‘Nederlandse natuur gaat goede kant op’

Drie ecologen willen vrijdag, op Wereldbiodiversiteitsdag, graag hardop vaststellen dat het de goede kant op gaat met de natuur in Nederland.

‘Het gaat de goede kant op met de natuur in Nederland.’ Zo, dat is eruit. Helias Udo de Haes, emeritus hoogleraar aan het Centrum voor Milieuwetenschappen van de Universiteit Leiden (CML), verwacht dat ‘we heus op onze donder krijgen’ voor deze positieve stelling op Wereldbiodiversiteitsdag. ‘Maar dat moet dan maar; de discussie is de moeite waard.’

Opgaande lijn
Udo de Haes en zijn collega’s Geert de Snoo en Wil Tamis stellen dat er sprake is van ‘een opgaande lijn’ in de Nederlandse natuur. Geert de Snoo: ‘Het omslagpunt is bereikt. Na jaren van achteruitgang gaat het nu in ons land in veel opzichten beter. Dankzij de maatregelen van tientallen achtereenvolgende jaren. En dankzij het werk van natuurbeschermers. Die positieve boodschap moet nu maar eens naar buiten.’

Dat doen ze zo nadrukkelijk, de drie ecologen, omdat ze zich ergeren aan de voortdurende ‘jobstijdingen’, de ‘negatieve boodschappen’ van ‘natuur- en milieubeschermers en ook beleidsambtenaren’. Jobstijdingen die het maatschappelijk draagvlak voor natuurbescherming ‘ondergraven’, vooral omdat ze niet vallen te rijmen met ‘de vele successen’ die aantoonbaar zijn geboekt.

Natuurwaarde-index
De druppel voor Udo de Haes, De Snoo en Tamis was de Monitor Duurzaam Nederland 2009, die het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) begin dit jaar publiceerde. Aan de hand van een ‘natuurwaarde-index’ kwam het adviesorgaan van de regering tot de conclusie dat in Nederland nog maar ‘15 procent van de oorspronkelijke biodiversiteit’ over was. ‘De biodiversiteit holt achteruit’, concludeerde adjunct-directeur Fred Langeweg van het PBL.

Helias Udo de Haes: ‘Het heeft weinig zin om te vergelijken met het jaar 1900. Je moet kijken naar de ontwikkeling van de laatste 25 jaar. Dan kom je tot heel andere conclusies.’

Moerasvogels
Feiten zijn, aldus de Leidse biologen, dat het aantal broedvogels in Nederland de laatste 25 jaar is gestegen en dat er in de laatste eeuw tweemaal zoveel plantensoorten bij zijn gekomen dan er zijn verdwenen. Het gaat goed met roofvogels, moerasvogels en stadsvogels. Bevers en otters zijn met succes geherintroduceerd, met amfibieën en reptielen gaat het veel beter en alles wijst erop dat het met de zoogdieren de goede kant op gaat. Ook het areaal aan natuur neemt toe en de kwaliteit van water en lucht is sterk vooruitgegaan. Geert de Snoo: ‘Dit goede nieuws moet je uitdragen. Dan krijg je ook meer draagvlak voor je beleid.’

Maar hoe kan het dat het planbureau tot heel andere conclusies komt? Udo de Haes: ‘De natuurwaarde-index van het planbureau meet de gemiddelde soortenrijkdom van natuurgebieden op lokaal niveau. Op zichzelf een goede methode, maar de landelijke dimensie ontbreekt. Kraanvogels, lepelaars, zeearenden, ooievaars en vele ander soorten komen daarin niet tot hun recht. Dat is raar.’

Geert de Snoo: ‘Op landelijk niveau is de trend positief.’

Hoogveen
Wil Tamis: ‘Ook veel soorten gebieden zijn hersteld. Het hoogveen in Drenthe, dat is geweldig. Er is meer bos, en het gaat beter met moerassen, met vennen in heidegebieden en met plassen in de duinen. Alleen met de natuur in het landbouwgebied gaat het echt nog steeds niet goed.’

Maar de signalen uit de natuur- en milieuwereld blijven ‘over de hele linie negatief’. De Snoo: ‘Met slecht nieuws krijg je meer aandacht. En veel organisaties denken: als we roepen dat het slecht gaat, krijgen we meer geld.’

Epibreren
Udo de Haes: ‘Uit de jaarlijkse gegevens van SOVON over de vogelstand blijkt dat er meer soorten broedvogels in aantal zijn toegenomen dan afgenomen. Maar dan gaan ze bij SOVON epibreren, zoals Simon Carmiggelt dat noemde, en vervolgens brengen ze naar buiten dat het slechter gaat.’

Er speelt ook een psychologisch punt mee. Udo de Haes: ‘Voor veel biologen geldt: als het slecht gaat met een soort, komt dat hard aan; als het goed gaat, is dat vanzelfsprekend. Het doet dus pijn dat het slecht gaat met de veldleeuwerik. Maar dat er zo veel buizerds zijn, vinden we normaal.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden