Nederlandse rechters huilen niet

Gastcolumn: Miek Smilde

Ze dringen rond 22.30 uur het huis binnen via de tuindeur. De vrouw gilt. Drie overvallers zijn het, ze dragen vuurwapens. Ze springen op de rug van de man, dwingen hem op zijn knieën en boeien hem met tiewraps. Ze vragen de vrouw naar de code van de kluis. Twee van hun drie kinderen worden wakker, een jongen van 13, een meisje van 8. Als ze naar beneden komen, suggereren de overvallers dat het om een oefening gaat voor papa's werk. De kinderen moeten hun mond houden en bij hun moeder op de bank gaan zitten.

De man wordt ondertussen op zijn bed vastgehouden, de vrouw moet later naast hem liggen, ook geboeid, beiden op hun buik. De kinderen worden naar de kamer van het meisje gestuurd. Zij verklaart later dat een van de overvallers tegen haar en haar broer zegt: 'Als de wekker op de 31 staat, mogen jullie je ouders losknippen.' Als de politie de kinderen na middernacht aantreft, in pyjama en met betraande ogen, heeft de jongen een kleine schaar in zijn hand. Daarmee kon hij zijn ouders losknippen.

Bij het lezen van die laatste zinnen schiet een van de rechters vol. Op zijn netvlies staan de kinderen, in pyjama, met de schaar. Zijn stem slaat over en hij krijgt tranen in zijn ogen.

Eén traan rolt over zijn wang.

Beeld anp

'Vooringenomen,' oordeelt mr. Cantarella, advocaat van een van de verdachten. Hij wraakt de huilende rechter. Wie overmand wordt door emoties kan niet onafhankelijk en onbevooroordeeld oordelen, vindt de advocaat.

Nog diezelfde dag oordeelt de wrakingskamer dat de rechter in kwestie door het tonen van zijn emoties niet de schijn heeft gewekt vooringenomen te zijn. De rechter mag op de zaak blijven zitten. De cliënt van Cantarella wordt uiteindelijk veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf.

Nederlandse rechters huilen zelden of nooit. Het past niet bij hun professie om emoties te tonen. Wie huilt, verliest zijn vermogen om rationeel te oordelen, is de achterliggende gedachte. In de rechtszaal moeten emoties daarom zoveel mogelijk worden geweerd of onderdrukt. Het was een van de redenen waarom veel juristen destijds tegen het spreekrecht van slachtoffers waren. Als moeders van vermoorde kinderen aan het woord zouden komen, hield niemand het meer droog. Wraak, het emotionele zusje van de gerechtigheid, zou daarmee de overhand krijgen. Daar schoot de rechtsstaat niets mee op.

Inmiddels is het tien jaar geleden dat het spreekrecht werd ingevoerd en zijn huilende rechters nog steeds een unicum. Wel wordt in toenemende mate erkend dat het strafrecht eigenlijk niets anders dan gestolde emotie is. De wrakingsactie van mr. Cantarella ten spijt, weten veel advocaten heel goed hoe zij de gevoelens van het publiek moeten bespelen en welke media daar geschikt voor zijn. Journalisten zijn namelijk dol op emoties. If it bleads, it leads, is een oude journalistieke wet. Iets met seks, dood en kinderen verkoopt altijd.

Ook sommige officieren van justitie drukken feilloos op de blauwe plekken van de samenleving. De huidige staatssecretaris van Justitie, Fred Teeven, is er het beste voorbeeld van. Als er een iemand is die de hartslag van wraaklustig Nederland aanvoelt, is het Teeven wel. Niet voor niets wil hij het spreekrecht voor slachtoffers uitbreiden, zodat zij ook iets kunnen zeggen over de hoogte van de straf die iemand verdient. Roepen dat iemand de elektrische stoel moet krijgen, lucht op. Je krijgt er alleen je kind niet mee terug.

Nederlandse rechters hebben de vrijwel onmogelijke taak om al deze heftige gevoelens en het bespelen daarvan tot de rationale proporties van de wet terug te brengen. Dat doen zij per definitie nooit goed. De rechter die de veroorzaker van een dodelijk verkeersongeluk veroordeelt tot een werkstraf, omdat niet kan worden bewezen dat hij te hard of dronken heeft gereden, krijgt een stoel naar haar hoofd. De rechter die volschiet bij de gedachte aan twee jonge kinderen in pyjama wier ouders gekneveld op bed liggen, wordt gewraakt. Rechters worden er vaak van beticht dat ze wereldvreemd en elitair zijn, veel te laag straffende toga's zonder hart. Laten ze die menselijkheid wel zien, dan zijn ze opeens niet professioneel.

Beeld anp

Koningin zijn is makkelijker. We houden van Máxima's lach, maar nog veel meer van haar tranen. Het maakt haar menselijk. Soms is huilen wel professioneel.

Miek Smilde is schrijfster en onderzoeksjournalist. Bij de Arbeiderspers verschenen haar roman Gloria in excelsis Deo (2013) en het boek Raarhoek (2011) over de geschiedenis van de psychiatrie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.