Nederlandse gezelligheidsverenigingen

DE NEDERLANDSE gezelligheidsverenigingen tellen samen 43.950 leden. De meesten van hen (ongeveer 35.800) studeren aan een universiteit, de overigen op een hogeschool....

De corpora (meervoud van corps) zijn de oudste verenigingen. Tot het begin van de negentiende eeuw stond 'corps' voor 'het geheel van studenten'. Naderhand ontwikkelden zij zich tot een aparte 'zuil' binnen het verenigingsleven.

De verenigingen hebben drie inkomstenbronnen: de omzet van drank, ledencontributie (variërend van enkele tientjes tot honderden guldens per jaar) en donaties van oud-leden. Ze zijn doorgaans niet erg mededeelzaam over de omvang van deze revenuen. Wie ernaar informeert, krijgt te horen: 'dat gaat u geen reet aan', 'ik vraag toch ook niet naar úw inkomen', 'dat is een bedrijfsgeheim' of: 'u kunt uw vragen schriftelijk aan ons voorleggen. We zullen er binnen een week op antwoorden.'

De meeste oude ('klassieke') verenigingen zijn eigenaar van hun sociëteit. Over de waarde van dit bezit of over de exploitatiekosten worden evenmin mededelingen gedaan. 'Het is geen molensteem om onze nek', is het enige dat een bestuurslid van het Delfts Studentencorps erover kwijt wil. Zijn Leidse collega: 'Ik weet echt niet wat dit pand waard is. Het zou best interessant zijn dat eens uit te zoeken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden