurs werd geschreven. Naderhand heb ik zelf ook wel op dat blog gepubliceerd, maar ik ben dus niet de oprichter en eigenlijk niet zo geïnteresseerd in die andere bloggers.'


Een ander misverstand betreft zijn literaire voorbeelden. In recensies wordt hoofdpersoon Paul herhaaldelijk vergeleken met Jake Barnes uit The Sun Also Rises. Maar Lin voelt geen enkele verwantschap met Ernest Hemingway. 'De media noemen ook altijd Bret Easton Ellis en Douglas Coupland als invloeden. Van Coupland heb ik misschien één bladzijde gelezen. Ellis vind ik goed, maar hij heeft me niet beïnvloed. Mijn literaire wortels liggen eerder bij de auteurs die in Amerika bekend staan als K-Mart Realists of Dirty Realists, zoals Raymond Carver, Ann Beattie, Frederick Barthelme en Tobias Wolff. Zij richten zich in hun werk op het individu, ze vermijden sociologische statements, grote onderwerpen als oorlog en moord, maar concentreren zich op het alledaagse, niet-nieuwswaardige leven van doodgewone mensen. En er zit humor in hun boeken.'


Lins auteurschap begon met het schrijven van songteksten op de middelbare school. Toen hij vervolgens op de universiteit een schrijfopleiding volgde, had hij eindelijk een idee wat hij na zijn studie in vredesnaam zou kunnen gaan doen.


'Ik publiceerde dunne boekjes bij kleine uitgeverijen, waarmee uiteraard geen droog brood te verdienen was. Dus verdiende ik wat bij door in restaurants te werken en dure oplaadbare batterijen te stelen en die op eBay te koop aan te bieden. Ik heb het geluk dat mijn ouders mijn appartement in Manhattan bezitten, zodat ik geen huur hoef te betalen. Zij zijn een jaar of vijf geleden teruggekeerd naar Taiwan en hebben geloof ik vrij veel geld. Mijn vader heeft een bedrijf op het gebied van medische lasertechnologie.'


In 2008 richtte hij zijn eigen uitgeverijtje op: Muumuu House. 'Ik kende een aantal interessante jonge auteurs en vond hun werk inspirerend. Dus leek het me een aardig idee hun werk uit te geven. Maar een boek laten drukken kost geld en de verkoop levert meestal weinig op. Tot dusver is het bij drie dichtbundels gebleven. Daarnaast is er de website muumuuhouse.com, waarop ik gedichten en verhalen van andere auteurs publiceer.'


Taipei is zijn derde roman, na: Eeeee Eee Eeee (2007) en Richard Yates (2010). Voor dit laatste boek - dat de titel ten spijt nauwelijks met de auteur van Revolutionary Road te maken heeft - organiseerde hij een crowdfundingproject.


'Ik bood op mijn website zes aandelen aan, voor 2.000 dollar per stuk. Die aandelen gaven de kopers elk recht op 10 procent van de Amerikaanse royalty's van mijn boek. Omdat The New York Times daar aandacht aan schonk, werden ze alle zes verkocht.'


Voor Taipei benaderde hij een agent, die een voorschot van 50 duizend dollar wist te bedingen.


In Taipei lezen we hoe Paul en zijn vriendin Erin voortdurend met behulp van hun MacBooks aan het filmen zijn. Ze laten elkaar vragen beantwoorden nadat ze drugs hebben gebruikt, de andere keer nadat ze dat juist niet hebben gedaan. Ze filmen een bezoek aan McDonald's, aan Las Vegas, enzovoort. Wie op internet zoekt naar 'MDMAfilms', ontdekt dat de roman verwijst naar werkelijk bestaande films, gemaakt door Lin en zijn echtgenote Megan Boyle. Het zijn urenlange, schijnbaar ongemonteerde reality films. 'Aan het begin van onze eerste film nemen we allebei MDMA. Ik denk dat we ons filmbedrijfje daarom zo hebben genoemd.'


Een van de films die het tweetal maakte, ging over de 16-jarige modeblogster Bebe Zeva uit Las Vegas. Het leverde Zeva kort daarna een fraai artikel op in The New York Times. In de film doet Zeva de uitspraak: 'Het leven is somber. Je kunt óf zelfmoord plegen óf je bestaan schenken aan de sociale media.'


In feite is dat ook wat Paul en Erin doen in Taipei en wat Lin en Boyle deden voor MDMAfilms. Sommige commentatoren op internet meenden dat Lin en Boyle hun leven zin gaven door delen ervan op internet te zetten en dat het eindresultaat een nieuwe kunstvorm was. Lin zelf is er nuchterder over. 'Die films waren iets waar Megan en ik op dat moment zin in hadden. Inmiddels ben ik er niet meer zo in geïnteresseerd. Het was een project waarmee Megan en ik elkaar beter wilden leren kennen. We waren verliefd. Toen we in Las Vegas waren om Bebe te filmen, kwamen we ineens op het idee te trouwen. Inmiddels zijn we alweer twee, drie jaar uit elkaar. Nog wel getrouwd, want scheiden kost veel geld.


'Wat die uitspraak van Bebe betreft: die verraste me, uit de mond van een 16-jarige. Het klonk bijna als een religieuze bezwering, maar ik vond hem toch vooral grappig. Ik denk ook niet dat ze het serieus bedoelde.'


Een van de 'schrijverstics' waaraan Lins critici zich ergeren, is zijn gewoonte zelfs van het meest terloopse personage de leeftijd te vermelden. Ook is hij zeer specifiek wanneer hij vermeldt welke drugs er in welke hoeveelheden worden geconsumeerd.


'Als ik een boek lees, wil ik altijd weten hoe oud de personages precies zijn. Ik vind het ergerniswekkend als de auteur dat niet vertelt. Ook een zin als 'een aantal dagen later' vind ik niet acceptabel. Ik wil weten hoeveel dagen. En wat de drugs betreft: ik vind het volkomen ongeloofwaardig wanneer iemand schrijft: hij nam een handvol pillen. Wat wil hij daarmee zeggen? Dat zijn personage maar wat aan rotzooit? Ik ben mij altijd zeer bewust van de exacte hoeveelheid drugs die ik gebruik, omdat ik weet wat de effecten van die hoeveelheid zijn. Als ik iets nieuws gebruik, wil ik voor de volgende keer weten wat de juiste hoeveelheid is.'


In Taipei gebruikt Paul vooral drugs om zijn verlegenheid en angsten te bestrijden. Voor Tao Lin zelf geldt iets dergelijks. 'Ik gebruik drugs om mij beter te voelen, mijzelf te motiveren, mijn productiviteit te verhogen en bij interviews om opener en communicatiever te zijn. Mijn drugsgebruik kost me niet meer dan 215 dollar per maand, want het meeste spul dat ik gebruik, is legaal op recept verkrijgbaar. Veel studenten in Amerika veinzen bepaalde klachten om drugs voorgeschreven te krijgen die ze vervolgens kunnen verkopen. Bij hen koop ik in. De laatste tijd gebruik ik overigens minder. Ik heb mij altijd gerealiseerd dat je er niet je hele leven mee kunt doorgaan. Ik beperk me momenteel vooral tot marihuana. Daar gebruik ik dan wel weer vrij veel van.'


Tao Lin: Taipei . Vertaald uit het Engels door Edzard Krol. Podium, 19.50 euro.

Computers en eenzaamheid

Computers en internet spelen een belangrijke rol in Taipei, zowel op plotniveau als in het taalgebruik. Wanneer Paul wakker wordt, voelt het 'alsof hij een zip-bestand opent', herinneringen komen hem voor als GIF's, een spookachtig gebouw in de verte is 'smal en zwart, als een cursor op het scherm van een vastgelopen computer' en mensen zelf noemt hij 'krachtige computers met twee computerschermen & gratis/snelle/betrouwbare toegang tot het eigen internet'. De gedachte dat het hele universum op een dag één grote computer zal zijn - een ontwikkeling die Paul onvermijdelijk lijkt - is een troost, want als onderdeel van een computer zal hij niet langer eenzaam zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden