Nederlandse lidwoorden zijn een ramp

Afra Vestering, logopediste bij de praktijk voor logopedie Amsterdamse Poort:..

'Ik adviseer Máxima om naar school te gaan en dáár Nederlands te leren. Laat het niet over aan mensen uit je directe omgeving. Degenen die dat doen, krijg ik dus in mijn praktijk. Ontwikkelde, intelligente mensen. Komen hier en denken dat ze het zelf wel kunnen, maken zich het Nederlands meester, maar niet heus. Spreken hun eigen, verstoorde Nederlands. Het is een hele klus om dat terug te draaien. Máxima moet dus echt deskundige hulp inroepen.

'Tijdens de taalles krijgt ze te maken met semantiek, dus de inhoud, woordenschat, morfologie, dus de grammaticale zaken, en syntaxis, de zinsbouw. En dan heb je nog het taalgebruik, de pragmatiek. En dan begint de ellende. Of nou ja, voor Máxima waarschijnlijk niet want ik heb gehoord dat ze heel intelligent is. Maar goed, Spaanstaligen hebben er bijvoorbeeld vaak moeite mee dat Nederlanders in zogenaamde verzwegen betekenissen praten. Bijvoorbeeld: regende het maar niet. Buitenlanders nemen dat vaak letterlijk, die denken dus dat het niet regent. Je moet maar net snappen dat het wel regent.

'Dan de vorm, die bestaat uit zinsbouw en grammaticale zaken. Wat echt lastig is voor Spaanstaligen is de geen-niet-kwestie. Wanneer gebruik je geen en wanneer niet? Máxima zal misschien zeggen: dit is niet huis, in plaats van dit is geen huis.

'Verder zijn de lidwoorden een rámp. Als je de lidwoorden fout doet, zul je aansluitend de aanwijzende voornaamwoorden fout doen, en ook de betrekkelijke voornaamwoorden. Het, bijvoorbeeld in de zin: het huis dat mooi is, is gekoppeld aan dat en dit. Je kunt niet zeggen: het huis die mooi is. Bij de, die en deze geldt hetzelfde verhaal. Daarvoor bestaan wel wat ezelsbruggetjes. Het, dat en dit eindigen bijvoorbeeld alledrie op een t. En de, die en deze op een e.

'Bij die morfologische kwesties heb je ook nog het probleem van er. Máxima zal zeggen: ik zie mooi uit, in plaats van ik zie er mooi uit. Die er is een heel verhaal op zich. Je gebruikt 'm als plaatsbepaling, maar ook als toevoeging van een voorzetsel. Hópeloos. Daar moet ze echt hard op studeren en veel trainen.

'Bij de articulatie heb je natuurlijk de h-g-kwestie. Huis wordt guis. En woorden die beginnen met een s, krijgen bij Spaanstaligen vaak een e ervoor. Escuela, school, wordt èschool. Dit soort interferentiefouten, waarbij de eigen taalregels op de andere taal worden toegepast, maken ze vaak.

'Natuurlijk leer je een taal door hem veel te spreken, maar er moet wel iemand zijn die Máxima daarin ondersteunt. Iemand die de regels kent. Een willekeurige leerkracht kent die regels niet. Als je niet gewend bent om met niet-Nederlandstaligen te werken, weet je bijvoorbeeld niet dat het, dit en dat een onderling verband hebben.'

Erzo Luttmer uit Enschede was eind jaren vijftig en begin jaren zestig stuurman op de grote vaart naar Zuid-Amerika. Hij bracht meer tijd door in Buenos Aires dan in zijn toenmalige woonplaats Zwijndrecht en bewaart goede herinneringen aan Argentinië. Luttmer waarschuwt Máxima: 'Beste Máxima, weet wat je doet door hier naar toe te komen. Ik zou wel terug willen zwemmen naar Argentina, maar mijn vrouw, kinderen en kleinkinderen willen niet mee.' Hij heeft een 'strikt vertrouwelijk' advies voor Máxima: 'Ik denk dat Kok (Sí: El Jefe Ministro) de bevoegdheden van je a.s. schoonmoeder (met het oog op je vriend en a.s. koning) wil inperken. Treur er niet om, het geeft WA minder stress.' Volgens Luttmer moet Máxima er voor zorgen dat Willem-Alexander ruzie krijgt met zijn moeder. 'Verleid hem om met jou in República Argentina te gaan wonen op een fraaie Estancia, een paar wijngaarden in de Mendoza en een leuk jacht aan de donkerblauwe oceaan van de Atlantische kust (de la Plata is te zanderig bruin zoals je weet).'

Niet iedereen ziet de vriendschap tussen de kroonprins en Máxima zitten. L.J. Pouw uit Deventer heeft 'er absoluut geen vrede mee, dat zij dochter van een helper van de dictator en moordenaar Pinochet in onze koninklijke familie terechtkomt'. Pouw kan gerust zijn: de Chileen Pinochet en de Argentijnse Máxima zijn buren, geen landgenoten.

Harrie Kiekebosch vindt dat Máxima tijdens haar inburgeringscursus vooral ook de streek Salland moet bezoeken. In officieel dialect schrijft hij: 'Wie bint hier zo oranje as ik weet niet wat. Als de koneginne op bezuuk kump stoade wie massaal an de weg te zwaaien.' Maar Salland heeft Máxima meer te bieden dan koningsgezindheid. 'As ze de protestantse geur van de koninklijke paleizen zat is kan e hier andere lucht kriegen.' Als Máxima heimwee krijgt, kan ze voor van alles in Salland terecht. De streek heeft opvallend veel gemeen met het Zuid-Amerikaanse land: 'In Argentinië hoalt ze ok völle schoapen en bint ze trots op hun Andesgebergte. Hebbe wie hier niet een schoapskooi op de Hoarlerberg?' Kiekebosch verwacht dat de Argentijnse wel langs zal komen: 'Ik goa de stoepe al vaste schrobben.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden