nieuws privégegevens

Nederlandse jongeren beschermen privacy op smartphone beter dan ouderen

Apps vragen tijdens de installatie of ze toegang mogen hebben tot bijvoorbeeld foto’s of locatie. Hoe ouder en lager opgeleid de smartphonebezitter, hoe vaker hij blind toestemming geeft. 

Bij de jongste groep smartphonegebruikers (tot 25 jaar) weigert 79 procent apps weleens toegang tot informatie. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Iedereen die wel eens een app installeert, komt ze tegen: de popup-berichtjes waarin de maker van de app toestemming vraagt tot persoonlijke gegevens. ‘Wil je Facebook toegang tot je locatie geven terwijl je de app gebruikt’, staat er dan bijvoorbeeld. In kleinere letters legt – in dit geval – Facebook nog uit waarom het deze gegevens nodig heeft: ‘Facebook gebruikt deze informatie om relevantere en persoonlijke ervaringen te bieden, bijvoorbeeld door te helpen inchecken, lokale evenementen te vinden en betere advertenties weer te geven.’

Deze laatste belofte (‘betere advertenties’) laat glashelder zien waarom de makers van zo’n app zo happig zijn op informatie over de locatie. Hoe meer specifieke informatie ze van hun gebruikers hebben, hoe meer geld ze kunnen verdienen door die informatie beschikbaar te stellen aan adverteerders. Apps worden ‘gratis’ aangeboden, maar gebruikers betalen in dat geval met hun data.

Andere zaken waarnaar vaak wordt gevraagd tijdens de installatie zijn de foto’s (door socialmedia-apps als Instagram, Whatsapp of Twitter, of door Google Photo), camera, microfoon of contactpersonen. Tweederde van de Nederlandse bevolking tussen 16 tot 75 jaar heeft bij het installeren, of tijdens het gebruik van een app de toegang tot dit soort persoonlijke gegevens, weleens beperkt toegang gegeven of geweigerd. Dat meldt het CBS op basis van cijfers van Eurostat, dat hiernaar voor het eerst onderzoek deed. Vergelijkingsmateriaal met voorgaande jaren is er dus niet.

Tsjechië bungelt onderaan

Nederland behoort met dit percentage tot de top vijf van landen in de Europese Unie waar inwoners de toegang tot persoonlijke gegevens beperken of weigeren. Alleen in Frankrijk (77 procent), Duitsland (75 procent) en Zweden en Luxemburg (70 procent) zijn de inwoners voorzichtiger. Het EU-gemiddelde is 58 procent. Onderaan bungelt Tsjechië met slechts 24 procent. Er is geen onderzoek gedaan naar specifieke apps of specifieke informatie waar consumenten al dan niet toegang tot geven, zegt onderzoeker Maarten Bloem van het CBS in een toelichting.

Ook binnen Nederland zijn er duidelijke verschillen. Waar bij de jongste groep (tot 25 jaar) 79 procent weleens toegang weigert, is dat bij de oudste groep slechts 44 procent. Opvallend is ook dat bij de oudste groep maar liefst 21 procent überhaupt niet weet dat er een mogelijkheid is om toegang te weigeren tot bepaalde persoonlijke gegevens.

Bloem verbaast zich er niet over dat jongeren voorzichtiger zijn: ze zijn immers met smartphones en apps opgegroeid. Maar tegelijkertijd blijkt uit eerder onderzoek dat diezelfde jongeren juist geneigd zijn tot risicovoller gedrag. Bijvoorbeeld bij het gebruik van openbare wifinetwerken. Het beeld is dus niet eenduidig, aldus Bloem.

Hoog opgeleid

Verder signaleert het CBS dat hoogopgeleiden minder happig zijn om het zomaar toestemming verlenen dan laagopgeleiden. Overigens is het vaak noodzakelijk om die permissie te geven om apps hun werk te kunnen laten doen. Denk aan Google Photo die toegang tot de foto’s moet hebben. Of een bank-app die QR-codes moet scannen en dus toegang tot de camera moet hebben.

Anders is het voor de locatie. Veel apps wil toegang tot de locatie van smartphonebezitters omdat dit commercieel gezien zeer waardevolle informatie is. Dat een app als Uber of Google Maps de locatie moet weten, is logisch, maar bij Twitter of foto-app Snapseed al veel minder.

Zelf controleren

Geen man overboord voor de naïeve smartphonebezitter die blind overal op ‘OK’ heeft gedrukt en apps ongebreidelde toegang heeft geven tot de inhoud van zijn telefoontoestel. Toestemming kan namelijk altijd achteraf weer worden ingetrokken. Zowel iOS (via Instellingen, Privacy) als Android (Instellingen, Apps, tandwieltje, app-machtigingen) bieden de mogelijkheid om de rechten alsnog in te trekken. Het loont hoe dan ook om hier een kijkje te nemen en te zien welke persoonlijke gegevens precies worden gedeeld met welke apps. Zeker als het gaat om locatie is zo’n check overigens niet waterdicht; apps kunnen die informatie ook krijgen op basis van onder andere IP-adressen of wifiverbindingen. Tot slot bieden de grootste dataverzamelaars (Google en Facebook) tegenwoordig ook privacy-dashboards waarin hun gebruikers iets meer zicht krijgen op wat er allemaal van ze wordt verzameld. Op die manier proberen ze tegemoet te komen aan de felle kritiek die de laatste tijd klinkt vanwege het grote datagraaien waar hun bedrijfsmodel op gebaseerd is.

Meer over privacy

Column: Onze privacy wordt geschonden, elke dag, en het is helemaal niet nodig dat met post-apocalyptische complottheorieën te illustreren. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.