nieuws

Nederlandse ambassade in Kabul vroeg vergeefs om militaire steun

De Nederlandse ambassade in Afghanistan heeft in de aanloop naar de val van Kabul gevraagd om militaire bijstand, maar deze niet gekregen. Dit blijkt uit een bericht van 5 september, afkomstig van een diplomaat die werkte vanuit Kabul.

Augustus 2021: een rij wachtende Afghaanse vluchtelingen staat voor de laadklep van een Amerikaanse C-17 Globemaster III op Hamid Karzai International Airport in Kabul. Beeld AP
Augustus 2021: een rij wachtende Afghaanse vluchtelingen staat voor de laadklep van een Amerikaanse C-17 Globemaster III op Hamid Karzai International Airport in Kabul.Beeld AP

Het bericht maakt deel uit van 800 pagina’s aan vrijgegeven communicatie tussen het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag en de diplomatieke post in Kabul. De diplomaat reageert richting een ambtenaar op een concept ‘feitenrelaas Afghanistan’ dat het kabinet later die week aan de Tweede Kamer heeft beloofd. De auteur herinnert eraan dat het niet meer mogelijk was om de ‘taken’ van de ambassade ‘uit te voeren’ zonder de ‘gevraagde force protection’, maar dat dit gegeven is weggelaten uit het feitenrelaas.

De gevraagde militaire steun kwam uiteindelijk pas op woensdag 18 augustus aan, een paar dagen nadat de Taliban Kabul al hadden ingenomen. Dat was al te laat voor het eerste ambassadeteam ter plaatse. De plaatsvervangend ambassadeur had Kabul al op maandag 16 augustus verlaten ‘in het belang van de veiligheid van het gehele team’, aldus het feitenrelaas. ‘De lokale vertegenwoordiging van de VS had het Nederlandse team te kennen gegeven dat het de veiligheid van het team niet langer kon garanderen.’

In het eigen ‘veiligheidsplan’ van de ambassade - dat deels ook is opgenomen in de vrijgegeven documenten onder de naam ‘Overzicht indicatoren en maatregelen Kaboel in geval van een verslechterende veiligheidssituatie’ - staat dat er militaire ondersteuning nodig is op het moment dat ‘de regering Kaboel verlaat’ en de ‘chaos in de stad toeneemt'. Dat was reeds het geval op zondag 15 augustus.

Op het vertrek van de eerste ambassadeploeg kwam hevige kritiek van een aantal Kamerleden. In diverse media werd gesuggereerd dat de verantwoordelijke diplomaat ‘met de staart tussen de benen was vertrokken’. In werkelijkheid leidde het ontbreken van militaire steun er mede toe dat de ambassadestaf op stel en sprong Kabul moest verlaten.

Geen diplomatieke presentie

Het gevolg was dat Nederland twee dagen geen diplomatieke presentie had in Kabul, tot de vervangende, nieuwe ambassadeur op woensdag 18 augustus invloog met militaire beschermers. De 48 uur afwezigheid van Nederlandse vertegenwoordiging in Kabul was tot teleurstelling van de betrokken bewindslieden.

Volgens het feitenrelaas zagen zij het belang in om de ambassade open te houden ‘met tenminste een ambassadevertegenwoordiger en beveiliging om een goede overdracht aan een nieuw team mogelijk te maken en goed zicht te houden op zich ontwikkelende evacuatiemogelijkheden voor Nederlanders, lokaal personeel en tolken.’

Zowel de ingediende verzoeken om militaire bijstand als de reden waarom daar niet tijdig gehoor aan is gegeven, zijn uiteindelijk niet in het definitieve feitenrelaas terechtgekomen. Ze zitten ook niet bij de 800 pagina’s correspondentie die onder andere minister Ben Knapen van Buitenlandse Zaken heeft vrijgegeven.

‘De vraag is dan ook op welke basis dit feitenrelaas is vastgesteld?’, stelt de auteur in zijn/haar mail aan Buitenlandse Zaken. De tekst is ‘helaas onvolledig’. De auteur constateert ook dat het relaas hierdoor de indruk wekt dat Den Haag geen zicht had op de risico’s die het ambassadepersoneel in Kabul liep, terwijl er ‘frequente rapportages’ waren.

Deze onthulling is opmerkelijk omdat minister Knapen dinsdag in antwoorden op Kamervragen van Kati Piri (PvdA) en het Kamerlid Pieter Omtzigt schreef dat de ambassade pas op maandag 16 augustus, dus nadat Kabul in het weekeinde was gevallen, heeft ‘aangeraden om militaire capaciteit beschikbaar te stellen voor extra bescherming.’ Daarna heeft de minister van Defensie pas opdracht gegeven aan militairen om te vertrekken.

Militaire bijstand noodzakelijk

De verzoeken om militaire bijstand speelden een belangrijke rol bij de evacuatiepogingen van diverse westerse landen in de dramatische dagen rondom de val van Kabul. Op vrijdag 13 augustus was het al duidelijk dat de situatie in Kabul zeer onvoorspelbaar werd en begonnen westerse ambassades noodmaatregelen te treffen om te evacueren. Ook Nederland deed dat.

Vertegenwoordigers van Navo-landen in Kabul kwamen bijeen om de situatie te bespreken. Daarin is hoogstwaarschijnlijk ook gesproken over de aanstaande beëindiging van de eerder door de VS afgegeven garantie dat andere ambassades beveiligd zouden worden.

Duitsland besloot mede daarom op zaterdag 14 augustus, de dag dat minister van Defensie Bijleveld naar de film De Slag om de Schelde ging, 600 militairen naar Kabul te sturen. Deze kwamen de maandagavond daarna aan, waardoor de Duitsers vanaf het vliegveld konden blijven werken – net als de Fransen en Britten die ook hun eigen militaire versterking op het vliegveld hadden.

Nederland had die niet. Het restant van het ambassadeteam dat vanaf de zondagmorgen vanaf een provisorisch kantoor op het vliegveld werkte, werd slechts bijgestaan door enkele persoonsbeveiligers van de Koninklijke Marechaussee die op de gevaarlijkste diplomatieke posten in de wereld voor beveiliging zorgen. Via deze kanalen is er - net als via de militaire adviseur op de post - al die tijd ook rechtstreeks contact geweest met Defensie over de benodigde hulp.

Overleg

In het weekend van de val van Kabul is er op ambtelijk niveau veel overleg gevoerd over de vraag wat te doen, zeggen betrokkenen. Zaterdag 14 augustus was er tussen de betrokken ministers en premier Rutte een ad-hoc bewindsliedenoverleg, meldt het feitenrelaas. Die dag vertrok een verbindingsofficier van Defensie naar Pakistan om ‘eventuele evacuatie via Islamabad’ voor te bereiden. ‘Defensie geeft aan militaire middelen in te kunnen zetten voor evacuatie en meldt dat daartoe ook alle mogelijke capaciteiten beschikbaar worden gehouden.’

Een bron binnen Defensie bevestigt dat ook de special forces klaar stonden en ‘popelden van ongeduld’ om dat weekend naar Kabul gestuurd te worden. ‘Hier doe je het vak voor, mensenlevens redden.’ Maar een besluit om militairen te sturen viel niet in die dagen, tussen de film en minister Kaags etentje met de oppositie door. Dat gebeurde pas op de maandag, toen de Nederlandse vertegenwoordiging het vliegveld van Kabul moest verlaten - net als andere westerse landen die op dat moment geen versterking in aantocht hadden.

Knapen krijgt steun voor aanpak evacuatie

Het grootste deel van de Tweede Kamer lijkt zich achter het beleid van minister van Buitenlandse Zaken Ben Knapen te scharen. Hij belooft ‘het uiterste te doen’ om nog veel Afghanen die voor Nederland werkten in Nederland te krijgen, maar bakent die groep tegelijkertijd op allerlei manieren af.

Kati Piri (PvdA), de afgelopen maanden een van de belangrijkste critici van het kabinet inzake Afghanistan, toonde zich woensdag in een debat tevreden dat ‘de minister zegt zich onomwonden in te zullen spannen om Afghanen die in doodsnood zitten hierheen te halen. Ook vanuit de oppositie mag je dan zeggen: een goede stap.’

Dat de zogeheten motie-Belhaj, die beoogt alle Afghanen die met of voor Nederland werkten naar Nederland te halen, wordt afgebakend door de introductie van criteria die niet in die motie genoemd worden, werd ontkend door Salima Belhaj (D66) zelf. Zij wees erop dat die criteria alleen gelden voor de pogingen deze Afghanen actief naar Nederland te halen, niet voor hun recht op asiel.

Knapen zei dat gekeken is naar wat ‘realistisch, mogelijk en haalbaar’ is en dat er ‘geen deadline’ is. ‘Dit moet gebeuren tot het klaar is.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden