Nederlandse Staat aansprakelijk voor dood 350 Moslimmannen in Srebrenica

Bijna 22 jaar na de massamoord is daar het salomonsoordeel. Ja, de Nederlandse Staat is deels aansprakelijk voor de dood van 350 Moslimmannen, die op 13 juli 1995 tijdens de oorlog in voormalig Joegoslavië zijn afgevoerd uit de enclave Srebrenica, oordeelt het gerechtshof van Den Haag dinsdag.

De Moeders van Srebrenica arriveren bij het Gerechtshof voor de uitspraak in de hoger beroepszaak van hen tegen de Nederlandse Staat. Beeld anp

Nederlandse Dutchbat-militairen werkten 'onrechtmatig' mee aan de 'evacuatie' van deze mannen, waarna zij vermoord zijn door Bosnische Serviërs. De Staat moet daarom deels de schade vergoeden die nabestaanden hebben geleden.

Toch meent het hof dat niet alle schuld bij de Nederlandse militairen ligt, omdat deze Moslimmannen 'ook zonder het handelen van Dutchbat in handen van de Bosnische Serviërs zouden zijn gevallen'. Bovendien zijn het uiteindelijk 'de Bosnische Serviërs die de mannen hebben vermoord en niet de Nederlanders', aldus de rechtbankvoorzitter. Dat is ook wat het ministerie van Defensie steeds benadrukt.

Het hof bevestigt hiermee grotendeels de eerdere uitspraak van de Haagse rechtbank uit 2014. Hierna is geen hoger beroep meer mogelijk. De hoogte van de schadevergoeding moet nog wel worden vastgesteld en zal per nabestaande verschillen. Het gaat om een deel van de gederfde inkomsten die de vermoorde mannen bij leven hadden kunnen verdienen.

De vermoorde mannen zijn onderdeel van een groep van circa zevenduizend Bosnische mannen en jongens die in juli 1995 zijn vermoord in Srebrenica. Het is de grootste genocide in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog.

Het hof oordeelt dat Nederland aansprakelijk is voor de dood van 350 van deze mannen, omdat zij een veilig heenkomen zochten op de basis van de militairen (de 'compound'), maar uiteindelijk werden zij afgevoerd. Dit gebeurde wel met goede bedoelingen, denkt het hof.

De 350 Moslimmannen verbleven samen met enkele duizenden vrouwen, kinderen en ouderen onder 'erbarmelijke' omstandigheden op de compound. 'Het was erg warm en er was te weinig water en voedsel om al deze mensen op te vangen', aldus het hof. Aangezien zij werden omsingeld door gewapende Bosnische Serviërs, was er geen aanvoer van proviand mogelijk.

Schadeclaim

Vandaag wordt door een groep Dutchbat-veteranen een schadeclaim van in totaal 4,5 miljoen euro ingediend tegen de Nederlandse Staat omdat de militairen destijds op een 'onmogelijke missie' zouden zijn gestuurd. De veteranen eisen ook eerherstel en excuses.

Inschattingsfout

In de ogen van de Nederlandse VN-blauwhelmen- Dutchbat genaamd - deden zij er goed aan om de Serviërs te helpen met de evacuatie van vluchtelingen. Dutchbat dacht in eerste instantie dat de Moslimmannen zouden aankomen in veilige opvangkampen waar wel genoeg water en voedsel was.

Het hof oordeelt hard over die inschattingsfout van Dutchbat: 'Door de mannen zonder meer van de Nederlandse compound te laten vertrekken is hun een kans op leven ontnomen', oordeelt het hof. Dutchbat kon op de avond van 12 juli 1995 weten of hád moeten weten, vindt het hof, dat de Moslimmannen 'een reële kans hadden op een onmenselijke behandeling of executie'. Zo meldden meerdere getuigen dat de Moslimmannen niet aankwamen op de veilige locaties en dat zij gevaar liepen. Op dat moment had Dutchbat hun hulp aan de evacuatie moeten staken.

Salomonsoordeel

Daar staat tegenover dat Dutchbat niet alle schuld in de schoenen geschoven krijgt. 'Het hof zegt niet dat de evacuatie niet had moeten plaatsvinden', aldus persrechter Martine Honeé. 'Want door die evacuatie zijn wel duizenden ouderen, vrouwen en kinderen gered.' Zij kwamen wel degelijk terecht in de veilige opvangkampen. Dutchbat had de mannen wel 'de keuze moeten bieden om op de compound achter te blijven'.

Het hof benadrukt dat niet duidelijk is of de Moslimmannen het hadden overleefd op de compound. Het hof vermoedt dat de Serviërs desnoods met geweld waren binnengekomen om hen alsnog af te voeren. De kans op overleven wordt geschat op 30 procent. 'De Staat is daarom aansprakelijk voor 30 procent van de schade van de nabestaanden', staat in het vonnis. Hoe de 30 procent is berekend, is vaag. Persrechter Honeé: 'Het is een inschatting, dat is per definitie lastig.'

De advocaat van de nabestaanden, Marco Gerritsen, noemt het vonnis 'een salomonsoordeel'. De moeders wilden Nederland aansprakelijk stellen voor de dood van álle zevenduizend mannen die zijn omgebracht door Serviërs. Maar daar gaat het hof niet in mee. 'Enerzijds begrijp ik de teleurstelling van nabestaanden en moeders goed', zegt de advocaat. 'Anderzijds is dit wel degelijk een juridische dreun voor de Staat.' Hij hoopt nu een goede 'regeling' te treffen voor nabestaanden, 'zodat we dit juridisch kunnen afsluiten, ook al dragen mensen dit drama voor altijd met zich mee'.

Veteranen van Dutchbat III bezoeken de ceremoniële begraafplaats tegenover het kamp van het voormalig hoofdkwartier van Dutchbat in Potocari bij Srebrenica. Beeld anp

'Voor ons eindigt dit nooit'

De reactie van de moeders en andere nabestaanden op de uitspraak is hartverscheurend. Na afloop van de zitting begint een van de moeders te schreeuwen. Met tranen in haar ogen vertelt Gurdic Ramiza (inmiddels 65 jaar) later hoe zij haar man, twee zonen en vier broers verloor. In haar ogen zijn zij 'afgevoerd door Dutchbat': 'Een zoon was nog niet eens 18 jaar. Een kind nog! De rechter heeft gelijk dat Dutchbat ze had moeten beschermen.'

Afsluiting zal er voor haar en de andere moeders nooit zijn. Ook al lijkt de rechtszaak na 22 jaar eindelijk ten einde te komen.'Voor ons eindigt dit nooit', zegt Ramiza huilend. 'Ze zijn allemaal dood.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.