Column

Nergens ter wereld zeuren mensen zoveel dat ze minder willen werken

De dag na de Amerikaanse presidentsverkiezingen concludeerde de van oorsprong Canadese comédienne Samantha Bee in haar late night show dat ze het boze oog had. Bee speelde een keer mee in de televisieserie Law & Order en pardoes werd de serie na twintig seizoenen stopgezet. Vorig jaar gaf ze een interview aan Playboy en de dag erna kondigde het blootblad aan voortaan geen foto's van blote vrouwen meer te zullen publiceren. En vorige maand stemde Bee voor het eerst in de Amerikaanse verkiezingen en prompt kwam Donald Trump als overwinnaar uit de bus.

Chinese soldaten bij de herdenking van het bloedbad van Nanjing. Beeld reuters

Mij bekruipt hetzelfde gevoel. Tien jaar geleden publiceerde NRC Handelsblad mijn schotschrift tegen het deeltijdfeminisme, dat wil zeggen het fenomeen dat hoogopgeleide vrouwen in kleine deeltijdbanen werken en zodoende nooit de top bereiken.

Wie de OESO-statistieken erop naslaat, ziet dat Nederland altijd al koploper deeltijdwerk is geweest. In 2000 werkte in Nederland al één op de drie werknemers in deeltijd. In Ierland en Tsjechië, die de tweede plaats delen, was dat één op de vier werknemers. Gemiddeld werkt in de OESO-landen één op de zes werknemers in deeltijd en in de Verenigde Staten werkt één op de acht werknemers deeltijd.

Sinds de publicatie van mijn schotschrift is het aandeel van deeltijdwerkers in Nederland echter alleen maar verder toegenomen. Inmiddels werken bijna vier op de tien werkenden in Nederland in deeltijd. Die stijging is het gevolg van een toename van het aantal mannen dat in deeltijd werkt en is vanuit emancipatoir oogpunt toe te juichen. Maar ondanks het feit dat Nederland internationaal een absolute toppositie inneemt als het gaat om deeltijdwerk, valt het me op dat nergens ter wereld mensen zoveel zeuren dat ze nog minder willen werken.

De hang naar alsmaar minder werken zal wel verklaren waarom ook Nederland in de greep is van het nationaal-marxisme, zoals Arnon Grunberg het treffend aanduidde. Linkse intellectuelen dwepen met het marxisme. Afgelopen zomer verzuchtte een filosofe dat niemand gedwongen zou moeten worden zijn of haar lichaam instrumenteel in te zetten. Niet alleen klonk het weinig overtuigend uit de mond van iemand die kort daarvoor had gezegd wel als prostituee aan de slag te willen, ook lijken deze verlichte marxisten te vergeten welke schade de ideologie heeft aangericht in de voormalige communistische landen.

In China kostte de hongersnood als gevolg van De Grote Sprong Voorwaarts van Mao Zedong in de jaren zestig naar schatting tussen de twintig en veertig miljoen mensen het leven. Pas toen onder leiding van Deng Xiaoping eind jaren zeventig de grote landbouwhervorming werd doorgevoerd en Chinezen het stukje land dat ze toebedeeld hadden gekregen voor eigen gewin mochten bewerken, werd de voedselproductie toereikend.

Sterker nog, binnen enkele jaren hadden de Chinezen hun chronische ondervoeding overwonnen en hadden ze zoveel energie gekregen dat ze naast het werk op het land ook handel gingen drijven. Binnen een mum van tijd ontstonden er levendige markten waar niet alleen allerhande voedsel, maar ook sigaretten en Coca-Cola werden verkocht.

Werk is essentieel, niet alleen omdat het mensen een inkomen verschaft maar ook omdat het bijdraagt aan de fysieke en mentale gezondheid. Werk zorgt voor sociale contacten, voldoening, erkenning en zelfontplooiing. Sinds men zich niet langer verzekerd weet van werk, is het sterftecijfer onder de witte arbeidersklasse in de Verenigde Staten, zeg maar de vaste kern van Trump-supporters, schrikbarend gestegen. De stijging is het gevolg van een epidemie van drugs, alcohol en zelfmoorden. Het effect is inmiddels zo groot dat in 2015 de levensverwachting van de gemiddelde Amerikaan is gedaald in plaats van gestegen.

Arnon Grunberg vroeg me of ik dacht dat Donald Trump ook gewonnen zou hebben als Amerika een beter stelsel van sociale zekerheid zou hebben gehad. Ik denk het wel. Uitkeringen leiden er immers toe dat mensen in dezelfde perspectiefloze situaties belanden als de witte arbeidersklasse in Amerika.

Hoewel het evident is dat mensen baat hebben bij werk, toont de recente Chinese geschiedenis aan dat mensen prikkels nodig hebben om te werken. Het antwoord op de crisis in het kapitalisme is dus niet een verlicht marxisme, maar een herverdeling van kapitaal naar arbeid op een manier die activeert en menselijk kapitaal stimuleert.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden