Neutraliteit deskundige jihad-proces betwist

Vier leiders telde de groep jihadistische activisten, die vorig jaar augustus door de politie werden opgepakt. Zij waren degenen die grote lijnen uitzetten, acties voorbereidden, ideologische discussies initieerden.

Advocaten, familieleden en sympathisanten van de verdachten uit Den Haag wachten bij rechtszaal in Amsterdam-Osdorp, bekend als de bunker, om te worden binnengelaten voor het jihadproces. De Haagse rechtbank is voor de veiligheid uitgeweken naar Osdorp. Foto Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

Cultureel antropoloog Martijn de Koning spreekt van een 'inner circle'. Azzedine C. (33), alias Abou Moussa, Rudolph H. (25), alias Abou Shuayb, Oussama C. (19), alias Abou Yazeed, en Soufiane Z. (27), de Fighting Journalist, waren de gangmakers.

Dit viertal, maar ook andere terreurverdachten die dicht tegen de kern aanleunden, deelde dezelfde ideologie. Ze steunden de terreurbewegingen Al Qaida, Islamitische Staat en Jabhat al-Nusra.

'Vanaf het begin was het helder. De militaire jihad en de strijd in Syrië hadden hun goedkeuring', vertelde De Koning gisteren op de eerste dag van het grote jihadproces in Amsterdam.

Beroepsethiek

De antropoloog was opgeroepen als getuige-deskundige én getuige. In het kader van zijn onderzoek naar islamitisch activisme in de Haagse Schilderswijk zat hij radicale jongeren dicht op de huid. Hij sprak met ze, volgde ze op sociale media, was getuige van (de voorbereiding) van acties.

De rechter waarschuwde De Koning dat hij als getuige geen verschoningsrecht heeft. Dat was soms lastig voor de antropoloog. Zo vroeg de rechter hem de namen te onthullen van de toptien van de lijst door hem geanonimiseerde figuren. Hij weigerde.

Dat druist in tegen de beroepsethiek, aldus De Koning die het dilemma met vakbroeders had besproken. Veldwerkers krijgen toegang tot bepaalde kringen door anonimiteit te garanderen. Bovendien: 'Openbaring van namen lijkt me geen noodzaak.' 'Daar gaan wij over', riposteerde de rechter.

(Tekst gaat verder onder foto).

IS-sympathisanten houden de vlag van IS omhoog. Foto anp

Het dilemma opende de discussie over de onpartijdigheid van De Koning, die door alle advocaten als getuige-deskundige was gevraagd. Het OM twijfelt aan zijn neutraliteit. Hij zou te dicht op de huid van de verdachten hebben gezeten, om daar met de nodige afstand over te kunnen oordelen.

Het OM heeft een eigen getuige-deskundige opgeroepen, de arabist Ruud Peters. Die was dat ook in het Hofstadproces.

De verdediging heeft De Koning gevraagd, in de verwachting dat de antropoloog het opruiend karakter van het jihadistisch actiewerk zou kunnen ontkrachten. Hun cliënten worden ondermeer verdacht van opruiing, ronselen voor de gewelddadige jihad en deelname aan een terroristische organisatie.

Aan het Stockholmsyndroom zou hij niet lijden. Maar misschien wel aan het 'sympathiesyndroom'?, vroeg de rechter. De Koning zei zeker sympathie te hebben gekregen voor de personen, 'maar niet voor hun denkbeelden'. Hij had een vertrouwensband met hen. Alles wat ze hem vertelden, verifieerde hij, en dat bleek altijd te kloppen. Maar er bleef ook veel voor hem verborgen, zei De Koning.

Als personen afreisden naar Syrië, kreeg hij dat pas te horen nadat ze het front hadden bereikt. Over de arrestatie van Azzedine C. en Soufiane Z. in 2013 in Griekenland vlakbij de Turkse grens, werd hij pas een jaar later ingelicht.

De Koning beperkte zich niet tot observeren. Hij speelde ook een rol bij het verspreiden van sommige berichten. 'Nieuws heb ik nooit als eerste naar buiten gebracht', zei hij. Re-tweets verstuurde hij wel. En via zijn blog deed hij verslag van hun 'spektakelactivisme'.

Bijvoorbeeld over de 'slag bij Hondius'. Dat slaat op een voetbalwedstrijd op een pleintje in Den Haag, waar met IS-vlaggen werd gezwaaid en de politie hard had ingegrepen.

Islamitische Staat

Lees hier alle artikelen van de Volkskrant over de Islamitische Staat.

Mediagenieke acties

De jongens bedachten mediagenieke acties, waarvan verzekerd was dat daar een heftige tegenreactie op zou volgen. Dan konden ze zeggen: waarom mogen moslims geen partijtje voetbal spelen? Dergelijke acties, aldus De Koning, waren bedoeld om aan te tonen dat in het islamofobe Nederland voortdurend met twee maten wordt gemeten.

Hulp bood de antropoloog zijn studieobjecten ook geregeld. Rudolph H. hielp hij bij zijn scriptie. Hij adviseerde de inner circle verder bij een power- pointpresentatie van hun Grote Dawa Project (verspreiden van de islam). Ze wilden hun dawa-activiteiten verder uitbreiden, les gaan geven, op ziekenbezoek, meervoudige mediakanalen opzetten. 'Te ambitieus', oordeelde De Koning.

Zijn getuigenverhoor wordt vandaag vervolgd. Het is de beurt aan de advocaten. Die hopen dat de antropoloog kan aantonen dat 'spektakelactivisme' iets anders is dan opruien en ronselen.