Nederlandse duinen bedreigd door Hollands Glorie

Het duinlandschap tussen Rockanje en Oostvoorne voert al tientallen jaren een gevecht tegen de opmars van de Rotterdamse haven. Een uniek reservaat, broedgebied van watervogels, waar de kievit baltst en de moerasgamander groeit....

DE DREIGENDE teloorgang van de moerasgamander in de duinen van Voorne is niet het soort catastrofe waar je de eco-charitas tonnen mee uit de zak klopt. Als het nu om een aandoenlijk of aaibaar beestje ging, waarmee een stukje merchandising zou kunnen worden neergezet, lag het verhaal anders.

Maar zo'n lullig en onooglijk snippertje groen dat het gros van de wandelaars niet eens opmerkt als ze het verpletteren onder hun schoenen? Jan Timmermans, de 60-jarige opzichter, die voor stichting Het Zuidhollands Landschap het zeldzame duinengebied beheert, kan er nog wel degelijk wakker van liggen.

'Je kunt zeggen: och, het is maar een plantje. Zo'n houding vind ik beangstigend. Ergens snap ik het wel. Alles is marktgericht geworden. Ook natuurbehoud. Vroeger maakten ze zich bij die organisaties druk over aantallen vogels; nu over dollars. Als liefhebber van de natuur ligt me dat niet zo.'

Met Timmermans sop ik moeizaam door een natte duinvallei waar zelfs in de winter de klamheid zich als een te nauwe jas om de huid spant. Het is misschien wel de laatste troefkaart die het duin hier gegeven is; grondwater dat door de elementen zelf wordt gereguleerd. Galloway-runderen uit de Schotse Hooglanden en een kudde pony's uit IJsland houden er trappelend, knabbelend en grazend de vegetatie op peil. Met een veterinaire populatie van vijftien miljoen varkens en miljoenen koeien moeten we allochtoon vee importeren om een duingebied in authentieke staat te houden.

Wankelend ronden we in drie trage cirkels een steile helling. Beneden wijst Timmermans mij op de pootafdrukken van een ree die in het dichte struweel uit zicht raken.

De natuurgids is een echte rentmeester. Hij ontfermt zich over elk stukje afval dat hij tegenkomt, ook al moet hij soms bijna kniehoog het water in of weerbarstig struikgewas te lijf. Als ik hem probeer te volgen, raak ik verstrikt in het taaie duinriet; de woekeraar die gedijt bij zure regen en vervuiling.

Gaandeweg de wandeltocht door het golvende duingebied maakt Timmermans mij deelgenoot van het dilemma waar hij in zijn nadagen als conservator steeds vaker op vastloopt. Simpel gezegd: je kunt hier de natuur zijn Goddelijke gang laten gaan, maar dat is de snelste manier om het droevig lot van een van de mooiste natuurgebieden van West-Europa te bezegelen. De opzichter legt uit waarom: 'Het zelfherstellend vermogen van dit reservaat is weg. De duinen hier regenereren niet meer uit zichzelf. Daar is het gebied te klein voor. Ik beheer hier maar een truthoekje. Een bloempot, meer is het niet.'

Bij alle bespiegelingen over kunstmatig natuurbeheer zou je haast uit het oog verliezen dat de mensenhand op deze plek inmiddels ruimschoots meer genomen dan gegeven heeft. Het duinenlandschap tussen Rockanje en Oostvoorne leeft sinds vijftig jaar met een sluipmoordenaar in de achtertuin: de Rotterdamse Mainport die in zijn trage maar nadrukkelijke opmars de regie aan de zee ontnomen heeft en daardoor zorgt voor een ongewilde aantasting van het karakter van de omgeving.

Want juist die branding, dat rudimentaire spel van zout water, zilte wind en brandende zon, vormde tevoren de ruggengraat van het gebied en hield de zandverstuivingen open. Met als speciale omstandigheid dat de kustlijn bij Voorne een beetje terugwijkt, waardoor de ligusters en meidoorns er iets meer beschutting vinden voor aanlandige winden.

De aanleg van Botlek (1950) en Europoort(1960) waren slechts vingeroefeningen voor wat Voorne's Duin te wachten stond toen in 1973 de eerste Maasvlakte op de schop genomen werd. Die landwinning, een staaltje Hollands Glorie, completeerde het industriële complex van de Rotterdamse haven.

Planologen gooiden er recreatieplassen, ingenieus aangelegde binnenmeren, en andere vormen van natuurcompensatie tegenaan, maar dat woog niet op tegen de uitholling van het ecologisch fundament. Want de golfslag werd afgezwakt en de zeewind ging steeds vaker fluisteren in plaats van brullen. Het duin wachtte een eeuwigdurend gevecht tegen bossing en verhouting.

Voor wie er naar op zoek wil toont de kust van Voorne twee gedaanten. Natuur en vooruitgang. Bezuiden het Brielse en Oostvoornse Meer domineren rijke flora, zand en ruimte. Ten noorden van die waterbarrière stuit de wandelaar op de drukdoenerij die bij elke wereldhaven hoort: hijskranen, bergen van erts en steenkool, walmende schoorstenen, en veel, heel veel schepen.

Volgens Timmermans wordt die gespletenheid het duidelijkst zichtbaar op de hoogste duintop, een goeie kilometer links van de Brielse Gatdam. Klimmend langs het A.J. Bootpad is deze zandhoop te bereiken, maar het valt niet mee er te komen. Er staat vandaag een stevige bries en de mulle bodem werpt zoveel weerstand op dat ik het gevoel heb met zware gewichten aan mijn benen rond te tollen. Onderweg heb ik het heilzame effect van begrazing mogen aanschouwen. Rechts van het pad hebben de van ver gehaalde planteneters de oorspronkelijke openheid in het landschap teruggebracht door de begroeiing te millimeteren. Aan de andere kant wint stug helmgras het pleit.

Bovenop is een bescheiden uitkijkpost ingericht. Een wrakke houten bank en een paneel met allerlei weetjes over de omgeving. Een waterige zon prikt even door de nevel en legt een fletse kleur geel over de golvende duinrijen en het brede strand. Aan de andere zijde trekt een eigentijdse tegenhanger van dit traditioneel-rustieke beeld aan de kim voorbij: rookwolken, stofsluiers en het eeuwig vuur van de petrochemie.

Ook in de persoon van de terreinbewaker van stichting Het Zuidhollands Landschap vloeien de twee gezichten van Voorne samen. Een dikke twintig jaar terug was Timmermans zelf zo'n standaard-chemicus in de Botlek die meende dat het heil van de mensheid schuilging achter een scheikundige formule. Daarna kreeg het milieu hem in de greep. 'De volgende stap is dan dat je zelf een bijdrage aan de natuur wilt leveren.'

Milieuorganisaties vrezen een verdere kaalslag de komende jaren. Er wordt op hoog niveau al jaren gesteggeld over een nieuwe Maasvlakte die ten tweede male de ruimtenood van de Rotterdamse haven moet lenigen. Feitelijk is de vraag niet meer of, maar hoe, en hoeveel hectaren nieuw land nodig zijn: 1250, 2000?

En nog veel belangrijker: wordt het de zuidelijke variant die Voorne nog verder van open water zal afsluiten of valt de keuze op de noordelijke optie die uitbreiding behelst in de richting van Hoek van Holland? In de eerste situatie betaalt de natuurliefhebber het gelag. Het zeegat verwordt dan tot een trechter die een steeds zwakkere stroming zal doorlaten.

De verdere beteugeling van het getij zet het duinlandschap opnieuw op zijn kop. Door de grote verscheidenheid aan planten broedt nu nog zestig procent van alle Nederlandse vogelsoorten in het duin van Voorne. Watervogels vinden hier hun voedsel. Op de verstuivingen voert de kievit in het voorjaar zijn balts uit. De weelderige bossen in de binnenduinrand geven domicilie aan roofvogels, spechten en wielewaals.

ZO'N 750 hectare aangeharkte natuur krijgen de criticasters van de tweede Maasvlakte ervoor terug. Veel vis-, en zwemwater voor de Rotterdamse stadsmens en netwerken van fiets- en wandelroutes voor de extensieve recreant. Het is een zoenoffer in de ogen van Timmermans en de zijnen. 'Voorne's Duin verwordt tot een estuarium. We hadden een zee, en we krijgen er een rivier voor terug.'

Haastig voortstappend kruisen we het Locomotiefpad waarvan het kaarsrechte patroon aangeeft dat er ooit rails gelegen hebben. Hier reed in de oorlog de boemel naar de diep in het stuifzand verscholen Duitse communicatie- en commandobunkers, volgestouwd met honderden technici, afluisterapparaten en Funkgeräte. In dit zenuwcentrum van de Luftwaffe werden avond na avond de uit Engeland vertrekkende geallieerde luchteskaders uitgepeild, waarna de Messerschmidts op jacht werden gestuurd. Met de nederlaag in aantocht hadden de Duitsers hun radiografische waarnemingen zo geperfectioneerd dat ze er op 300 kilometer afstand een Lancaster-bommenwerper uit konden pikken.

Het pad is een zichtbaar overblijfsel uit het voormalige Sperrgebiet. Er moeten er veel meer zijn, maar waar? Na 1945 werd een deel van de ondergrondse gewelven in de duindalen ontmanteld. Zestig tot tachtig bunkers bleven echter ongemoeid. Zij voegden zich naadloos naar hun Umwelt.

Op het bosweggetje dat terug naar het bezoekerscentrum van Het Zuidhollands Landschap leidt, houdt Timmermans onverwacht stil. 'Luister', zegt hij. Van achter een guirlande van knoestige bomen komt in golven een monotone ruis aandreunen. Het klinkt als een enorme versterker die op één grondtoon doorzeurt. 'De branding? opper ik. De natuurvorser lacht minzaam om zoveel onbenul. 'De Maasvlakte natuurlijk. Er staan daar de hele dag honderdduizend pk's te draaien: de elektriciteitscentrale, de treinen, de petrochemie. En de containeroverslag natuurlijk; iedere minuut komt bij ECT een vrachtwagen aanrijden. Dát hoor je hier.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden