'Net als in Vietnam, toen burgers ineens bommen gooiden'

Een stadsoorlog in Bagdad zal een zware test zijn voor de houdbaarheid van de Geneefse conventies. De Iraakse leiders zullen oorlogsmisdrijven plegen als zij het onderscheid tussen burgers en militairen verdoezelen....

Van onze verslaggever Rob Vreeken

Maar komt het er op dit moment al op aan? De Geneefse conventies zullen pas echt op de proef worden gesteld wanneer de strijd zich, onder het oog van de camera's, verplaatst naar de straten van Bagdad, waar de Iraakse troepen zich tussen de burgers zullen verschansen.

Collateral damage, slachtoffers onder de burgerbevolking, zal onvermijdelijk zijn, zegt Robert Goldman van de Washington School of Law, en het zal 'gruwelijk' zijn, Saddam Hussein kennende. Goldman verwacht 'grootschalige, uitzonderlijke' schendingen van de conventies van Genève, doordat de Irakezen het onderscheid tussen burgers en militairen verdoezelen. 'Zoals in Vietnam, waar een zogenaamde burger een bom kon gooien zodra je hem je rug toekeerde.'

Claude Bruderlein, directeur van het instituut voor internationaal humanitair recht aan Harvard, wijst op de Amerikaanse invasie van Panama-Stad in 1989, toen er dertien burgerslachtoffers waren voor elke dode Amerikaanse militair. Panama-Stad telt 440 inwoners per vierkante kilometer, en Bagdad liefst 2800. 'Dus met dezelfde wijze van vechten zal het aantal burgerslachtoffers naar verhouding veel hoger zijn. Het wordt catastrofaal.'

Betekent dat hoe dan ook dat de Geneefse conventies worden geschonden? En zo ja, wie is daarvoor verantwoordelijk? Over die tweede vraag heeft Goldman geen twijfel: Saddam Hussein. De Iraakse dictator wil de Amerikaanse troepen de stad in lokken, zodat er veel lijkenzakken gevuld worden. Bovendien worden zij dan geprovoceerd tot het voeren van een soort oorlog met veel burgerslachtoffers. Voor de wereld staan de VS dan te kijk als schenders van de Geneefse conventies.

Ten onrechte, meent Goldman. 'Of er collateral damage is, hangt grotendeels af van de partij die het gezag heeft over de burgerbevolking. Die partij moet zorgen dat er onderscheid wordt gemaakt tussen burgers en militairen.'

Ted van Baarda, volkenrechtskundige bij de Defensie Leergangen, bevestigt dat de grootste verantwoordelijkheid bij de Iraakse leiders ligt, en eveneens meent hij dat zij er welbewust uit zijn op burgerdoden. 'Zodat ze valselijk kunnen claimen dat Amerika oorlogsmisdrijven pleegt. Het is Saddam die die dan pleegt.' Anderzijds, benadrukt hij: het feit dat een partij de conventies schendt, kan nooit een excuus zijn voor de andere partij om het oorlogsrecht ook maar aan zijn laars te lappen.

Maar is de stadsoorlog louter een Iraakse provocatie? Bruderlein twijfelt. Hij meent dat de Irakezen gezien de overmacht van hun tegenstander geen andere rationale keus (naast overgave) hebben dan zich terug te trekken in Bagdad. 'Zodra ze buiten de stad komen, zijn ze schietschijf.' En in de stad zijn burgers en soldaten nu eenmaal niet geheel van elkaar te scheiden. 'Er is minder kwade opzet in het spel dan het veelal wordt voorgesteld.'

Hij stoort zich aan het gemak waarmee wordt gesteld dat er 'nu eenmaal' burgers zullen sterven, en dat dat - mits proportioneel - past binnen de conventies van Genève. Temeer omdat ook de burgers geen fysieke mogelijkheid hebben om de stad te ontvluchten: buiten is slechts woestijn. Volgens Bruderlein is de aanvallende partij verplicht eerst kampen buiten de stad in te richten, zodat de mensen weg kunnen.

Het woord 'proportioneel' is - naast onderscheid - de tweede crux. Welke risico's voor de burgerbevolking mogen Amerikanen en Britten nemen om hun doel te bereiken? Zo weinig mogelijk, menen alle deskundigen, maar dat is nauwelijks meer dan het herhalen van de vraag. Horst Fischer, bekleder van de Rode Kruis-leerstoel in Leiden, meent dat het ook hier gaat om onderscheid maken: alleen objecten die een rol spelen in de oorlogvoering mogen worden aangevallen. 'Dus een kantoor van de Ba'ath-partij mag geen doelwit zijn, tenzij het militair wordt gebruikt.'

Het feit dat het doel van de coalitie het verdrijven van het regime is, baart hem daarom zorgen: op die manier kan elk regeringsgebouw tot potentieel oorlogsobject worden. Fischer pleit juist voor een zeer strikte interpretatie van de Geneefse regels, te meer omdat het besluit om de oorlog te beginnen werd genomen op juridisch wankele gronden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden