Nederlandse kerken

Wat zijn de mooiste kerken van Nederland? Bert Klei, oud-redacteur geestelijk leven van Trouw, en ds. Nico ter Linden van de Amsterdamse Westerkerk (waar hij volgende maand afscheid neemt) geven hun Top-10....

Bert Klei

'Dames, wij hóren hier niet'

Mijn belangstelling voor kerkgebouwen is járen her gewekt door het verhaal waarmee mijn moeder thuiskwam na een dagje-uit met de christelijke vrouwenclub van ons zeer protestants dorp. De dames waren met een bus naar Haarlem gereisd om daar de Grote- of Sint Bavokerk te bekijken. 'De Sint Bavo', gaven ze op aan de chauffeur en deze reed regelrecht naar de kathedrale basiliek Sint Bavo. De voorzitster keek door het busraampje argwanend naar het exterieur: deze kerk zag er heel anders uit dan. . . Ze wipte de bus uit en de kerk in. Even later keerde ze lijkbleek terug in de bus. 'Het is een róómse kerk', riep ze huiverend, 'dames, wij hóren hier niet'

Of het reformatorisch gezelschap daarna ongerept Haarlemse hervòrmde Bavo heeft bereikt, weet ik niet - het zal wel -, maar ik werd nieuwsgierig naar die roomse Bavo. En toen ik in Amsterdam op kamers ging, heb ik snel een tochtje naar Haarlem gemaakt - met als gevolg dat de kathedrale basiliek nu op mijn lijstje staat. Over dit lijstje gesproken: de volgorde is willekeurig en wie vaststelt dat mijn genegenheid de negentiende eeuw geldt, heeft gelijk.

1. Nieuwe Kerk, Katwijk aan Zee (1887, arch. H.J. Jesse). Van buiten gaaf staal van neo-renaissance, van binnen weergaloos calvinistische ruimte, zonder flauwekul, alleen een zee van banken: voor de rechtzinnig-hervormde Katwijkers, wier luidkeels psalmgezang indrukwekkend tegen de witgepleisterde wanden ketst.

2. De Krijtberg, Singel, Amsterdam (1881-1883, A. Tepe). Hier tiert, in neo-gotische glorie, het rijke roomse leven nog welig. Onder de hoge gewelven gloeit in lichte schemer het goud van pralende altaren. Ach, wat mooi! Ach, wat rooms!

3. Gereformeerde Keizersgrachtkerk, Amsterdam (1888-1890, G.B. en A. Salm). Intiem interieur met twee galerijen op gietijzeren zuiltjes. Door steekkappen afgeschermde vensters verspreiden indirect licht. Het verhaal gaat dat Salm de gereformeerde aanvoerder Abraham Kuyper zeven gevelontwerpen liet zien en dat Kuyper de meest opzichtige uitkoos.

4. H.H. Agatha en Barbara, Oudenbosch (1867-1880, toegeschreven aan P.J.H. Cuypers). Een op iets minder dan de helft van de ware grootte gemaakte kopie van de Pieterskerk in Rome - hoe kòm je erop! En toen ik merkte dat een van de fiere zuilen een vermomde bezemkast was, ging ik volledig door de knieën.

5. Basiliek Sint Bavo, Haarlem (1895-1930, Jos Cuypers). Vooral de buitenkant is imposant: de twee torens, de machtige koepel, de stoet van kapellen. . . ze leveren met elkaar een vervoerend geheel op, dat duidelijk aangeeft: wij zullen de protestanten die in de zestiende eeuw onze Bavo aan de Grote Markt inpikten, eens een poepje laten ruiken!

6. Gereformeerde Plantagekerk, Zwolle (1874, J.W. Bosboom). Een brede zaalkerk met weinig poespas en een verrukkelijke ruimtewerking. Er hangt een sfeer van - hoe zal ik het zeggen - degelijke ruimhartigheid. Aan het gebouw is in de loop der jaren weinig geknoeid en het is nu een heus monument.

7. Sint Vitus (r.k.), Hilversum (1891-1892, P.J.H. Cuypers). Ik hoef gelukkig niet vaak naar het verre Hilversum, maar als ik er ben, werp ik altijd een zéér bewonderende blik op deze kerk, waarvan de bakstenen buitenkant wordt opgevrolijkt door banden van gekleurde steen - en in de trein had ik al goedkeurend geknikt naar de zwierige toren. (Er is in Hilversum nòg een Sint Vitus: neo-barok van en voor oud-katholieken.)

8. Oude Kerk, Zeist (1841-1843, N. Kamperdijk). Als Zeister lyceïst beweerde ik dat deze hervormde kerk Engels aandeed en dat je Miss Marple in de deuropening kon verwachten. Later praatte ik gewichtig over Engelse neo-gotiek en over pinakels - en nòg heeft deze lieve en deftige kerk een plekje in mijn hart.

9. Lutherse kerk, Kampen (1843, N. Plomp). Een portiek met zuilen zus, een kleine toren met zuiltjes zo. . . en nog meer van wat het neo-classicisme in huis had, vind je terug op en aan de gevel van deze parmantige kerk. Ik kijk er verlekkerd naar.

10. Sint Nicolaas, IJsselstein (1885-1887, A. Tepe). Een droom van een kerk. Trots en toegankelijk tegelijk. Tepe springt hier royaler om met neo-gotische vormen dan ooit. Vrij staat deze Sint Nicolaas te pronken in het vlakke land - en nu stop ik met mijn opgewonden lyriek, 't moet niet te gek worden.

Nico ter Linden

1. De Janskerk te Utrecht. Hij staat daar zo eerbiedig en stilletjes kerk te wezen aan het Janskerkhof, het mooiste plein van Nederland. En er staat een Amsterdams meisje op de stoep, in brons: Anne Frank.

2. Het kerkje aan de zee in Urk. Als Jezus aan de oever staat het daar. Het kerkje waar mijn grootvader dominee was. Grootvaders ketterse kleinzoon mag er de kansel niet op. Zonde.

3. De St. Jan in Den Bosch. Vroomheid van eeuwen in steen gestold. Je kunt er kaarsjes branden en de moderne zetel van de bisschop bewonderen, die ze daar moedig voor het pompeuze altaar hebben gezet, dichtbij het volk. Nu nog een moderne bisschop.

4. De kapel van de Pompekliniek te Nijmegen. Een kliniek voor gedetineerden met tbs. Voor gestoorde boeven, dus. Rondom de stoelen in de wat dieper gelegen eigenlijke kerkruimte is een rand met bankjes. Voor wie op afstand wil blijven, voor wie zo diep niet wil gaan, voor wie er weer makkelijk uit wil. God kerkt er graag.

5. De Kloosterkerk in Den Haag. Neêrlands statigste kerk, aan het Lange Voorhout. Er heeft nog een kanonnengieterij in gezeten. Met liefde en zorg gerestaureerd door de grote Kwint. Van hem heb ik er het vak geleerd. Er wordt goed gepreekt.

6. De hervormde kerk van Oyen (NB). Aan de Maas, onder aan de dijk. Bedehuis van mijn tweede gemeente. Nobele eenvoud. Alle protestanten van het dorp zag je er zondags in de kerk. Alle negen.

7. De remonstrantse kerk aan het Fnidsen in Alkmaar. Met zand op de vloer, een zandloper op de kansel en koperen kandelaars aan de banken. Een schuilkerkje, waar het nog steeds goed schuilen is.

8. De hervormde kerk te Aerdenhout. Vanwege het lef van architect Sijmons om midden tussen de villa's een betonnen kerk te bouwen en vanwege het lef van de villabewoners dit te laten gebeuren. En vanwege de mooie glaswand.

9. De hervormde kerk te Stompetoren (NH). De kerk met de stompe toren in het hartje van de Schermerpolder, mijn eerste gemeente, mijn eerste kerk. Met een slotgracht eromheen, en met koeien die rustig doorgrazen terwijl jij aan de andere kant van de sloot aan het begraven bent.

10. De Westerkerk in Amsterdam. De kerk met de ranke toren in het hartje van Amsterdam, mijn laatste gemeente, mijn laatste kerk. Kruising tussen een kathedraal en een bruin café. Ooit door ons voorgeslacht in vrome verkwisting gebouwd, net gerestaureerd, zodat hij er weer een eeuw tegen kan. Er is geen tapijtenhal in gevestigd, evenmin een moskee, nee, dit 'lichtdoorschenen lijf' (zoals Huub Oosterhuis de oude Wester bezingt) groeit en bloeit en biedt zowel zondags als door de week een hol voor de voet aan gediplomeerde gelovigen en aan amateurs. Zo zal het blijven!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden