Nieuws

Nederlands schip in Haïti aangekomen voor noodhulp: nadruk ligt op drinkwater

Het Nederlandse marineschip Zr. Ms. Holland is zaterdagochtend aangekomen in Haïti. Een week na de zware aardbeving gaan de 99 bemanningsleden aan wal om noodhulp te verlenen. Kapitein-luitenant ter zee Harald van Rijn, commandant op het marineschip, sprak met de Volkskrant: ‘Op basis van wat we tot nu hebben gezien, is de hulp hard nodig.’

In Les Cayes worden noodrantsoenen uitgedeeld aan slachtoffers van de aardbeving. Beeld AFP
In Les Cayes worden noodrantsoenen uitgedeeld aan slachtoffers van de aardbeving.Beeld AFP

Met ruim 58 duizend flesjes water en noodrantsoenen aan boord en een helikopter om al die spullen op het vasteland te krijgen, is de Zr. Ms. Holland aangekomen voor de kust van Haïti. Het patrouilleschip ligt op zee ter hoogte van het plaatsje Baradères. Aanmeren is geen optie. ‘Dat kan eigenlijk alleen in Port-au-Prince’, zegt commandant Van Rijn.

Juist in Port-au-Prince, de hoofdstad van Haïti, viel de schade mee toen vorige week zaterdag rond half 9 ’s ochtends een enorme schokgolf door het land ging: een aardbeving met een kracht van 7.2. Zwaar genoeg om ook buurlanden Cuba en Jamaica wakker te schudden.

Het epicentrum van de beving bevond zich 150 kilometer ten westen van Port-au-Prince, vlak bij de zwaar getroffen kustplaatsen Jeremie en Les Cayes, en vlak bij Baradères waar de Nederlandse militairen nu zijn aangekomen. Zelf is commandant Van Rijn nog niet van boord geweest, maar de eerste berichten die binnenkomen van zijn bemanning ter plekke bevestigen wat ze al verwacht hadden: ‘De nood is hoog.’

Door de zware beving kwamen zeker 2.189 mensen om het leven. Duizenden mensen raakten gewond. De Verenigde Naties melden dat 135 duizend gebouwen zijn ingestort en volgens het Rode Kruis zouden 800 duizend Haïtianen getroffen zijn door de ramp.

De aardbeving is een zware klap voor het straatarme land, dat nog niet eens bekomen was van de vorige aardbeving, in 2010, toen tussen de 100 duizend en 300 duizend mensen omkwamen. Destijds lag het epicentrum van de beving op 25 kilometer van Port-au-Prince, en was de verwoesting in de hoofdstad enorm. De chaos in het land was onlangs nog verergerd door de moord op president Jovenel Moïse.

Drugsbestrijding

De ‘Holland’ is het eerste Nederlandse schip dat ter plaatse komt sinds de ramp zich voltrok. ‘Het is wel even schakelen voor ons’, vertelt Van Rijn. Vorige week werd het marineschip nog ingezet voor drugsbestrijding in het Caribische zeegebied en een paar dagen later stond de bemanning hulpgoederen in te laden op Curaçao. ‘Maar we zijn blij met deze opdracht. Het is een heel dankbare taak om hulp te kunnen verlenen.’

De eerste verkennende patrouilles zijn voltooid. Er is een steiger gevonden waar kleinere boten kunnen aanmeren om water en voedsel aan land te brengen. ‘Er hangt een gelaten sfeer’, vertelt Van Rijn. ‘De bevolking maakt het goed, naar omstandigheden.’ Lokale vissers, bijvoorbeeld, zijn weer aan het werk gegaan. ‘Zij moeten ook gewoon eten.’

Hoewel ze voor het verlenen van eerste medische hulp te laat zijn, vindt Van Rijn dat Nederland snel gehandeld heeft. ‘Je moet sowieso altijd wachten op de hulpvraag van het land. Het moet duidelijk zijn waar die vraag ligt.’ Nu is vooral schoon drinkwater hard nodig, denkt Van Rijn. De waterputten zijn niet meer bruikbaar. Gelukkig kan het marineschip zelf per dag zo’n 35 duizend liter schoon water maken, wanneer de voorraad waterflesjes opraakt.

Geplunderd

Zaterdagmiddag, lokale tijd, is de bemanning begonnen met het leveren van de eerste hulpgoederen, wat niet overal even gemakkelijk gaat. ‘Als je noodhulp verleent, komen mensen daar vaak massaal op af. Om dat in goede banen te leiden, willen we contact leggen met lokale bestuurders.’ Ook zouden er bendes actief zijn in het land, die steunpakketten en rantsoenen voor zichzelf inpikken. Vrijdag werd in de buurt van Les Cayes in het zuiden van het land een konvooi met hulpgoederen geplunderd.

Behalve de ‘Holland’ liggen ook Engelse en Franse marineschepen voor de kust. Het Rode Kruis en de Amerikaanse troepen zijn al sinds vorige week aanwezig.

De hele operatie wordt aangestuurd vanuit Port-au-Prince, waar de coördinatiecentra van de Europese Unie, de Joint Task Force Haiti en de Caribbean Disaster Emergency Management Agency (CDEMA) zitten. Onderling worden plannen afgestemd. ‘Wij helpen bij het zoeken naar een plek voor een noodziekenhuis’, zegt Van Rijn. Het ziekenhuis in Baradères is – net als vele woningen – ingestort. ‘En als we een geschikte locatie hebben gevonden, moeten we alle materialen er nog krijgen.’

Aan boord van het marineschip zijn alle legeronderdelen vertegenwoordigd, zegt Van Rijn: ‘Landmacht, luchtmacht, marine en de marechaussee. Wat dat betreft hebben we een sterk team.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden